De Serviërs raken in Bosniëmilitair in moeilijkheden

BELGRADO, 24 SEPT. De "Servische republiek' in Bosnië-Herzegovina bevindt zich in militaire moeilijkheden, aldus waarnemers in de Joegoslavische hoofdstad Belgrado. Door de sancties tegen Joegoslavië blijven de Serviërs binnen Bosnië-Herzegovina nu vrijwel geheel verstoken van militair-logistieke steun, voedsel of brandstof vanuit Servië. Tegelijkertijd zien ze zich geconfronteerd met een steeds sterker wordende moslim-guerrilla en een wat betreft logistiek en discipline betreft superieur Kroatisch leger.

Ofschoon de militaire moeilijkheden waarin de "Servische republiek' in Bosnië-Herzegovina niet zo acuut zijn, dat nog deze winter met belangrijke wijzigingen in de militair-strategische situatie rekening moet worden gehouden, is het de vraag of de "Servische republiek' in zijn huidige vorm een offensief van Kroaten en moslims zal overleven, aldus deze waarnemers.

In Oost-Herzegovina, een van de belangrijkste onderdelen van de "Servische republiek', is de Servische macht in feite al teloor gegaan, nadat Kroatische troepen de hoofdstad Trebinja onlangs 48 uur bezet hebben gehouden. Later trokken ze zich terug, omdat bij het geheime Servisch-Kroatische akkoord van Graz in maart is afgesproken dat de stad Trebinja Servisch zal blijven. Serviërs en Kroaten hebben de feitelijke val van Oost-Herzegovina als Servisch militair bastion geheim willen houden - de eersten omdat het hier een smadelijke nederlaag betrof, de Kroaten omdat zij geen heil zien in internationale aandacht voor hun oorlogsvoering in Bosnië-Herzegovina.

Westerse militaire waarnemers in Belgrado melden dat de aanvoer van munitie vanuit Servië naar Bosnië, evenals die van brandstof van militaire doeleinden, de afgelopen weken vrijwel geheel tot stilstand is gekomen. “Zes weken geleden kon je nog zien hoe burgervrachtwagens bij munitiedepots in Joegoslavië munitie laadden, nu is daar geen sprake meer van”, aldus een van deze bronnen. Ook op het slagveld is duidelijk dat de Serviërs zuiniger omspringen met munitie en brandstof. “Een paar weken geleden konden de Serviërs nog zoveel schieten als ze wilden, nu zie je ze meer gericht schieten”, aldus een buitenlandse militaire waarnemer.

De brandstofschaarste dwingt de Servische troepen ook zuiniger om te springen met zwaar materieel als tanks. Het ontbreken van reserve-onderdelen werkt fnuikend. Dat geldt ook voor de luchtmacht van de "Servische republiek', waarvan de afgelopen weken meer gebruik is gemaakt dan in het begin van de oorlog, wellicht ter compensatie van de moeilijkheden met de tanks.

De Joegoslavische luchtmacht heeft bij haar aftocht uit Bosnië in april de Bosnische Serviërs de beschikking gelaten over enkele tientallen toestellen. Wegens het gebrek aan reserveonderdelen zijn sommige toestellen gedemonteerd, om met de onderdelen andere in de lucht te houden. De inzet van de Servische luchtmacht wordt door de Kroatische propaganda overigens sterk overdreven, aldus buitenlandse waarnemers. Het recente bombardement op Brcko, waarvan Zagreb melding maakte, heeft bijvoorbeeld niet plaatsgevonden en evenmin hebben vliegtuigen het dorpje Sokolac in West-Bosnië met de grond gelijk gemaakt, zoals de radio van de moslims in Sarajevo onlangs meldde.

Aan de andere kant bedraagt het aantal vrijwilligers uit de islamitische landen in dienst van de moslims niet, zoals de Servische propaganda wil, vele duizenden, maar hoogstens enkele honderden. Voorlopig is hun betekenis zeer beperkt. Toch worden de moslims in Bosnië-Herzegovina, voorlopig nog vér na het Kroatische leger, de HVO, hoe langer hoe meer tot een bedreiging voor de "Servische republiek'. “De Serviërs worden het slachtoffer van hun eigen politiek van etnische zuivering”, aldus een deskundige. “In heel Bosnië zijn overal duizenden mensen op de vlucht in bossen en bergen, die nauwelijks een andere uitweg hebben, dan voor hun leven te vechten”.

In Oost-Bosnië, vlakbij de grens met Servië, waar voor de oorlog de Serviërs slechts twaalf procent van de bevolking uitmaakten, hebben zich rond de steden Srebrenica en Gorazde al omvangrijke guerrillabewegingen van moslims gevormd, die vooral 's nachts aanvallen doen op Servische eenheden of dorpen. Een dergelijk guerrillaleger vanuit het naar verluidt tot vesting versterkte stadje Nova Kasaba bedreigt regelmatig de Servische corridor tussen Servië en de slagvelden bij Sarajevo. De wanhopige, en daardoor goed gemotiveerde moslimstrijders worden meestal geleid door voormalige officieren van het Joegoslavische leger en de politie.

In Centraal-Bosnië, nabij Zenica en Travnik, hebben veel moslims zich aangesloten bij de HOS, van oorsprong een fascistische Kroatische militie. Anders dan het reguliere Kroatische leger, dat een verdeling van Bosnië-Herzegovina in drie etnische zones voorstaat, wil de HOS dat heel Bosnië-Herzegovina intact blijft en op de een of andere manier tot een Groot-Kroatië zal behoren. Voor veel moslims is dat kennelijk een aantrekkelijker optie dan opdeling van hun land, waarbij verdrijving uit de Servische zones zeker lijkt. De Kroatische kaders van de HOS zijn met de toestroom van moslim-vrijwilligers niet altijd even tevreden: de HOS-commandant in Travnik heeft ontslag genomen omdat hij geen eenheid wil leiden die uit moslims bestaat.

“Met hun fixatie op etnische zuivering hebben de Serviërs nagelaten een beroep te doen op de moslim-bevolking om aan hun kant te vechten”, aldus een deskundige. “Aan het begin van de oorlog had dat best gekund. Heel veel moslims stonden neutraal tegenover de verschillende partijen in het conflict en hadden best hun verdere bestaan in hun woonplaats met het vervullen van hun dienstplicht veilig willen stellen”.

Het resultaat van de etnische zuivering is mede dat de Serviërs, behalve met ernstige problemen met de bevoorrading met brandstof en voedsel, zich ook geconfronteerd zien met een gebrek aan mankracht, om de lange en grillige fronten langs hun republiek veilig te stellen.

Voor de komende lente moeten de Servische leiders voor ernstige militaire moeilijkheden vrezen. Een ander dreigend perspectief is dat Kroatië het per 1 maart aflopende mandaat van de VN-troepen in de door de Serviërs in deze republiek veroverde gebieden niet zal verlengen en - gebruikmakend van het inmiddels zeer efficiënte en goed bewapende Kroatische leger - aan een herovering zal beginnen. De Servische staten buiten Servië - Krajina in Kroatië en de "Servische republiek' in Bosnië - vormen volgens waarnemers inmidels een bedreiging voor de Republiek Servië. Ook bij vrede, die niemand verwacht, zouden zij economisch geheel van Servië afhankelijk zijn. Bij een militaire nederlaag in Kroatië en Bosnië dreigt de vlucht van miljoenen mensen naar het moederland.

    • Raymond van den Boogaard