"Je moet langgestraften fatsoenlijk behandelen'

Prof. dr. F.H.L. BEYAERT staat bekend om zijn twijfel aan het nut van lange gevangenisstraffen. Als lid van de commissie-Hoekstra die een oplossing zocht voor het probleem van de extreem gevaarlijke gevangenen, onderschrijft hij de aanbevelingen voor een strenger regime voor deze groep gedetineerden.

UTRECHT, 24 SEPT. “Ik heb weleens gedacht, dan gaat die Columbiaan aan de haal, so what”, zegt professor dr. F.H.L. Beyaert. Beyaert maakte deel uit van de evaluatiecommissie Beveiligingsbeleid Gevangeniswezen. Voor zijn pensionering was hij twintig jaar geneesheer-directeur van het Pieter Baan Centrum in Utrecht, een Huis van Bewaring waar gedragsgestoorde delinquenten geobserveerd worden.

“De groei van het gevangeniswezen wordt veroorzaakt door de toename van het aantal langgestraften. Dat aantal neemt toe omdat de wetgever de strafmaat voor drughandel heeft verhoogd.” Hij wijst op de situatie in de Verenigde Staten waar ook met lange vrijheidsstraffen tegen drughandel wordt opgetreden.

“Het is schrikbarend wat voor straffen je in de Verenigde Staten ziet in de war on crime. Het is één van de meest gewelddadige samenlevingen die er zijn. We hebben nu een stap in de richting van de VS gezet. In de commissie hebben we ook steeds beseft dat we onze bijdrage leverden aan de verharding. Het is een zorgwekkende ontwikkeling omdat het gevaar dreigt van escalatie. De mogelijkheid bestaat dat criminelen zich harder gaan verdedigen tegen hun arrestatie.”

De commissie waarvan hij deel uitmaakte deed onlangs een aantal aanbevelingen ten aanzien van de detentie van extreem vluchtgevaarlijke gedetineerden. Een daarvan betrof de bouw van twee extra beveiligde gevangenissen. Model daarvoor was onder andere de Britse Whitemoor-gevangenis. Whitemoor telt ongeveer vijfhonderd gevangenen. Het complex wordt omringd door een muur van vijf meter. Daarachter staat nog een evenhoog hek met “Navo-prikkeldraad”. In de tussenruimte wordt met honden gepatrouilleerd. Observatieapparatuur houdt alles in de gaten. Binnen het complex is een ommuurde afdeling geoutilleerd met extra beveiligde lucht- en sportruimtes. Er zitten 24 mannen in. “Het enige wat we niet hebben geadviseerd was die hondenpatrouille.”

De voorstellen die mede onder zijn verantwoordelijkheid zijn gedaan noemt hij zonder schroom “wreed en afschuwelijk”. Ettelijke malen herhaalt hij dat meewerken aan het rapport niet het meest plezierige werk was dat hij ooit heeft gedaan. Beyaert staat erom bekend dat hij twijfelt aan het nut van gevangenisstraffen van meer dan vijf jaar. “Men kende mijn standpunten. Maar ik heb aan de commissie meegedaan juist met het oog op de humane aspecten. Ik vond het op mijn weg liggen die te verdedigen. Als je gevangenissen voor extreem vluchtgevaarlijke gevangenen moet bouwen, dan moet je dat zo fatsoenlijk mogelijk doen. Overigens stond de hele commissie daarachter.”

Het advies van de commissie heeft betrekking op de groep lang-gestraften die over grote sommen geld beschikken. Vaak gaat het om buitenlanders die deel uitmaken van criminele organisaties en niet terugdeinzen voor grote risico's. Voor deze groep kwamen in Nederland de "extra beveiligde instellingen'. Het was een noodmaatregel die onvoldoende bleek: dertien procent wist te ontsnappen.

“In antwoord op die ontsnappingen dreigden strengere maatregelen genomen te worden. Korter luchten, op wisselende momenten, sport in een fitnesszaaltje en niet buiten. Dat is natuurlijk voor mensen die zo lang te gaan hebben extra belastend. Als ze geen ontspanning meer hebben zit je die mensen echt te tuchten en gedetineerden hebben recht op behoorlijke faciliteiten. Zeker langgestraften, want die mensen hebben het toch al zo zuur. Dus wil je een extra beveiligde inrichting maken, dan moet je een behoorlijk sportveld, sportzaaltjes en bezoekruimtes hebben.

“In de extra beveiligde inrichtingen konden mensen nog tien minuten per week bellen. De bedoeling is nu dat degene die wordt gebeld nagetrokken wordt. Als iemand met zijn moeder in Uruguay wil bellen dan moeten we weten dat dat echt zijn moeder is. Dat geeft natuurlijk allerlei problemen. Maar je kan niet meer toestaan dat iemand zomaar zijn criminele kameraden belt. Aan de andere kant vind je dat mensen toch met hun familie zouden moeten kunnen bellen.” Daarom wil de commissie een politiefunctionaris binnen de gevangenis die uitzoekt of de gebelde tot een criminele organisatie behoort. Als niet vastgesteld kan worden of het werkelijk zijn moeder, wordt het gesprek geweigerd.

Ook van bezoekers moet vastgesteld worden dat het geen criminelen zijn. “Dat is inderdaad voor buitenlanders een extra handicap.” Beyaert geeft aan dat dit voor buitenlanders moeilijker is en hij weerspreekt niet dat deze verzwaring van het regime enigszins “discriminerend” is. Ook geeft hij toe dat dergelijke maatregelen op gespannen voet staan met de mensenrechten. Hij spreekt van een terugval binnen het humane systeem dat ons detentiestelsel tot voor kort kenmerkte. “Je kunt wel voorstellen om straffen weer korter te maken, alleen daar luistert niemand naar. Er moest een antwoord komen op die ontvluchtingen. Dan is dit eigenlijk de enige uitweg.”

    • Hans Moll