Erotiek in literatuur Maatstaf 1992-8/9, Erotiek ...

Erotiek in literatuur Maatstaf 1992-8/9, Erotiek & Literatuur. De Arbeiderspers, 179 blz.38,90

Stuurse tomboys Lust & Gratie, herfst 1992. 96 blz.15. Postbus 18199, 1001 ZB Amsterdam

Boeken voor de export Books from Holland and Flanders. Vol.1 no.1, Fall 1992. 8 blz. Singel 464, 1017 AW Amsterdam

Erotiek in literatuur

Weer een dubbelnummer over erotiek en literatuur van Maatstaf. Met bijdragen van Michiel van Kempen ("Hete nachten in Paramaribo'), Ed Schilders, Ton Anbeek, Jaap Harten, Paul van Capelleveen en Hans Hafkamp (3x homo-erotisch), Ethel Portnoy en Gabril Kousbroek. August Willemsen vertaalde veertig nagelaten erotische gedichten van Carlos Drummond de Andrade, waarvan dit najaar een bundeling verschijnt. Een besef van vergankelijkheid en dood ("hoe kun je, zo geopend, / ronde, eindeloze hemel zijn en graf?') klinkt in deze gedichten evenzeer door als genot en de pret om het verboden onderwerp.

Ik wil je niet als allerlaatste neuken. Vroeger geen lef, en nu is het te laat. De oude vlam laait niet, je openbeuken zou gerief zijn dat mij niet meer baat nu dat mijn mond verdroogd is van het jeuken van verlangen dat zich niet ontlaadt, en ik, dorstend en hongerend, de kreuken tel van anderen op je gelaat. Nogal onverwacht komt het artikel van Wim Meulenkamp over "Totalitair naakt'. De kunsthistoricus onderzocht de functie van vrouwelijk naakt in de kunst van het Derde Rijk. Een tweeslachtige, concludeert hij, enerzijds erotiek, anderzijds ideologie, waarbij het laatste doorgaans als alibi diende. Meulenkamp doet geregeld een wenkbrauwtje rijzen, maar saai is zijn proza tenminste niet. “De preoccupatie van de nazi's met al die haarfijn gepenseelde, gefilmde en gefotografeerde vrouwenlijven zou vooral komisch zijn, ware het niet dat ze dienden als een helse wimpel op een immense knekelberg. Het is dan ook met enige schroom dat ik weer afdaal in de krochten van de nazi-esthetiek, die verschrikkelijke gisting uit burgerdom en elite.”

De auteur heeft het niet erg begrepen op naturisten ("een samenstel van vegetariërs, communisten, libertijnen, atavisten, bohémiens, natuurfreaks en pure flapdrollen') en hoort in hedendaagse gezondheidscampagnes echo's van nazi-ideen - “Antifascisme begint dan ook met eens flink doorroken en -drinken". Voor het ontbreken van een naaktcultus in Nederland heeft Meulenkamp geen verklaring, daarvoor waren de NSB-ers "veel te Nederlands', zo ontduikt hij de kwestie.

Paul Verhuyck, docent Occitaanse literatuur in Leiden, "hertaalde' vier geestige middeleeuwse boerden; Ed Schilders introduceert prenten uit de erotica-collectie van Frans Peeters; Paul van Capelleveen schrijft over homo-porno, esthetiek, emoties en humor; Henk Romijn Meijer over American Psycho en Thomas Hardy; Hans Hafkamp over Aleister Crowley; en Solange Leibovici over Albert Cohen. Het erotisch proza is van Harry Lapar, Ton Anbeek en debutant Hjalmar van den Akker. Van de meest intrigerende abberatie in dit verder vrij weinig verrassende themanummer vertelt Van Kempen: “Ik ken een man die uitsluitend in een Schotse rok een erectie krijgt en ik ken iemand die alleen maar kan klaarkomen wanneer zijn hand in een kommetje water hangt.”

Maatstaf 1992-8/9, Erotiek & Literatuur. De Arbeiderspers, 179 blz.38,90

Stuurse tomboys

Het herfstnummer van het lesbisch literair tijdschrift Lust & Gratie is uit, met een paar aardige stukken er in. Dorelies Kraakman heeft het over "Schijterij bij George Sand' (meer Lust dan Gratie dus). Kraakman, universitair docent Lesbische Studies in Amsterdam, gaat van Rabelais naar Mikail Bakhtin ("maar een kleine stap') en met hem en Freud (Der Witz..) naar de scatologische humor in Sands brieven. Ze stelt vast dat Sand zich met al haar grappen over het achterste bloot geeft als seksegrensoverschrijdende vrouw - “Wanneer zij een grap maakt waar een "luchtje' aan zit, kun je er zeker van zijn dat zij van het sekseverschil een potje maakt.”

