De traditionele turbulentie binnen ultra-rechts Nederland

ANTWERPEN, 29 SEPT. In de wandelgangen een vuiststoot van het woedende ex-Centrumdemocraten-raadslid dr. W.J. Bruyn in de rug van partijleider drs. Hans Janmaat die even wankelde. In de vergaderzaal een gedwongen vertrek van het dissidente Utrechtse CD-raads- en statenlid W. Vreeswijk die zich nog vergeefs aandiende namens het onlangs opgerichte Nederlands Blok en zijn privé-stichting "Utrechts Herstel'. En als slot een "samenwerkingsakkoord' tussen vier Nederlandse ultrarechtse partijen, dat bemiddelaar en Vlaams Blok-leider Filip de Winter een “bescheiden doorbraak” noemde, maar CD-leider Janmaat “een marginaal begin”.

Wie de traditionele turbulentie binnen het extreem-rechtse blok in Nederland wilde peilen, repte zich gisteren naar Antwerpen. In het partijkantoor van het Vlaams Blok in de Van Maerlantstraat deed "moderator' Filip Dewinter een voorlopig laatste poging uit een serie gesprekken om de Nederlandse partijen tot eenheid te bewegen.

Het Vlaams Blok vreest dat de ultrarechtse fractie in het Europese parlement in 1994 niet de benodigde twaalf stemmen uit drie landen haalt, doordat de Duitse partijen volgens Dewinter “sterk verdeeld zijn en niet de kiesdrempel halen”. Nederlandse zetels moeten het bestaan van de Eurorechtse fractie waarin het Vlaams Blok zetelt, veilig stellen of versterken. En daarvoor is samenwerking nodig tussen de twee grootste partijen, de CD en de CP'86, en de splintergroepjes Nederlands Blok en Democratisch Alternatief Nederland.

Na de vergadering gisteren deelden de eloquente Dewinter (30) en zijn tegenbeeld Janmaat, met de vertrouwde greep naar zijn zakdoek om het voorhoofd te deppen, met aanvankelijk veel aplomb de resultaten mee. “We laten ons niet meer uit elkaar spelen”, baste Dewinter op de strak door hem geleide persconferentie onder verwijzing naar het bereikte akkoord.

Daarin staan drie afspraken: een lijstcombinatie van de vier Nederlandse partijen bij de Europese verkiezingen om restzetels niet verloren te laten gaan; overleg tussen de partijen bij de gemeenteraadsverkiezingen van 1994 om in nieuwe kieskringen slechts een partij te laten deelnemen en voorts de instelling van een "overlegplatform' om de uitwerking van een en ander te garanderen.

Meer dan deze “embryonale samenwerking” was volgens Dewinter niet haalbaar. Ook hem waren de persoonlijke spanningen tussen de CD en de kleinere, meer extreme CP'86 opgevallen. “Men is nog steeds verdeeld”, zei Dewinter kortaf. In de partijbar was hij later, met een pintje in de hand, openhartiger: “Men gunt elkaar het licht in de ogen niet.”

Niet alleen de grimmige blikken van CD'ers naar de ultra-rechtse CP'86-activisten schetsten een herkenbaar beeld. Sinds enige tijd stond ook drs. Alfred Vierling, eens Janmaats medewerker maar nu zijn belangrijkste criticus, weer in het schijnsel van de tv-camera's - als voorzitter van het nieuwe Nederlands Blok. Vanachter dezelfde tafel begeleidde Vierling vrijwel elke opmerking van Janmaat met gefronste wenkbrauwen of gemompelde recensies als “wat een merkwaardige uitspraken”.

Hoever de vorming van "één groot-Nederlands blok' nog weg is, bleek ook na afloop in de bar. Janmaat schaterde in kleine kring: “Er komt wel een lijstcombinatie maar met behoud van een eigen lijst. Nou, ik zie de CP'86 niet eens meedoen aan verkiezingen, want ze hebben geen geld. Dat is het achterliggende lolletje.”

CD-bestuurder Cor Zonneveld, lid van de "fusiecommissie', beaamde dat er vooral sprake was van een papieren akkoord: “De filosofie is dat de CP'86 en anderen zichzelf buiten spel zetten. Als ze straks een paar keer moeten dokken voor de verkiezingen, gaan ze failliet. En dan komen hun kiezers wel naar ons.”