Advocaten ontdekken nieuw gat in de markt

AMSTERDAM, 25 SEPT. Een groep van veertien advocaten onder wie twee hoogleraren strafrecht openen volgende maand drie vestigingen van een nieuw advocatenkantoor dat zich exclusief met het strafrecht zal bezighouden.

De firma Sjöcrona, Van Stigt, De Roos & Pen - met filialen in Amsterdam, Rotterdam en Den Haag - is het eerste advocatenkantoor in Nederland dat zich alleen op strafzaken richt. De initiatiefnemers menen dat er, vooral op het gebied van het juridisch bijstaan van bedrijven die met de strafrechter in aanmerking komen, een gat in de markt is.

Advocaat mr. J.S. Pen wijst erop dat in het bijzonder op terreinen als de bescherming van het milieu en het tegengaan van fraude de laatste jaren “een gigantische explosie van regels” valt waar te nemen. “Het is haast niet meer bij te houden. Er komt haast iedere dag wel een nieuwe EG-verordening met strafrechtelijke sancties. Niet voor niets worden er bij het openbaar ministerie fraude- en milieu-officieren van justitie aangesteld. Het terrein voor gespecialiseerde advocaten ligt echter nog goeddeels braak.”

Zijn confrère mr. J.M. Sjöcrona spreekt over het "bedrijfsrelevante' strafrecht. “Om aan te geven dat er meer is in het strafrecht dan moord en doodslag.” Zo hopen de strafrechtelijk geschoolde juristen ook een goede boterham te kunnen verdienen aan het adviseren van bedrijven. “Bedrijven weten soms oprecht niet dat bijvoorbeeld het lozen van bepaalde stoffen niet is toegestaan. Wij kunnen ze dan, voordat er moeilijkheden ontstaan, adviseren over hoe ze de bedrijfsvoering in overeenstemming kunnen brengen met de jongste regelgeving”, zegt Pen.

Een aantal firmanten van het nieuwe juridische bedrijf is afkomstig van grote gerenommeerde advocatenkantoren. Zo is de strafsectie opgestapt van het advocatenkantoor Nauta Dutilh in Rotterdam. Sjöcrona en Pen spreken al van een nieuwe trend in de advocatuur, een bedrijfstak die de afgelopen jaren vooral in het teken stond van het fuseren van kantoren tot firma's waar honderden advocaten werken.

“De filosofie achter die grote kantoren is dat je iedere klant elke specialisatie kunt bieden: van luchtrecht tot het sociale-zekerheidsrecht. Dat is aantrekkelijk voor de cliënten, maar niet voor de werknemer. Er is voor een advocaat niets treurigers dan het dag in dag uit behandelen van echtscheidingen”, zegt Pen.

Pag 3: Strafpleiters vertrekken uit frustratie

Het nieuwe kantoor vol strafpleiters is deels ontstaan uit frustratie. Sjöcrona zegt dat het voor de strafrechtjuristen moeilijk is om je werkelijk thuis te voelen op de grote kantoren waar civilisten vooral de scepter zwaaien. “Je zit als strafrechtadocaat op een eiland. Er is hooguit sprake van gedogen als je veel omzet weet te maken maar de liefde voor het strafrecht ontbreekt. Je bent de bodem van het juridisch dienstverleningspalet”, aldus Sjöcrona.

Volgens Sjöcrona en Pen bestaat er een historisch gegroeid dédain op advocatenkantoren ten opzichte van de strafpleiters omdat ze de maatschap doorgaans weinig geld opleveren. Civilisten kunnen hun cliënten voor bijvoorbeeld een ingewikkelde zeerechtelijke kwestie al gauw zeshonderd gulden per uur in rekening brengen. De relatie met de cliënt heeft bovendien een bijna permanent karakter.

De verdachte van een strafbaar feit is bij een advocatenkantoor meestal geen kind aan huis. Meer dan negentig procent van de verdachten procedeert bovendien op toevoegingsbasis waarbij de overheid betaalt. De uurvergoeding die de advocaat dan vangt, ligt rond de zeventig gulden. Alleen de vermogende witte boordencriminelen of de grote drugshandelaren betalen uurtarieven van zo'n vijfhonderd gulden maar die verdachten zijn nog steeds dun gezaaid.

De individuele verdachte detoneert gewoon in het cliëntenbestand van de grote advocatenkantoren, ervaarde Sjöcrona. “Het zijn toch vaak mensen die de verkeerde dingen hebben gedaan. Men is bang dat het helpen van criminelen, afschrikwekkend werkt op de klanten in het keurige streepjespak”.