Reorganisatie bij British Aerospace

ROTTERDAM, 23 SEPT. British Aerospace (BAe), het Britse industriële concern dat onder andere eigenaar is van het Nederlandse bouw- en constructiebedrijf Ballast Nedam, is van plan nog eens 3.000 banen te schrappen. Deze reductie komt bovenop de vermindering van 4.500 arbeidsplaatsen die begin dit jaar werd aangekondigd.

Dit heeft een woordvoerder van het concern vanmorgen bevestigd. De ontslagen vallen volgens hem allemaal in Engeland, doordat een fabriek in Hatfield wordt gesloten en doordat de produktie van propellervliegtuigen (ATP's) wordt overgeheveld van Woodford naar Prestwick.

BAe kampt sinds vorig jaar met verliezen. Over het eerste zes maanden van dit jaar was het bruto resultaat 1,29 miljoen pond (3,77 miljoen gulden) negatief, zo heeft het concern vanmorgen bekendgemaakt. In het eerste half jaar van 1991 werd nog een winst van 86 miljoen gulden geboekt. Over heel 1991 boekte BAe, als gevolg van grootscheepse reorganisaties, echter een verlies van 81 miljoen pond (262 miljoen gulden).

British Aerospace, dat vliegtuigen, auto's en defensie-apparatuur produceert, is één van de grootste industriële ondernemingen in Groot-Brittannië. Er werken in Engeland en bij dochters elders in de wereld in totaal ongeveer 115.000 mensen. Afgelopen maanden heeft BAe in Engeland al bijna 1.000 banen afgestoten. Bij een vestiging van Royal Ordinance in Blackburn verdwenen 350 arbeidsplaatsen door een vermindering van de orderontvangst als gevolg van de verlaging van de defensie-bestedingen. Om dezelfde reden werden voorts 640 arbeidsplaatsen geschrapt in een fabriek voor de produktie van satellieten in Stevenage ten noorden van Londen.

Vanmorgen maakte BAe ook een joint venture bekend met Taiwan Aerospace voor de produktie van regionale passagiersvliegtuigen. Met de samenwerking is een investering van 500 miljoen dollar (850 miljoen gulden) gemoeid. Taiwan Aerospace, dat voor 29 procent in handen is van de Taiwanese overheid, en BAe hebben een overeenkomst getekend waarin de ondernemingen zich verplichten elk 250 miljoen dollar te zullen investeren in de produktie van ten minste 35 vliegtuigen van het type 146/RJ per jaar. De joint venture wordt in luchtvaartkringen beschouwd als een belangrijke stap voor zowel de Taiwanese vliegtuigindustrie als voor het in financiële problemen verkerende BAe.