Pessimisme in Brussel over GATT

BRUSSEL, 22 SEPT. De instemming van de Franse kiezer met het Verdrag van Maastricht heeft gisteren in Brussel nog niet kunnen zorgen voor een soepeler opstelling van de EG-landbouwministers in het GATT-conflict.

De al zes jaar aanslepende onderhandelingen in de zogeheten Uruguay-ronde in het kader van de GATT (Algemene Overeenkomst over Tarieven en Handel) in Genève zitten onder meer vast op een conflict tussen de EG en de VS over de hoogte van de landbouwsubsidies.

De Franse landbouwminister Mermaz verklaarde gisteren, halverwege een tweedaags beraad met zijn EG-collega's, dat de Franse uitslag de EG in een “veel steviger en veel evenwichtiger positie om met de VS te onderhandelen” brengt. Hij legde de nadruk op de grote onrust die er onder Franse boeren en arbeiders is gebleken over de Europese eenwording - ruim 49 procent van de Fransen stemde uiteindelijk tegen "Maastricht'. Mermaz vond dat bij de vorming van toekomstig EG-beleid hiermee rekening moet worden gehouden. Volgens Mermaz is het nu aan de VS om zich soepeler op te stellen. Hij schatte de kans daarop, gezien de presidents verkiezingen in de VS, niet groot in. De Nederlandse landbouwminister Bukman liet zich gisteren in soortgelijke bewoordingen uit.

Op de top van de zeven belangrijkste industrielanden (G-7) in juli te München hadden de regeringsleiders en staatshoofden afgesproken dat de Uruguay-ronde nog voor het eind van dit jaar wordt afgerond. Sommigen wezen toen openlijk het Franse referendum aan als het grootste struikelblok. Daarna zou de weg vrij zijn om een akkoord te bereiken, omdat Parijs meer speelruimte zou krijgen voor het doen van concessies.