Sociale diensten gaan ethniciteit registreren

DEN HAAG, 24 SEPT. Om de deelname aan betaalde arbeid van etnische minderheden te vergroten stelt minister De Vries (sociale zaken) voor om bij de uitvoeringsorganisaties van de sociale zekerheid, zoals bedrijfsverenigingen en sociale diensten, de "doelgroep' te gaan registreren naar afkomst. Dat schrijft De Vries in de vanmiddag gepubliceerde nota "Werk en minderheden'.

Het is volgens de minister van sociale zaken noodzakelijk dat deze organisaties inzicht krijgen in aard en omvang van de problematiek om zo een doelgerichter beleid te kunnen voeren.

In 1991 had ruim dertig procent van de beroepsbevolking onder minderheden geen betaald werk. Dat is drie keer zo veel als het gemiddelde van de totale beroepsbevolking. De achterstand van ethnische minderheden is volgens De Vries “zo groot” dat deze niet binnen afzienbare tijd ongedaan kan worden gemaakt. Een probleem is dat de beroepsbevolking in deze groepen de laatste jaren - onder meer door gezinshereniging - met 12.000 per jaar toeneemt. Als er in de periode 1991-1995 60.000 banen bijkomen voor ethische minderheden, zoals de Stichting van de Arbeid zich minimaal ten doel heeft gesteld, zal de werkloosheid onder minderheden in absolute aantallen niet dalen.

Verder kondigt de nota aan dat de Tijdelijke Wet Bevordering Arbeidsdeelname binnenkort naar de Tweede Kamer gaat. In dit wetsvoorstel worden werkgevers van meer dan tien werknemers verplicht het arbeidsbureau op verzoek te informeren over hun beleid ten aanzien van allochtonen. Bedrijven van meer dan 35 werknemers moeten datzelfde doen naar de ondernemingsraad toe. Bedrijven moeten ook een administratie bijhouden van het aantal allochtonen.

Het ministerie benadrukt dat er wat betreft voorwaarden- en sanctiebeleid geen onderscheid wordt gemaakt tussen autochtonen en allochtonen. Maar wel is “meer accent” nodig op verplicht taalonderwijs en basiseducatie mits er plaatselijk daartoe voldoende voorzieningen zijn.

In het overleg met de sociale partners zal worden gesproken over de mogelijkheid om eenvoudige functies te scheppen waarvoor ongeschoolde migranten van kunnen profiteren. Dat moet gebeuren door bestaande banen anders in te delen (taakafsplitsing).