Alleen Bonn kan Frankrijk uit economische val verlossen

PARIJS, 26 SEPT. De eerste slag is gewonnen: mede dank zij de hulp van de Bundesbank en niet te vergeten Bondskanselier Helmut Kohl is de speculatie tegen de Franse franc afgeslagen. De pariteit tussen de Duitse mark en de franc blijft ongewijzigd. Althans voorlopig: want de tweede slag dient zich al aan. Frankrijk zit economisch in de val en kan daaruit alleen worden verlost door - opnieuw - de Duitse regering en de Bundesbank.

Dat is in enkele woorden de balans die in Frankrijk wordt opgemaakt na een de monetaire slag die de afgelopen dagen is uitgevochten. De waardeverhouding van de franc ten opzichte van de mark blijft ongewijzigd en daarmee is wat nog rest van het wisselkoersmechanisme van het Europese Monetaire Stelsel gered. De Frans-Duitse motor die zo vaak de Europese Gemeenschap aandrijft, heeft zijn kracht weer eens bewezen - het koppel Miterrand-Kohl kan tevreden terugzien.

Voor Frankrijk stond de afgelopen dagen veel op het spel: de monetaire geloofwaardigheid van de franc, die het resultaat was van zes jaar consequent beleid van "competitieve desinflatie'. Met deze politiek van beheerste loon- en prijsstijgingen en beperkte tekorten op de overheidsuitgaven had Frankrijk zich een lage inflatie, een "harde franc' en dus concurrentievoordeel voor zijn exportindustrie verworven. Een stevig overschot op de handelsbalans is een van de positieve resultaten van dit beleid.

De monetaire politiek van de socialistische regering had nog een andere consequentie, die minder besproken wordt maar eveenzeer belangrijk is. De harde franc trok buitenlandse beleggers aan. Naar schatting is voor 800 miljard franc belegd in Franse waardepapieren, waarvan de helft obligaties. Onder deze beleggers zijn Amerikaanse pensioenfondsen en Japanse verzekeringsmaatschappijen. Aan hen denkt de Franse regering als ze categorisch de geringste waardevermindering van de franc ten opzichte van mark afwijst.

Een beperkte devaluatie - van drie of vijf procent - van de franc ten opzichte van een gerevalueerde mark zou door deze buitenlandse beleggers uiteraard slecht ontvangen worden. Dat is het belangrijkste argument - en volgens veel Franse deskundigen - nog het enige om een dergelijke devaluatie af te wijzen. Vrijwel alle Franse economen erkennen dat een revaluatie van de mark ten opzichte van de franc alleen maar voordelen zou opleveren.

De inflatie in Frankrijk zou nauwelijks toenemen omdat de meeste industrieën aanmerkelijk onder hun productiecapaciteit draaien. Maar het belangrijkste voordeel is dat de Bundesbank na een revaluatie van de mark zijn basisrente kan verlagen. Dat zou op zijn beurt de strijd tegen de relatief hoge inflatie in Duitsland ten goede komen. En lagere rente in Duitsland zou ook in Frankrijk een rentedaling mogelijk maken. De huidige hoge rentestand werkt verstikkend op de Franse economie, die nog nauwelijks groeit, terwijl de werkloosheid langzaam maar zeker stijgt.

Maar, zoals gezegd, de Franse regering houdt, zoals ze deze week demonstreerde, onverkort vast aan haar beleid van een "harde franc'. En dus dient de tweede slag zich aan: Duitsland moet andermaal een concessie doen om Europa uit het economische slop te halen. In plaats van rente hoog te houden - en daarmee heel Europa economisch te laten bloeden voor de kosten van de Duitse hereniging - zou Bonn “de belastingen duurzaam moeten verhogen om de terugkeer van Groot-Duitsland te financieren”, zo schreef gisteren Le Figaro.

Frankrijk zit economisch dus in een "Franse-Duitse val'. Een "gemeenschappelijke munt' zoals in monetaire unie volgens "Maastricht' is voorzien en die na de ontwikkeling van de laatste twee weken feitelijk voornamelijk een Frans-Duitse munt zou zijn, is voor Frankrijk alleen houdbaar als de rente naar beneden gaat. De stagnatie in de Franse economie dreigt anders volgens vele economen in een deflatie te veranderen, terwijl de Franse export steeds minder concurrerend zal worden.

De Franse regering kampt bovendien met stijgende uitgaven, o.a. voor de sociale zekerheid. Het begrotingstekort voor dit jaar zal volgens recente verwachtingen oplopen tot 230 miljard francs, terwijl begin dit jaar 120 miljard was voorzien. De politiek van de "harde franc' vereist dat dit tekort wordt teruggebracht - de begroting voor 1993 die volgende week wordt ingediend, zal op dit duidelijkheid moeten bieden.

Als Duitsland de rente niet verlaagt en Parijs vasthoudt aan het beleid van de "harde franc' dan komt een pijnlijke keuze in zicht, zo waarschuwt Le Figaro. Of Frankrijk glijdt af in een depressie “voor het betrekkelijke welzijn van Duitsland” of het zal het roer bij het economisch beleid radicaal moeten omgooien zoals de Britse premier John Major heeft gedaan: de franc laten zweven en zodoende lagere rentetarieven af te dwingen “die onontkoombaar zijn om te kunnen overleven”.