Na dertig jaar anti-koloniale strijd en burgeroorlog is het land een puinhoop; Eerste vrije verkiezingen in Angola

KUITO, 26 SEPT. De honderden verkiezingsaffiches volstaan niet om alle kogelgaten af te dekken in de afgebrokkelde muren van het stationnetje bij Kuito, in de provincie Bié, in midden-Angola. Op de puinhopen die resteren na veertien jaar anti-koloniale strijd, gevolgd door zestien jaar burgeroorlog voeren de Angelose politieke partijen hun campagnes, voor de eerste vrije verkiezingen in de geschiedenis van het land. De oorlog is sinds het vredesakkoord van mei vorig jaar ten einde. Maar het diepe wantrouwen duurt voort en leidt naarmate de verkiezingen van 29 en 30 september dichterbij komen steeds vaker tot gewapende incidenten.

Kuito ligt in het hartje van het gebied van de Nationale Unie voor de Totale Onafhankelijkheid van Angola (Unita). Unita-leider Jonas Savimbi werd in deze streek geboren. Zijn guerrillastrijders opereerden op het platteland van Bié. De regering van Unita's aartsvijand, de regerende Volksbeweging voor de Bevrijding van Angola (MPLA) van Angola's president José Eduardo dos Santos, zat in Bié en de aangrenzende provincie Huambo voornamelijk opgesloten in de steden.

Er bestaat slechts de schijn van orde in Angola. Op het vliegveld van Kuito voetballen kleine kinderen. De verkeerstoren werd begin deze week overgenomen door gewapende Unita-aanhangers die boos waren over de komst uit de hoofdstad Luanda van MPLA-campagneleiders. De Unita-aanhangers staken drie spiksplinternieuwe auto's van het MPLA in brand en sloten drie dagen lang tien leden van Dos Santos' garde op. De op papier neutrale politie kon niets uitrichten. Ongewapende waarnemers van de Verenigde Naties konden krachtens hun mandaat weinig anders doen dan toekijken.

“De drie auto's werden in brand gestoken op bevel van een commandant van Jonas Savimbi”, zegt Moiso Bango van het neutrale Angolese verkiezingscomité voor de provincie Bié. Hij zegt het alsof zo'n incident nu eenmaal bij meerpartijen-verkiezingen hoort. “Unita accepteerde niet dat er MPLA-auto's uit Luanda werden overgevlogen vlak vóór een verkiezingsbijeenkomst van Savimbi. Het betreft een geïsoleerd incident. Het verkiezingsproces verloopt goed in Bié”.

De Angolese verkiezingsfunctionarissen en de talrijke buitenlandse waarnemers proberen hun hoofd koel te houden in de uiterst fragiele en gevaarlijke situatie. Hoge MPLA-aanhangers in Kuito lukte dat niet meer. In hun hoofden galmen Savimbi's dreigementen dat Unita deze verkiezingen onmogelijk kan verliezen. Verliest Unita, dan is er fraude gepleegd, zo zegt Unita. Gebruik makend van hun posities in het regeringsapparaat stuurden de MPLA-functionarissen hun families naar veiliger oorden in het buitenland en zelf trokken ze naar Luanda. Zij vrezen een hervatting van de oorlog wanneer Unita verliest. Het Internationale Rode Kruis verricht een onderzoek in Kuito om uit te vinden of er genoeg medicijnen zijn in het geval van nieuwe grootschalige strijd.

De weg van Kuito naar Huambo bestaat voor de helft uit asfalt en voor de helft uit kuilen. De gaten van een halve meter diep en de verwrongen autowrakken herinneren aan de landmijnen die Unita hier tijdens de oorlog legde. Sinds januari is deze hoofdweg weer open voor verkeer en veilig. Nou ja, veilig, tot vijf uur in de middag. 's Avonds grijpen bandieten hun kans. Het gaat veelal om gedemobiliseerde Unita-guerrillastrijders of MPLA-regeringssoldaten die met de overvloedig aanwezige wapens een nieuw bestaan opbouwen.

