Aanval op de franc: EMS hangt aan een zijden draad

ROTTERDAM, 23 SEPT. “Tijdens de Franse revolutie werden speculanten agioteurs genoemd”, zei een duidelijk geaggiteerde Franse minister van financiën Michel Sapin vanochtend voor de Franse radio. En agioteurs, zo moeten valutahandelaren zich goed realiseren, wachtte destijds de guillotine.

Frankrijk en Duitsland hebben vanochtend de strijd aangebonden met de speculanten op de valutamarkten, die een frontale aanval op de Franse franc in gang zetten. Geen middel werd daarbij onbenut gelaten: bloedige rhetoriek, een renteverhoging, constante interventies van centrale banken en geruststellende politieke verklaringen moesten een tweede Black Wednesday in successie op de valutamarkten voorkomen.

Voor de franc stond er dan ook heel wat op het spel: de status als A-merk onder de Europese munten. Sinds het Europees Monetaire Stelsel vorige week uiteen gevallen is een kern, bestaande uit Duitsland en de munten van de Benelux, en een groep zwakkere broeders, waartoe onder andere het pond en de lire behoren, was de vraag tot welke groep de franc behoorde. Al sinds vorige week vrijdag proberen de valutahandelaren dat proefondervindelijk vast te stellen: kan de franc door de EMS-bodem worden gedrukt? Hoe zal Frankrijk op een aanval reageren? Na drie dagen van omtrekkende bewegingen begon vanochtend de finale.

Gistermiddag staken de eerste geruchten over een mogelijke devaluatie van de franc de kop op: de munt zou 3 procent in waarde moeten dalen. Een gerucht, niet meer. Maar geruchten in handen van de valutamarkt hebben de neiging om snel realiteit te worden. Daar weten ze in Groot-Brittannië alles van.

Het nachtmerrie-scenario dat zich precies een week geleden in de kantoren van Her Majesties Treasury ontvouwde, leek zich vanochtend in de de Parijse binnenstad te herhalen: politici die ten koste van de schatkist van de centrale bank de krachten van de markt met geweld proberen te keren. Norman Lamont moest de strijd met een politieke nederlaag bekopen.

De uitgangspositie van Sapin was evenwel vele malen beter. De anti-devalutatie strategie van de Fransen zat om te beginnen gehaaider in elkaar. In plaats van eerst te interveniëren en daarna als laatste redmiddel de rente te verhogen, zoals de Britse minister van financiën Lamont vorige week tevergeefs probeerde, verhoogde de Franse centrale bank al vroeg de rente, om daarna het schrikeffect met interventies te versterken.

Maar, nog veel belangrijker, Sapin weet zich gesteund door de oppermachtige Deutsche Bundesbank. De bank wilde niet bevestigen dat ze zich actief in de markt bewoog om de franc te ondersteunen, maar het had er wel alle schijn van. Bovendien ondertekende de bank vanochtend een Frans-Duitse verklaring die alle geruchten over een devaluatie moesten ontzenuwen.

Hoe anders was de situatie vorige week: Lamont was gedwongen zijn munt in zijn eentje overeind te houden. Lamont moest daarbij dwars tegen de Bundesbank in werken, die liet doorschemeren dat het pond moest devalueren.

Aanvankelijk leek de Franse aanpak succesvol: de franc veerde op. Maar al na een uur weer dreigde de munt terug te zakken naar de bodemkoers binnen het EMS. Ook de eerste reacties van valutahandelaren in Londen en Frankfurt waren niet bemoedigend voor Sapin: de genomen maatregelen waren onvoldoende om de geloofwaardigheid van de munt te herstellen, luidde hun oordeel. Het lot van de franc, daarmee dat van het EMS, hing vanmorgen aan een zijden draad.