Muzikantenband klinkt in Arnhem niet zo goed als op plaat; Toto toont hardrock-kant in Rijnhal

Concert: Toto. Bezetting: Steve Lukather (gitaar, zang), Mike Porcaro (bas), David Paich (toetsen, zang), Simon Phillips (drums), Chris Trugino (percussie), John James, Jenny Douglas en Donna McDaniels (zang). Gehoord: 29/9 Rijnhal, Arnhem. Herhaling: 3,4 en 19.10 Ahoy, Rotterdam, 1/11 Thialf, Heerenveen, 2/11 Maaspoort, Den Bosch.

De genre-aanduiding Adult Oriented Rock (AOR) is de muzikanten van Toto op het lijf geschreven. De groep uit Los Angeles richt zich op een volwassen publiek en voldoet aan de vraag naar beheerste rockmuziek, ontdaan van scherpe kantjes door het enorme vakmanschap van de individuele groepsleden. Toto werd vijftien jaar geleden opgericht door een clubje van veelgevraagde sessiemuzikanten, die hun sporen verdienden op platen van Steely Dan, Boz Scaggs en Michael Jackson.

Zanger Bobby Toteaux leverde in eerste instantie de groepsnaam, maar na diens vertrek hield men het erop dat Toto het hondje was uit The Wizard Of Oz.

Toto maakte naam als een muzikantenband, geoefend in technische perfectie en knap geconstrueerde popsongs. Ondanks het komen en gaan van leadzangers, had de groep een reeks herkenbare hits als het pompeuze Africa, de radiovriendelijke rocker Hold the line en Rosanna, een ode aan actrice Rosanna Arquette. Terwijl de groepsleden tamelijk anoniem bleven, werd hun in 1990 verschenen verzamelalbum Past to present een van de best verkochte platen sinds de introductie van de compact disc, naast kassuccessen van marktleiders als Dire Straits en Pink Floyd.

De oudere jongeren die massaal naar de Arnhemse Rijnhal waren gekomen in de verwachting dat de gepolijste muziek uit de huiskamerinstallatie gereproduceerd zou worden, kwamen bedrogen uit. in navolging van het laatste album Kingdom of desire werd vooral de hardrock-achtige kant van Toto benadrukt, met uitstapjes in de richting van een voorzichtige vorm van speedmetal en eendimensionale boogie à la ZZ Top. Nadat eerder dit jaar drummer Jeff Porcaro overleed, naar verluidt door een opmerkelijke combinatie van cocaïnegebruik en het opsnuiven van insecticiden bij het werken in de tuin, heeft gitarist Steve Lukather ruim baan om zich als blikvanger te ontplooien. Een echte zanger zit er niet meer bij en omdat zijn rauwe stemgeluid nogal bleekjes afsteekt tegen de kleurrijke partijen van zijn voorgangers, leunt hij sterk op zijn driekoppig achtergrondkoor. Tot overmaat van ramp ontpopte toetsenman David Paich zich als een valse kraai, die het succesnummer Africa al krassend om zeep hielp.

Toto staat bekend om de enerverende marathonconcerten uit het verleden. In Arnhem werd echter veel tijd gerekt met pretentieuze symfonische passages, een overbodige drumsolo en een "akoestische set" die eigenlijk niet akoestisch mocht heten, omdat de synthesizer en de foeilelijk doorversterkte gitaar de toon bepaalden. Tussen meezingers als de zwaar aangezette kampvuurballade I'll be over you en het in knettervalse samenzang gesmoorde Rosanna, bracht alleen het aan Frank Zappa opgedragen instrumentale stuk Jake to the bone een verrassend moment. Niet omdat het een voor iedereen begrijpelijke popsong was, maar omdat er een zweem van Zappa's lust tot experimenteren met zijn zelfverzonnen "jazz from hell" in doorschemerde.

Het publiek kon uiteindelijk weinig enthousiasme opbrengen voor de verplichte toegift. Toto klonk in de galmende Rijnhal vele malen slechter dan op de plaat.