ARTISJOK IN EEN VOETBAD

Er zijn veel manieren om verse artisjokken te eten, al blijft het bij de meesten beperkt tot het dopen van de blaadjes in een vinaigrette of ailloli.

In New York - of all places - kreeg ik eens een warme artisjok geserveerd in een diep bord, badend in zijn kookvocht en geurend naar knoflook en citroen. Dat voetbad diende als doop voor de blaadjes en het effect daarvan was verrassend. De zachte smaak van de artisjok werd nu eens niet betutteld door de vinaigrette of weggedrukt door een brutale ailloli maar kon zijn bekoorlijkheden ten volle ontplooien. Zoals het een voetbad betaamt, verkwikt het de bader die als herboren op frisse vleugelen naar ongekende hoogten wiekt. Hieronder volgt de bereidingswijze die in de Franse keuken à l'Ornanaise wordt genoemd, wat zou kunnen duiden op haar Algerijnse herkomst. Immers, in de Noordafrikaanse nomadenkeuken - waar geen plaats is voor sauskommen en dipsausjes - wordt de smaak van een gerecht bepaald in de kookpot.

Voor 2 personen:

2 grote artisjokken

5 deciliter gezouten kippebouillon (geen blokje)

2 1/2 eetlepel citroensap

4 eetlepels olijfolie

3 tenen knoflook, gepeld en fijngehakt

2 volle eetlepels fijngesneden peterselieblad

Knip de punten af van de artisjokblaadjes, even boven het vlezige gedeelte. Duw de blaadjes iets naar buiten zodat de oksels van het blad enigszins vrijkomen. Trek de gesloten top van de artisjok iets open met de vingers en verwijder de steel. Vermeng de knoflook en peterselie (of hak ze samen fijn) en duw dit mengsel losjes tussen de blaadjes en in de geopende top van de artisjok. Zet de artisjokken naast elkaar in een niet al te grote pan en schenk de bouillon erbij (tot circa halve hoogte artisjok) met het citroensap en de olie. Breng de artisjokken in gesloten pan aan de kook en laat ze op laag vuur in 40 minuten gaar stoven. Houd de pan nu en dan schuin en lepel wat kookvocht over de artisjokken. Serveer de artisjokken in verwarmde soepborden samen met het resterende kookvocht. De gegaarde knoflook en peterselie kruiden de artisjok zonder te overheersen. Het rinse voetbad wordt - na als doop te hebben gediend - samen met de in stukjes verdeelde boterzachte artisjokbodem tot slot als een soepje gegeten. Wie werkelijk grensverleggend wil smullen, serveert de artisjok met enkele stukjes van het kippevlees (waarmee bouillon werd getrokken) in het hete voetbad. Zo is de cirkel rond en de nomadenkookpot leeg - op de botjes na.