Scheiden van afval is veel te duur voor Rotterdam

De gemeente Rotterdam verzet zich tegen de verplichting om per 1 janauari 1994 de verschillende soorten huisvuil gescheiden op te halen. Vooral in wijken met veel hoogbouw zou dit veel te duur worden. Bovendien is de winst voor het milieu niet op alle fronten even groot.

ROTTERDAM, 26 SEPT. In heel Nederland moet de gescheiden inzameling van groente-, fruit- en tuinafval (GFT) per 1 januari 1994 geregeld zijn. Toen minister Alders (milieubeheer), daarin gesteund door een grote meerderheid van de Kamer, afgelopen week niet bereid bleek met die datum te schuiven, was Rotterdam er als de kippen bij om niettemin op uitstel aan te dringen. Deze stad - hetzelfde geldt voor Amsterdam - ziet te veel knelpunten om de gestelde termijn te halen. Bovendien vreest het Rotterdamse gemeentebestuur dat gescheiden inzameling vooral in hoogbouwwijken veel te duur zal uitvallen.

“We willen met z'n allen het milieu beschermen”, zegt D. Ouwerkerk, teamcoördinator gemeentebedrijven van Rotterdam, “en één van de middelen om dat doel te bereiken is hergebruik. In dit geval hergebruik van GFT via compostering. Maar dat is niet onder alle omstandigheden aan te bevelen. Het sluiten van sommige stofkringlopen, een term uit het Nationaal Milieubeleidsplan, kan wel eens disproportioneel kostbaar worden en dan denk ik speciaal aan de stedelijke hoogbouw.”

Bij dit soort woningen ontbreekt de T (van tuinafval) in de cocktail van organisch materiaal. Ook de hoeveelheid G en F zal relatief laag uitvallen, aangezien er per "aansluiting', zeg adres, minder mensen wonen dan bij laagbouw. “Omdat de inzamelingskosten niet gekoppeld zijn aan het gewicht, maar aan de aansluiting, kunnen we hier allerminst van een kosten-effectieve maatregel spreken”, aldus de teamcoördinator. “Integendeel. Uit eigen, Rotterdams onderzoek is gebleken dat in de hoogbouw de jaarlijkse meerkosten ruim tien miljoen gulden zouden bedragen, zonder dat er een aantoonbaar milieuvoordeel tegenover staat.”

Composteren van groente-, fruit en tuinafval zou in sommige opzichten zelfs slechter zijn voor het milieu dan verbranden. Ouwerkerk: “Als het Rotterdamse GFT straks in de ultramoderne nieuwe installatie aan de Brielselaan zou worden verbrand, komt er volgens ons onderzoek per jaar slechts 2,5 kilo zware metalen in de lucht, dus in het milieu. Bij compostering van dezelfde hoeveelheid en agrarisch gebruik van die compost wordt er jaarlijks 1.250 kilo aan zware metalen over het land en dus ook in het milieu verspreid.” En voegt hij er veelbetekenend aan toe: “Wij richten ons bij voorkeur op die terreinen waar het meeste milieu-rendement te halen is.”

In vier wijken heeft Rotterdam proeven genomen met gescheiden inzameling van GFT. In een deel van Hoogvliet zijn gratis compostvaten uitgedeeld, maar dat leverde volgens hem te weinig profijt op, zodat de proef is gestaakt. Hetzelfde geldt voor een experiment in Crooswijk, een buurt met oude etagewoningen, waar verzamelcontainers voor GFT op straat kwamen te staan. “Maar daar werd zoveel ander spul ingegooid, dat er nooit compost van te maken was en daarom zijn we er definitief mee gestopt.”

In totaal telt Rotterdam circa 275.000 aansluitingen of huishoudens. Om die allemaal via een systeem van gescheiden inzameling te bedienen, zou het stadsbestuur tientallen miljoenen guldens moeten neertellen voor de aankoop van extra afvalcontainers of duobakken, aanpassing van de vuilniswagens en deelneming in een composteringsfabriek. “En al dat geld”, zegt Ouwerkerk, “zouden we moeten uitgeven nog vóór duidelijk is of de geproduceerde compost ook werkelijk aan de eisen voldoet.”

Feit is dat het nog ontbreekt aan kwaliteitseisen voor GFT-compost wat betreft organische microverontreinigingen. Daarbij gaat het vooral om dioxinen en bestrijdingsmiddelen. Dioxinen, afkomstig van onder andere verbrandingsinstallaties, slaan uit de lucht neer op bijvoorbeeld groenten, die weer worden gegeten. Bestrijdingsmiddelen of pesticiden zitten aan de buitenkant van groenten en fruit, de onderdelen die juist worden weggegooid. Het streven is erop gericht per 1 januari 1995 normen voor dergelijke verontreinigingen in compost vast te stellen.

Niet bekend

Hij vraagt zich bovendien af of er tegen die tijd (weer 1 januari 1994) voldoende compostfabrieken zullen zijn om de massa aan GFT te verwerken. Rotterdam heeft in elk geval geen plannen voor een eigen composteringsinstallatie. “We richten ons in eerste instantie op een nog te bouwen fabriek van de AVR, de Afvalverwerking Rijnmond, waarvan Rotterdam grootaandeelhouder is.” Het nu in de Maasstad verzamelde GFT gaat via de AVR naar de VAM in het Drentse Wijster. De grote bulk van het afval wordt verbrand.

Het is niet de eerste keer dat het Rotterdamse gemeentebestuur zich verzet tegen algehele gescheiden inzameling. Dat gebeurde ook al in mei jongstleden in een brief aan minister Alders en de Vaste kamercommissie voor milieubeheer. Daarin werden de extra kosten van dit systeem omgerekend in een verhoging van het reinigingsrecht voor de Rotterdamse burger met ruim veertig gulden per jaar. “Diezelfde burger”, aldus de brief, “wordt geconfronteerd met een verdubbeling van het reinigingsrecht ten behoeve van de voorgeschreven aanpassing van de afvalverbrandingsinstallatie en de gescheiden inzameling van klein chemisch afval. Uit enquêtes is gebleken is dat de Rotterdamse burger in beginsel bereid is een extra financieel offer voor het milieu te brengen, maar tevens dat deze bereidheid een plafond kent en dat deze burger wel waar voor zijn of haar geld wil zien.”