Bijstandsregeling

Zouden de heren en dames politici bij het verschijnen van de laatste versie van de Dikke van Dale aandachtig gebladerd hebben, op zoek naar een nieuw te plunderen doelgroep? Het lijkt er wel op. In de jaren zijn er al heel wat gepasseerd, zoals de huizenbezitters (huurwaardeforfait), verplicht reislustige werknemers (Van Oordt), studenten (OV-jaarkaart), autobezitters (brandstof), rokers (accijnzen), voordeurdelers.

Eindelijk hebben ze de gescheiden man ontdekt als zondebok voor de uit de hand gelopen financieringstekorten van de bijstandsregeling. Hij zal, indien zijn ex-echtgenote in de bijstandsregeling komt een gedeelte van die kosten moeten betalen. En zo is er direct en impliciet weer een item voor strijd tussen twee ex-echtelieden aan toegevoegd.

Het is niet onvoorstelbaar, dat als de rancuneuze ex-echtgenote kan kiezen tussen een betaalde baan die 100 gulden boven bijstandsniveau ligt of een bijstandsuitkering met de daaraan gekoppelde zekerheid, dat haar ex-echtgenoot een gedeeltelijke bijdrage moet verschaffen, haar keuze niet moeilijk zal zijn. Daarbij kan zij hem, onderuit zittend, vertellen dat zij die regeling niet bedacht heeft.

Ik ben benieuwd naar de naam die zij gaan bedenken bij de inning. Overheden zijn altijd al goed geweest in het bedenken van eufemismen. Zo werd schatting belasting, belasting heffing en heffing weer bijdrage. Het laatste suggereert nog iets van het allerlaatste stukje collectiviteitsbeginsel, dat in onze hedendaagse maatschappij al lang zoek is.