Met medewerking van...

OP HET EERSTE gezicht lijkt het louter een afweging voor de programmamaker: kan er voor het verstrekken van bepaalde informatie geld worden gevraagd? Steeds vaker wordt in Hilversum die vraag met "ja' beantwoord.

Daarbij maakt het niet uit of het een programma van een publieke of de commerciële omroep betreft. Van een scheidslijn tussen die twee is tegenwoordig toch al nauwelijks meer sprake. Het verschil is slechts dat de één nog net iets meer reclame uitzendt dan de ander. Beide begeven zich al enige tijd op het gladde pad van de programma-sponsoring, waarbij het voor de kijker maar gissen is of hetgeen hij voorgeschoteld krijgt een objectieve keuze van de programma-maker is dan wel een keuze die vooral door financiële motieven is ingegeven. Als de huiskamer in een populaire televisieserie rechtstreeks uit de catalogus komt van een meubelgigant, dan is dat tamelijk onschuldig. Als in de aftiteling van een actualiteitenrubriek wordt vermeld welke firma de kleding van de presentatoren heeft geleverd, begint het met het oog op de journalistieke onafhankelijkheid al te wringen. Grenzen worden gepasseerd als onder het mom van de journalistiek informatie wordt gegeven waarvoor de boodschapper is betaald. Maar nogmaals, het is aan de programmamaker of het medium zelf, om die afweging te maken.

IETS ANDERS IS of mensen die een publiek ambt bekleden zich met dergelijke activiteiten moeten inlaten. Het ministerie van financiën heeft 65.000 gulden gestoken in een semi-journalistiek programma van de commerciële zender RTL-4 waarin aandacht werd besteed aan de Miljoenennota. In datzelfde programma trad minister van financiën Kok op. Het verschijnsel waarbij ministers zich laten interviewen in een door hun eigen departement gesponsord programma, blijkt niet uniek te zijn. Zo was minister Andriessen (economische zaken) te gast in het TROS-programma "Eigen baas' en trad minister Pronk (ontwikkelingssamenwerking) eerder dit jaar op in een programma van de AVRO over de milieutop in Rio de Janeiro. Moet kunnen, zegt de ene departementale voorlichtingsdienst, kan niet, zegt de andere, waarmee het verschil tussen de rekkelijken en de preciezen weer eens is aangetoond.

ALLEEN AL de discussie die nu is ontstaan over het programma waaraan het ministerie van financiën zijn medewerking heeft verleend, laat zien hoe diffuus het allemaal is. Het verweer van het ministerie van financiën luidt dat er niet is betaald voor het optreden van Kok, maar voor het onder de aandacht brengen van het door het departement uitgebrachte "rijksbegrotingsspel'. Los van de constatering dat de "beleidsmakers van de BV Nederland' nu blijkbaar ook al de "spelletjesmakers van de BV Nederland' zijn geworden (hoezo, kerntaken van de overheid?), blijft de vraag of dat onderscheid wel is aan te brengen. Anders gezegd: zou minister Kok ook tot twee maal toe in het programma zijn geïnterviewd als zijn ministerie geen 65.000 gulden had bijgedragen? Of, zou de minister wellicht wat kritischer zijn ondervraagd als hij niet tevens donateur was geweest? Het antwoord daarop zal nooit kunnen worden gegeven, maar de geur van belangenverstrengeling blijft. Daarom dienen ministers te voorkomen dat die schijn op enigerlei wijze kan ontstaan. Dat kan alleen door uiterst recht in de leer te zijn en op geen enkele manier persoonlijke medewerking te verlenen aan gesponsorde programma's.

DE ALGEMENE REKENKAMER constateerde eerder dit jaar dat er jaarlijks met allerhande voorlichtingsactiviteiten van de rijksoverheid een bedrag van niet minder dan 660 miljoen gulden is gemoeid. De communicatie-adviseurs die de afgelopen jaren rondom Het Binnenhof zijn neergestreken eten er een goed belegde boterham van. Het kabinet heeft afgesproken dat de voorlichtingsuitgaven volgend jaar met 51,7 miljoen gulden zullen worden teruggebracht. De eerste bezuinigingsposten hebben zich inmiddels aangediend.