IJsselzicht

Het dijkdorp Veessen ligt te pronken aan de IJssel, te voet twintig kilometer zuidelijk van Hattem en Zwolle. Een afgesneden rivierbocht, de Hank, vormt er een natuurlijke haven. Ooit brachten hier liefst vijf herbergen de passerende schippers verstrooiing. Nu zie ik nog slechts één café, voorbij de buitendijks gelegen molen. Natuurlijk heet het IJsselzicht.

Voorbij de camping volg ik de IJsseloever stroomafwaarts, over het prikkeldraad en door de weilanden. Zo nu en dan komt er een vrachtschip voorbij. In de 14de en de 15de eeuw - toen Hanzesteden als Zutphen, Deventer, Zwolle en Kampen de handel beheersten - was de IJssel een belangrijke vaarroute. Later, toen steeds meer Rijnwater de Waal als uitweg koos, dreigde de kronkelende rivier te verzanden, maar in 1707 bood het Pannerdens kanaal uitkomst. Bochten werden afgesneden en vanaf de oevers houden nu kribben het water in de vaargeul op snelheid.

Vanaf de pont bij Wijhe gaat het landinwaarts, door uitgestrekte weilanden en langs een oude boerenhoeve omringd met appel- en perebomen. De takken buigen onder de last van de rijpe vruchten. Vorchten is een boerengehucht waarvan het kerktorentje met zadeldak uit de vroege Middeleeuwen stamt. Aan de stenen voel je de robuustheid van vroeger tijden. Naast het kleine kerkhof speelt een kind. Verder is het stil.

Westelijk van Vorchten loopt, evenwijdig aan de IJssel, de Groote Wetering, gegraven omstreeks 1328 en daarmee de oudste van de weteringen die dienen om dit broekland (vergelijk het Engelse brook) te ontwateren. Daarbij werd gebruik gemaakt van bestaande stroompjes, en hun vele bochten. Een mooi fietspad leidt naar de plek waar de Groote Wetering uitmondt in de Nieuwe Wetering.

De enken bij Wapenveld, op de grens van nat en droog, zijn van oudsher in gebruik als bouwland. De boerderijen lagen om de gemeenschappelijke akker, de enk, die vruchtbaar werd gehouden door de mest van schapenkudden op de heide. Door de regelmatige bemesting kwam de enk steeds hoger te liggen. Sinds de negentiende eeuw is het landschap in deze streken drastisch veranderd: de heide en het stuifzand op de Veluwe maakten voor een groot deel plaats voor naald- en loofbossen, en in de weidse IJsselvallei waar je vroeger uitgestrekte, ondoordringbare bossen had, graast nu het vee.

De route gaat nu over het Apeldoorns Kanaal naar het westen, naar een herinnering aan het recente verleden: de spoorlijn Apeldoorn-Zwolle die in 1887 met steun van koning Willem III werd aangelegd, maar driekwart eeuw later, na de Tweede Wereldoorlog, buiten gebruik werd gesteld. De rails zijn verdwenen, maar het tracé is nog goed herkenbaar. Je moet het geraas op de autoweg ernaast wel voor lief nemen.

Weer terug aan de oostzijde van het kanaal volgt een kort intermezzo door het prachtige bos van het voormalige klooster Hulsbergen. Op dit punt nadert de Veluwsche Bandijk dwars door het bos de heuvelrug. De Bandijk werd in de 14de en de 15de eeuw aangelegd om het woeste IJsselwater te beteugelen. Met wisselend succes: ik passeer diverse kolken - de Zwarte, de Kromme en de Boschkolk - die herinneren aan de vele dijkdoorbraken. Twee sluizen, het Pouwel Bakhuis-gemaal en het "sluisje bij de Evergeune', zorgen ervoor dat het water van de weteringen noordwaarts kan stromen.

Helaas is de dijk ook bij automobilisten geliefd, maar een doodlopende weg voert al snel rechtdoor naar de IJssel. Dwars door uitgestrekte weilanden, bij gebrek aan "Engelse" overstapjes klimmend over hekken en, opnieuw, prikkeldraad, baan ik me een weg langs de rivieroever. Aan de overkant domineren de schoorstenen van de Zwolse elektriciteitscentrale.

De boerderijen in de Hoenwaard zijn betrekkelijk nieuw; vroeger kon je hier niet wonen door het overstromingsgevaar. Tot 1945 bestond de waard uit gemeenschappelijke weidegronden van Hattem; elk voorjaar werd het vee uit de stadsboerderijen door de smalle straatjes via stadspoorten naar de IJsselvallei gebracht. Hattem is natuurlijk een prachtige overnachtingsplek. Het werd al in 891 genoemd (Hattheim) en kreeg in 1299 stadsrechten. Er heerst, althans op deze zaterdagavond in september, een romantische sfeer zonder al te veel drukte. Op aanraden van mijn pensionhoudster gebruik ik een voedzame maaltijd in een restaurant met huiskamersfeer. Heerlijk!

(Route grotendeels ontleend aan Voetwijzer voor Nederland 6: Veluwe Zuid en Oost, door Joost Dijkerman, Uitg. Terra Zutphen, 1990)