Kamerdelegatie wil meer geld voor hulp GOS

MOSKOU, 26 SEPT. Nederland moet volgend jaar meer geld uittrekken voor hulp aan het Gemenebest van Onafhankelijke Staten (GOS).

Dat concludeert een delegatie van buitenlandspecialisten in de Tweede Kamer, na een bezoek van een week aan het GOS. In Rusland en de Oekraïne is veel minder veranderd dan het Nederlandse parlement had gehoopt. De delegatie is pessimistischer over de toekomst van deze drie voormalige Sovjet-republieken dan ze had verwacht voordat ze een week geleden aan de rondreis begon. Volgens delegatieleider mr. M. van Traa (PvdA) “is duidelijk geworden dat het democratiseringsproces helemaal niet onomkeerbaar is”.

De Nederlandse parlementariërs hebben zich vooral gestoten aan de nationalistische houding van hun Russische collega's jegens de Baltische landen en de stevige positie die de "nomenklatoera' nog altijd in alle drie de republieken inneemt. In Moskou hebben de Tweede-Kamerleden zich verbaasd over de strijdlustige houding die hun Russische collega's etaleerden tegenover Estland, de Baltische republiek waar de Russische minderheid afgelopen zondag niet mocht deelnemen aan de presidentsverkiezingen. Ook de weigering van Russische leidinggevende volksvertegenwoordigers om het akkoord over de terugtrekking van de troepen uit Litouwen onvoorwaardelijk goed te keuren, heeft hen bezorgd gestemd. In Kiev is het de Nederlandse delegatie vooral opgevallen dat de Oekraïne geen aanstalten maakt om snel werk te maken van de ontmanteling van de kernwapens, hoewel de regering zich daartoe wel heeft verplicht.

“De oude structuren zijn in tact gebleven, met name in de Oekraïne en Wit-Rusland. Het Gemenebest van Onafhankelijke Staten bestaat niet. En met Rusland is geen overeenstemming mogelijk over een gezamenlijke politiek jegens Joegoslavië en de Baltische landen, in de geest van Helsinki. Er is dus geen reden om per definitie optimistisch te zijn over de toekomst”, aldus Van Traa gisteren op de laatste dag van de fact finding mission van de Nederlandse delegatie, waarin vertegenwoordigers van CDA, PvdA, VVD, D66 en SGP waren vertegenwoordigd. “Met name in Rusland twijfelt men sterk of de onafhankelijke republieken wel moeten blijven bestaan. Dat is heel gevaarlijk”, zo zei Van Traa.

Volgens Van Traa moet de Nederlandse buitenlandse politiek de hoop opgeven dat het GOS een “oriëntatiepunt” voor het Westen kan worden. “Het Gemenebest is niet interessant omdat het niet van belang is”, aldus Van Traa. “Als het Westen niet in staat is een breed politiek beleid te formuleren, zal het geen rol spelen in de verdere ontwikkelingen”.

Het kabinet wil volgend jaar honderd miljoen beschikbaar stellen voor het GOS. Alle fracties vinden dat te weinig. De VVD en D66 bepleiten een verdubbeling van het bedrag. De PvdA denkt aan vijftig miljoen extra. Het CDA wil nog niet vooruitlopen op de algemene beschouwingen en wenst nog geen bedrag te noemen.

De Kamerleden zijn het er over eens dat bij de hulpverlening aan het GOS de nadruk moet komen te liggen op een bilaterale aanpak. De EG-hulp komt te traag op gang, zo is hun conclusie.