Lucie Th.Vermij opent met een lezingtekst over de stuurse, zoekende tomboy als archetype in de lesbische letteren. “Ik denk dat bij homo's en lesbi's gevoelens van vervreemding een essentieel onderdeel van hun leven is. Een uitweg uit het gevoel van ontheemdheid is de bibliotheek.” Heeft de Stichting Speurwerk Betreffende Het Boek al eens onderzocht of deze bevolkingsgroep inderdaad meer leest dan hetero's? Of de literatuursociologen in Tilburg? Vermij: “Zou het toeval zijn dat het steeds lèsbische literatuurcritici zijn die de aandacht op puberteit en adolescentie vestigen?”

Veel ruimte in dit herfstnummr krijgt de Amerikaanse dichteres Marianne Moore (1887-1972). Truusje van de Kamp schrijft een beetje taai over haar werk en Hans Kloos vertaalde gedichten, zoals dit over een kwal:

Zichtbaar, onzichtbaar,

een schommelende charme

de woonplaats van een amethist

in barnsteentint, je arm

komt nader en hij gaat open

en gaat dicht; hem vangen

had je gewild, en hij beeft;

en je laat het, een verlangen.

Kloos laat nadrukkelijk de mogelijkheid open dat de kwal een "zij' kan zijn. De vrouwelijke, dan opeens erotische versie is te vinden achter op het omslag van Lust & Gratie.

Bij wijze van voorpublikatie brengt het blad enkele van negen, tien of elf zoals gewoonlijk alleseisende, wilde en wanhopige liefdesbrieven van de Russische dichteres Marina Tsvetajeva aan uitgever Aleksandr Visjnjak die volgende maand bij Pegasus zullen verschijnen. “Ik ben altijd liever gekend en veracht geweest, dan bedacht en bemind. (-) En dan nog dit, als u wilt. Trouw: de onmogelijkheid van een ander (van een ander wezen). De hele rest is Lucifer (trots) en Luther (plicht).”

Lust & Gratie, herfst 1992. 96 blz.15. Postbus 18199, 1001 ZB Amsterdam

Boeken voor de export

Het Nederlands Literair Produktie- en Vertalingenfonds presenteert voor het eerst zijn viermaandelijkse uitgave over de Nederlandse en Vlaamse literatuur. Warm te hopen valt dat de buitenlandse redacteuren en uitgevers, voor wie dit blad in de eerste plaats bestemd is, er gretig uit zullen putten.

Onze vlaggeschepen in dit eerste nummer zijn Hella Haasse, Maarten 't Hart, A.F.Th.van der Heijden, Tom Lanoye, Margriet de Moor en Monika van Paemel. Books from Holland and Flanders heet de Engelstalige uitgave zonder omhaal. De gekozen titels zullen steeds recent en commercieel succesvol moeten zijn.

The Tea Merchants, Under the Bushel, Hairlines, Cardboard Boxes, First Grey Then White Then Blue en The First Stone zullen naast 24 andere, ongenoemde titels als eerste de aandacht van het buitenland moeten trekken op de Buchmesse in Frankfurt, die vandaag is begonnen. Alleen Lanoye is nog niet vertaald, aan Margriet de Moor wordt in Duitsland hard gewerkt. Prometheus gaf op dat van Lanoye's Kartonnen dozen niet minder dan 35.000 exemplaren verkocht zijn, tegen Querido's 50.000 Heren van de thee en Contacts 80.000 maal Eerst grijs dan wit dan blauw. Echt waar, Prometheus, zonder overdrijven? En Querido, met die parmantige 450.000 verkochte Weerborstels van Van der Heijden - het Boekenweekgeschenk? Dat laatste wordt echter ruiterlijk toegegeven in het bulletin. “It would be hard to think of a better piece of propaganda for Dutch literature” heeft de Provinciale Zeeuwse Courant erover geschreven. Het zou aardig zijn als het Produktiefonds voor Vertalingen ons in de komende afleveringen op de hoogte wilde houden van de bereikte resultaten.

Books from Holland and Flanders. Vol.1 no.1, Fall 1992. 8 blz. Singel 464, 1017 AW Amsterdam

    • Margot Engelen