Exotische wijnen geven stagnerende drankmarkt impuls

UTRECHT, 30 SEPT. Rode wijn wordt vooral gedronken door mensen met een zelfbewuste instelling en een impulsgericht aankoopgedrag. Maar het betreft geenszins allemaal genotzuchtige types met een Bourgondische levensstijl. Integendeel. Slechts veertien procent van de Nederlandse bevolking kan tot de hedonisten worden gerekend, terwijl een goed glas wijn in brede lagen is geaccepteerd.

Jaarlijks buigen wijnboeren, handelshuizen, slijters en restaurateurs zich over dit soort gegevens om de marktwaarde van de wijn te bepalen. In een tijd waarin de alcoholmarkt stagneert, grenzen opengaan en de wijnplas groeit, krijgt informatie over de consument welhaast militair-strategische waarde.

De fabrikanten van gedistilleerd vechten al jaren tegen de bierkaai. Dit weekeinde verschenen zij in Utrecht op de Delivin, de vakbeurs voor wijn, gedistilleerd, delicatessen en primeurs, met de reclameslogan "een springlevende traditie'. De handelaars in wijn daarentegen konden tevreden constateren dat hun marktaandeel nog iets groeit.

Het hoofd van de hoofdafdeling handel van het ministerie van economische zaken, J.P. Broersen, gaf in zijn openingstoespraak een opmerkelijke verklaring voor de stagnatie. Hij repte niet alleen van marktverzadiging, toenemende concurrentie en alcoholmatiging, maar sprak ook van "moordende accijnzen', zodat de borreltafel voorlopig weer volop stof voor discussie had.

Vorig jaar importeerde Nederland 235,9 miljoen liter wijn, 14,5 miljoen liter meer dan het jaar tevoren. Frankrijk staat als leverancier onbetwist aan kop, met een aandeel van 112,4 miljoen liter. Spanje komt daarna met 37,3 miljoen liter, maar het verliest terrein. In 1988 was Spanje nog goed voor 44,6 miljoen liter. Intussen verschijnen nieuwe, hoogwaardige wijnen uit verre, al dan niet exotische landen op de Nederlandse markt. Zo is Bulgarije onmiskenbaar aanwezig. Vorig jaar leverde het ruim 3,5 miljoen liter, een verdubbeling in twee jaar. Ook Chili is in opkomst: haar export naar Nederland groeide sinds 1990 van 82.000 naar meer dan 700.000 liter.

Nogal spectaculair is de import van Zuidafrikaanse wijn. In 1991, een jaar na de vrijlating van Nelson Mandela, verdubbelde de export naar ons land van 544.000 naar 1,1 miljoen liter. “Die wijn heeft een goede prijs/kwaliteit-verhouding en het taboe is verdwenen”, verklaart EZ-ambtenaar Broersen.

Menig standhouder heeft het assortiment Kaapse wijnen een prominente plaats gegeven. Maar het taboe erop is nog niet geheel verdwenen. De vertegenwoordiger van Gall & Gall blijkt, als het onderwerp op Zuid-Afrika komt, opeens geen naam te hebben. Duidelijk wordt wel dat deze Ahold-dochter gretig naar het tongstrelende vocht uit Stellenbosch lonkt en geen boodschap heeft aan de boycot die zusje Albert Heijn nog jegens Zuidafrikaanse produkten zegt te hanteren.

De wijnstroom uit Zuid-Afrika is gegroeid zonder publiekscampagne. Reclame voor Zuidafrikaanse wijn in publieksbladen is vooralsnog not done, erkent een vertegenwoordiger van Cave Philippe, een wijnhuis in Zoeterwoude dat is gespecialiseerd in Kaapse wijnen.

Ten aanzien van Zuid-Afrika zijn de verwachtingen hoog gespannen. In oktober organiseert het Bedrijfschap voor de detailhandel in alcoholhoudende dranken een promotiereis naar dat land. De wijnproduktie van Zuid-Afrika staat met 800 miljoen liter op het niveau van Duitsland. De grootste wijnproducent, Stellenbosch Boerewynmakery, behoort tot de vijf grootste ter wereld en laat jaarlijks 250 miljoen liter rijpen.

Volgens H.Hartman, medewerker van de anti-apartheidswerkgroep Kairos, wordt het “hoog tijd dat het verhaal achter de wijn wordt verteld. Want al die consumenten en importeurs hebben natuurlijk geen flauw benul onder welke omstandigheden de wijn wordt gemaakt.”

Volgend jaar beginnen de anti-apartheidsorganisaties in ons land in samenwerking met vakbonden in Zuid-Afrika een campagne voor betere werk- en levensomstandigheden in de agrarische sector. Sinds de vrijlating van Mandela is op het platteland nog weinig veranderd.

Er is één troost voor de wijnliefhebber. Het loon van de druivenplukker is zo laag, dat bij een verhoging van vijftig procent de totale produktiekosten nog nauwelijks zullen stijgen. De "prijs/kwaliteit-verhouding' van Paardenkraal, Kanonkop en Culemborg blijft aantrekkelijk.