Parelvissers openen laatste seizoen van Forum

Voorstelling: Les Pêcheurs de Perles van G. Bizet door Opera Forum o.l.v. Cyriel Diederich m.m.v. Monique Krüs, Adrian Martin, Patryk Wroblewski en Patrick Vilet. Decor: Desirée Verstraete; kostuums: Heleen Heintjes; regie: Corina van Eijk. Gezien: 23/9 Twentse Schouwburg Enschede. Herhalingen: tournee t/m 4/11 en van 6 t/m 18/3 1993. Tv-uitz.: KRO op nader te bepalen datum (opname 25/9).

Opera Forum opende gisteravond met Les Pêcheurs de Perles van Bizet onder weinig inspirerende omstandigheden in Enschede het laatste seizoen als zelfstandig Twents gezelschap. De toekomst voor orkest, koor en overig personeel is onduidelijk. Tussen Forum en het Gelders Orkest, tussen Enschede en Arnhem en tussen Overijssel en Gelderland bestaat nog steeds geen overeenstemming over de uitwerking van de door WVC afgedwongen samenwerking, noch over de keuze van de definitieve standplaats. En ook over de toekomstige opzet van de opvolger van Opera Forum ("de nieuwe reisopera') is nog niets met meer zekerheid te zeggen dan dat de ambities van de beoogde nieuwe artistiek leider Guus Mostart duurder zijn dan de beschikbare financiën toelaten. Dat probleem is overigens al zo oud als het verschijnsel opera zelf.

De keuze van Corina van Eijk als regisseur van deze seizoensopening met De Parelvissers was eindelijk eens een aardige en originele gedachte van Forum. Van Eijk verwierf de afgelopen zomers faam met de drie amusante en inventieve operavoorstellingen die zij samen met vrienden en kennissen bracht in haar Zuid-Friese woonplaats Spanga. L'Elisir d'amore van Donizetti ging bij haar zelf in de tuin, Verdi's Rigoletti en Offenbachs Les contes d'Hoffmann werden vertoond in naburige weilanden, waar een afgedamde sloot diende als orkestbak. Zangers, orkestleden en technische hulpjes sliepen in de schuur of kampeerden naast het weilandtheater.

"Spanga - het Verona van Weststellingwerf' werd het door Corina van Eijk genoemd: een combinatie van enthousiaste liefde voor opera en een ironische kijk op de professionele grootschalige operawereld. De speelse ensceneringen boden diezelfde dubbelzinnigheid: een kleine serie intieme voorstellingen voor een beperkt publiek met een pastoraal decor zó groot dat het onder de hoge Friese lucht reikte tot de verste einder van de wereld.

In L'Elisir d'amore klepperden ooievaars mee met de coloraturen. En zelden heb ik zó gelachen als om Van Eijks versie van Rigoletto: tijdens La donna è mobile probeerde de hertog zijn liefdesbed uit door er op te wippen als op een trampoline: zelf ook zéér beweeglijk! In haar laatste weilandvoorstelling leek de kunst van Van Eijk de Friese natuur al te ontgroeien. De epaterende curiositeit van de lokatie was niet langer uitgangspunt, maar nog slechts een met beheersing gebruikt extra.

De op korte termijn door Van Eijk gemaakte overgang naar het reguliere theater, naar een met opheffing bedreigd operagezelschap dat tegen de politiek vecht en naar een serie van twintig voorstellingen èn een tv-opname, is helaas niet helemaal soepel verlopen. Bovendien moest tijdens de repetities plotseling wegens ziekte de dirigent worden vervangen. De op alle punten - muzikaal, vocaal en theatraal - stroeve eerste acte van De Parelvissers droeg er bij de première nog duidelijk de sporen van. Dat ging helaas ten koste van de meeslependheid van het beroemde duet Au fond du temple saint. Later werd het beter maar het leek, vooral door het zo conventioneel gehanteerde koor, aanvankelijk soms meer "typisch Forum' dan mocht worden verwacht.

Anderzijds was er ook veel "typisch Corina van Eijk'. De vaste elementen in haar ensceneringen als het gebruik van een afgesloten ruimte om de personages in te verstoppen, humor, overdrijving, uitvergroting en expliciete seksualiteit waren in ruime mate aanwezig. Maar ze waren niet zo zorgvuldig gedoseerd en geïntegreerd als in haar eerdere voorstellingen. De enscenering leek daardoor soms te leeg en statisch, dan weer te overladen met visuele invallen en vertoon van theatertechniek.

Van Eijk brengt hier wel een hoogstpersoonlijke en nogal dwarse vorm van muziektheater. Ze geeft een draconisch beeld van De Parelvissers en rekent op nogal onbeschaamde wijze af met de romantische mystiek en exotiek van het op Ceylon spelende verhaal van de twee bloedbroeders Nadir en Zurga wier vriendschap bijna te gronde gaat aan de verboden liefde voor de sensuele priesteres Leila.

Vooral de extravagante uitbeelding van de rituelen en fixaties van de androgyne hogepriester Nourabad en zijn vrouwelijke entourage is opmerkelijk. De dames met hun geprononceerde borsten en meters lange vlechten zien eruit als fetisjen, ze lijken op de nana's van Niki de St. Phalle, die vrolijk gekleurde oerbeelden van mollige vrouwen. Nourabad heeft zijn dikke blote buik gepromoveerd tot zijn "borst' - met de navel als een negatieve tepel. Verder berijden zij fazantenhanen - of zijn het parelhoenders?

Het muzikale gehalte van de premièrevoorstelling was redelijk maar nogal wisselend en ontbeerde als geheel het hier vereiste pathos. Maar dat kan beter worden en Monique Krüs (Leila) en Adrian Martin (Nadir) blonken nu al uit in lange soli met subtiel pianissimo.

    • Kasper Jansen