Haasten om volgende sportboycot voor te blijven; Geen Zuidafrikaanse vreugde bij marathon van Amsterdam

AMSTERDAM, 28 SEPT. Teleurgesteld zat de Zuidafrikaanse atleet Jan Tau na afloop van de Amsterdamse City Marathon op het asfalt van het Museumplein. Zijn derde plaats achter de Mexicanen Ignacio Miranda en Maurilio Castillo en vooral zijn tijd van 2.17.04 uur garandeerden hem nog geen startbewijs voor de grote en lucratieve marathons in de Verenigde Staten en Japan.

Zijn manager en landgenoot, Ray de Vries, knielde naast hem neer, maakte zijn schoenen los en stroopte de bezwete sokken van zijn dunne enkels. “Jan, je hebt goed gelopen”, verzekerde De Vries hem. “We komen terug voor Rotterdam. Ik beloof je dat dit een goede race was.”

De Zuidafrikanen hebben haast. Door de sportboycot van hun land konden ze jarenlang niet naar het buitenland. Door de politiek onrustige situatie in hun thuisland kan er, zo vrezen ze, ieder moment een nieuwe boycot volgen. Ze moeten snel een toptijd neerzetten. Vlak voor de start in Amsterdam had Tau gehoord dat zijn trainingsmaatje, David Tsebe, dezelfde ochtend de marathon van Berlijn had gewonnen in 2.08,08 uur, de beste prestatie van dit seizoen. Tau weet dat hij in de training sneller was dan Tsebe. Wat was de tijd waar hij recht op had, zo vroeg hij zich af.

De organisatie in Amsterdam had haar best gedaan. De chaos van vorig jaar was gladgestreken. Het parcours was vrijwel volledig gewijzigd, de scherpe bochten waren eruit gehaald. Het openbaar vervoer was stilgelegd. Slechts een enkele bus - op het Hoofddorpplein - moest even aan de kant om de lopers door te laten. De Nederlandse toppers lieten Amsterdam nog links liggen, maar voor het bescheiden budget van 300.000 gulden aan startgelden en premies had Jos Hermens een groepje atleten gecontracteerd dat onder de twee uur en tien minuten leek te kunnen lopen.

Maar de herfstzon die meer dan 800.000 toeschouwers op de been bracht - ook olympische kampioene Ellen van Langen had zich langs de Ceintuurbaan op een Amsterdammertje genesteld - veranderde de wedstrijd van een race tegen de klok in een race van waterpost naar waterpost. De ideale temperatuur voor lange-afstand-lopen is 15 graden, liefst met een motregentje. In Berlijn waren ze daarom al om 9.00 uur gestart, in Zuid-Afrika beginnen marathons om zes uur 's ochtends. Daar hangen er bovendien op een aantal plaatsen sproeiers boven de weg die voor afkoeling zorgen. Alsof de atleten door een autowasserij lopen.

In Amsterdam was het 24 graden en lag de luchtvochtigheid beneden de zestig procent. De atleten transpireerden zoveel dat ze met witte zoutsporen op hun huid over de finish kwamen. In die hitte was drinken zo belangrijk dat de wedstrijd draaide om de bevoorradingsposten. Wereldrecordhouder Belayneh Densimo (2.06,50 in Rotterdam 1988), die door blessures al twee jaar geen marathon meer heeft uitgelopen, viel als eerste af. Na 25 kilometer bleek zijn maag geen vocht meer te verdragen. Dat kwam weer omhoog zetten en stokte zijn ademhalingsritme. Emilio Castillo was het tweede favoriet die sneuvelde in de strijd om de eerste plaats. Zijn flessen waren in de brandende zon zo warm geworden dat hij van de vijftiende tot de 35-ste kilometer last had van maagkrampen.

De 32-jarige bosjesman Tau, die in tijdens de Olympische Spelen in Barcelona na 24 kilometer uitviel, leek in al zijn enthousiasme te overleven. Hij liep met montere blik voortdurend vlak achter de hazen, de mannen die de eerste dertig kilometer het tempo aangeven. Maar de vrijwilligers die om de vijf kilometer de genummerde flessen uitdeelden, wisten niet hoe Tau eruit zag. Hij moest bij iedere post vertragen om de juiste fles in ontvangst te kunnen nemen.

Die tempowisselingen beletten hem niet na de 25-ste kilometer de aanval in te zetten en kort daarop vijftig meter voorsprong te nemen op de 31-jarige landarbeider Miranda. Waarop hij prompt, op het dertig-kilometer-waterpunt, helemaal mis greep en het tien kilometer zonder water moest stellen. De laatste twee posten klom zijn manager daarom uit de volgauto om zich persoonlijk met de bevoorrading te bemoeien.

Het leed was toen al geschied. Het ritme van Tau stokte. Miranda herstelde zich, achterhaalde hem vijf kilometer voor de finish en eindigde uiteindelijk twee minuten voor hem in 2.14,58. Ook Castilio ging de Zuid-Afrikaan nog voorbij met 2.16,28.

Tau toverde na afloop al weer snel en glimlach op zijn gezicht. Zijn manager had van atleten-bemiddelaar Jos Hermens gehoord dat hij met vijf toppers naar Rotterdam mag komen. Daar horen Willie Mtolo, dit jaar de winnaar van de marathon van Twente, Tau en Jabulani Mnguni, die gisteren vierde werd, zeker bij. “We hebben in Enschede en Amsterdam de halve finales gelopen. Nu de finale”, zei De Vries. Hij beloofde dat zijn lopers de wereld in april 1993 wat moois zullen laten zien. Dan kan Tau bewijzen wat 2.17 bij 24 graden waard is.