In de tijd van het Portugese kolonialisme moet het hier een rijk landbouwgebied zijn geweest. Mensen wonen hier nu vrijwel niet meer, wilde struiken namen bezit van de vruchtbare gronden. Veel van de naar de steden gevluchte boeren durven nog niet terug naar hun oude dorpen. Ze willen eerst afwachten of de verkiezingen een ware vrede zullen inluiden.

Vrijwel de gehele infrastructuur op het platteland blijkt vernietigd. Geen huis bleef onbeschadigd. Na de wapenstilstand vorig jaar tussen Unita en de MPLA-regeringstroepen bleken in Bié slechts in twaalf dorpjes overheidsambtenaren aanwezig. Op de kleine wegen liggen nog mijnen en alle bruggen zijn opgeblazen. Van de veertig verkiezingscentra in de provincie kunnen slechts twintig over de weg worden aangedaan. Alle andere plaatsen moeten per helikopter worden bereikt, om er de Angolese verkiezingsfunctionarissen, buitenlandse waarnemers en hun materiaal af te leveren.

VN-vertegenwoordiger Asbjorn Devold in Kuito noemt het zo goed als een wonder dat het verkiezingsproces tot nu toe redelijk naar wens is verlopen in Bié. “De logistieke problemen zijn enorm”, legt hij uit. “De Angolezen - en laat ik benadrukken dat zj de verkiezingen organiseren en niet de VN - slaagden er in deze provincie in zestig procent van de kiesgerechtigden te registreren in ruim twee maanden. Misschien zal blijken dat het zelfs méér dan 60 procent is. Want niemand weet precies hoeveel mensen er in Bié wonen. De laatste serieuze volkstelling werd in de koloniale tijd gehouden”.

Devold maakt zich zorgen dat de regering ruim tien dorpen nog niet heeft kunnen bereiken. “En nu heeft de Russische piloot van de VN-helikopter ook nog malaria gekregen”, verzucht hij. “De helikopter staat aan de grond. Ik moet die regeringsambtenaren in de komende dagen naar deze dorpen zien te transporteren. Anders kunnen daar, zo betoogt de regering tenminste, geen verkiezingen plaatsvinden”. De interpretatie dat de regering dit niet slecht zou uitkomen in dit pro-Unita-gebied, acht hij niet onwaarschijnlijk.

In het stadje Chinguar puft de stoomlokomotief van de befaamde Benguela-spoorlijn binnen. Dit is het eindpunt. De spoorweg, of wat er van over is, loopt door naar het honderden kilometers verderop gelegen buurland Zambia. Deze spoorlijn vormde tijdens de oorlog doelwit van Unita om zo iedere economische activiteit stil te leggen. De allerhoogste prioriteit na de wapenstilstand was het herstel van deze economische ader. Na tien jaar wordt per trein het eerste meel uit de havenstad Lobito aangevoerd in Chinguar. Dit meel werd onmiddellijk ingezet voor de verkiezingscampagnes. Tijdens de MPLA-verkiezingsbijeenkomst in Chinguar kregen de toehoorders het voor een zeer voordelige prijs aangeboden - waarop Unita het vervolgens nóg goedkoper in de aanbieding deed.

Met politieke meningsverschillen heeft de verkiezingscampagne in Angola weinig van doen. De dodelijke strijd om de macht tussen Unita en MPLA gaat door maar heeft niet meer plaats op het slagveld. De haat en nijd blijken nog vrijwel even groot als tijdens de oorlogsdagen. In Huambo en Bié zal alleen een totale overwinning van Unita de meerderheid der bevolking tevreden kunnen stellen. Gelooft VN-vertegenwoordiger Asbjorn Devold in een vreedzame afronding van de verkiezingsstrijd? Als onafhankelijk waarnemer mag hij daar geen antwoord op geven. Dus beantwoordt hij de vraag met een omweg. “Aan zowel Unita als MPLA-zijde hier in Bié bestaan er grote twijfels of het de komende dagen rustig zal blijven”.

    • Koert Lindijer