Domeinen veilt lading vrachtschip Gur Mariner

MIDDELBURG, 25 SEPT. De Nederlandse overheid wil voor het eind van het jaar de lading van de Gur Mariner veilen. De lading ligt al twee jaar opgeslagen op het terrein van de Vlissingse haven. De Dienst der Domeinen heeft inmiddels anderhalf miljoen gulden aan opslagkosten betaald.

Het Bahamaanse vrachtschip Gur Mariner veroorzaakte in september 1990 internationale deining toen het ten tijde van de Golfcrisis met voor ongeveer zestig miljoen gulden goederen aan boord op weg was naar Irak. De Verenigde Naties hadden een handelsboycot ingesteld en men vermoedde dat de lading was bestemd voor het Iraakse leger. Volgens geruchten zouden zich zelfs onderdelen voor een "super-kanon' in de lading bevinden.

De Nederlandse staat liet het schip onmiddellijk aan de ketting leggen. De verdenkingen konden nooit hard worden gemaakt. Wel presenteerde de Economische Controle Dienst na maandenlang onderzoek een inventarislijst van de lading. Die bestond onder meer uit partijen cement en soda, apparatuur voor een bandenfabriek, verrijdbare porta-cabins, chemicaliën, elektronica en honderd onderstellen voor vrachtwagens. De lading bleef in Vlissingen, zolang het handelsembargo van kracht bleef. De eigenaren mochten hun bezittingen komen halen, op voorwaarde dat zij ze niet naar Irak vervoerden.

Nu, twee jaar later, blijkt het nog steeds enorm moeilijk de eigenaren, verspreid over de hele wereld, te achterhalen. Slechts een klein deel van de lading werd opgeëist. Ondertussen ruiken handelaren een koopje en zwermen rondom de loodsen op het Vlissingse haventerrein. De Dienst der Domeinen is steeds meer geneigd op hun avances in te gaan. Een woordvoerder meldt dat de dienst niet eeuwig de opslagkosten kan blijven betalen, die naar verluidt zestigduizend gulden per maand bedragen. “We willen van de lading af, liefst zo snel mogelijk.” Er zijn contacten gelegd met een veilinghuis en de dienst hoopt de lading in december openbaar te verkopen.

Begin vorig jaar strandde een poging de lading per opbod te verkopen op een verbod van de Iraakse eigenaren. De rechtbank van Middelburg had toestemming voor de veiling gegeven, omdat de reder niet in staat bleek de kosten van de opslag te voldoen.