Post kiest Europese continuïiteit

AMSTERDAM, 23 SEPT. De Stichting Continuïteit Beroepswielrennen Nederland, de moederorganisatie rondom de ploeg van Peter Post, kan met ingang van 1993 niet langer onder deze naam bestaan. Want in continuïteit van het beroepswielrennen in Nederland geloven Post en de zijnen nauwelijks meer. Tijdens de achtjarige verbintenis met de Japanse multinational Matsushita (Panasonic) was in de wisselende ploegen al sprake van een sterk dalende minderheid aan Nederlandse renners. Nu de stichting zich voor twee, mogelijk drie jaar heeft verkocht aan Sigma Coatings - een dochter van de Belgische multinational Petrofina - die zijn aandacht op de Franse markt wil richten, werpt Post zich in de nadagen van zijn bijna twintigjarige loopbaan als ploegleider op als pleitbezorger van het Franse wielrennen.

“Het leven zit vol verrassingen”, concludeert Post, nu hij aan het hoofd staat van een Franse ploeg met zes Fransen, vier Belgen, drie Russen, een Duitser en mogelijk twee Nederlanders. Meer talent dan Eddy Bouwmans en Louis de Koning (of Marc van Orsouw) is volgens de 58-jarige ploegleider in Nederland niet te vinden. Bovendien: “Iedereen moet terug in salaris, maar Nederlanders willen een verdubbeling.” Ze begrijpen het niet, die Nederlanders, dat ze niets meer voorstellen in het internationale peloton. Breukink kan hij niet betalen en tegen de salarissen die tegenwoordig in Spanje worden geboden, kan hij niet op, ook niet met deze "grote' sponsor.

Het doet even vreemd aan - maar Post houdt van schokeffecten - de man die het wielrennen in ons land populair maakte, een pleidooi te horen houden voor het wielrennen in Frankrijk. Post zegt het een schande te vinden dat in een land met zo'n rijke wielertraditie volgend jaar bijna maar twee ploegen hadden bestaan: Castorama en het nieuwe Gan, voorheen Z. Een land waar de Tour de France wordt gehouden, dat belangrijke wedstrijden in huis heeft als Parijs-Roubaix, Parijs-Nice, de Dauphiné Libéré, Parijs-Tours. Frankrijk heeft, nu een Spaanse overheersing met elf teams dreigt, volgens Post een derde ploeg nodig. Er gaan al te veel renners naar Spanje en Italië (Fignon, Jalabert, Bernard).

Het doet even vreemd aan Post te horen zeggen dat hij de komende twee seizoenen toch maar kan beschikken over Mottet, Ronan Pensec, Bruno Cornillet, Thierry Laurent. Dezelfde Post, die behalve Fignon vorig jaar, nooit een Fransman wilde hebben. “Maar ze kunnen Bouwmans in het hooggebergte helpen”, verweerde hij zich. “Want daar gebeurt het toch. En renners voor het hooggebergte hebben we de laatste jaren toch niet gehad?” Alsof Mottet, twee jaar geleden weliswaar vierde in de Tour maar regelmatig gedwongen de strijd te staken door zijn breekbare gestel, tot in den treure bereid is met de Franse media op zijn nek Bouwmans over de cols te slepen.

Dat beseft Post ook wel. Daarom heeft hij een uitgebreid gesprek gehad over de discipline die hij verlangt in zijn ploeg. Discipline die al 19 jaar de kracht is van zijn rennersbestand. Post geeft toe dat hij daarom de eerste periode veelvuldig in Frankrijk aanwezig moet zijn in de wedstrijden om de ploegleiders Planckaert en De Rooy, die samen met het andere personeel (vier mécaniciens en vier soigneurs) en de arts Leinders de overstap maken, te assisteren. Maar Mottet wilde graag, verduidelijkt Post, hij liet toch een aanbod van Gatorade (Bugno) schieten. Waarschijnlijk omdat Mottet liever kopman is in Frankrijk bij Novémail dan knecht van Bugno.

Het was alsof je de mening hoorde verkondigen van mensen die baat hebben bij de continuïteit van het beroepswielrennen in Frankrijk. Zoals de directeuren van de Société du Tour de France, die het grootste deel van de Franse wedstrijden organiseren. “De kleur van uw colbertje lijkt veel op die van jasjes van de Tour-directie”, merkte wielerdeskundige Herman Harens van Wielerrevue als afsluiting van de persconferentie in Hilton Schiphol gevat op. Modegevoelig als Post is, kon hij meteen tegenwerpen dat het groene jasje dan wel overeenkomsten zou kunnen hebben, maar dat de Tour-directie zeker geen zijden overhemd en zulke schoenen als hij draagt.

Chauffeur van de Tour-directie en parttime-medewerker bij de Société, Philippe Crépel, fungeert bij de ploeg, die in Frankrijk Novémail op het shirt draagt en buiten de Franse grens Histor, als pr-functionaris. Hij was ploegleider van La Redoute, manager van La Vie Claire in de periode Hinault-LeMond. Crépel is van alle wielermarkten thuis en als nordiste bovendien huisvriend van Tour-directeur Leblanc.

Crépels nauwe contacten met de Tour-directie zouden er de oorzaak van kunnen zijn dat de naam van de nieuwe sponsor van Post al enkele dagen voor de officiële bekendmaking uitlekte. Zaterdag werden in het Franse dagblad l'Equipe (gelieerd aan de Société) al de namen van Crépel, Post en genoemde renners met elkaar in verband gebracht. Post hecht waarde aan geheimhouding, alleen al om bij de toekomstige "firma' vertrouwen te wekken.

De manager putte zich gisteren uit in verontschuldigende verklaringen over het uitlekken. De vertegenwoordigers van Sigma luisterden vol respect naar Post, die beseft hoe belangrijk het contract met deze sponsor voor de continuïteit van zijn wielerbestaan is. Post hoopte aanvankelijk weer een Japanse multinational te strikken. “Maar ook de Japanse markt is slecht”, moest hij vernemen. Uiteindelijk werd hij op 10 augustus geconfronteerd met een aanzoek van de Belg Paul DeSmet, die tot vorig jaar in België een Histor-ploeg sponsorde.

Post vroeg een paar dagen bedenktijd, “om mezelf enthousiast te maken”. Maar op 18 augustus hield hij tegenover de bedrijfsleiding van Petrofina een presentatie. Al op 21 augustus kreeg zijn voordracht een positieve respons. Op 22 augustus tekende hij een letter of intention. “Zo snel ben ik nog nooit tot zaken gekomen.”

De Italiaan Fondriest en de Duitser Ludwig vertrekken. Post wist dat geen enkele eventuele sponsor zou kunnen opbieden tegen het salaris dat Telekom Ludwig in het vooruitzicht stelde. Hoe hoog het budget van de Franse ploeg wordt, is nog onduidelijk. Lager dan de bijna tien miljoen gulden van Panasonic vorig jaar. Om het budget enig aanzien te geven, is een co-sponsor nodig. En in het bestuur van de Stichting Continuïteit Bevordering Beroepswielrennen Europa(?) zal een plaatsje worden ingeruimd voor Fransen.

De ploeg bestaat voorlopig uit: de oud-Panasonic-renners Bouwmans (Nederland), Ekimov, Zhdanov (beiden Rusland), Sergeant, Nulens, Nelissen en Planckaert (allen België); verder Mottet, Pensec, Cornillet, Laurent (allen Frankrijk), Wust (Duitsland) en Neloebin (Rusland).