Bureaucratie

In zijn artikel "Publiek ongenoegen' (NRC Handelsblad, 12 september) richt Ben Knapen zijn kritiek vooral op de bureaucratie, maar dat lijkt me nogal eenzijdig, hoeveel er ook inderdaad op die bureaucratie aan te merken is.

Als er weer eens iets loos is in de bureaucratie blijkt gewoonlijk, dat de ambtelijke top zich heeft afgesloten voor informatie. Waarom? Omdat die niet in de politieke kraam te pas kwam. Dat de burger zich van de politiek afwendt, mag dan een verschijnsel van de hele Westerse wereld zijn, dat sluit niet uit dat de opeenvolgende kabinetten-Lubbers er in Nederland op politiek gebied het hunne toe hebben bijgedragen. Met zijn bezuinigingen op de sociale zekerheid (onder het mom dat die "onbetaalbaar' zou zijn, terwijl we steeds rijker worden), heeft Lubbers het politieke klimaat in Nederland grondig bedorven. Onder het mom van lastenverlaging kregen en krijgen willekeurige groepen burgers steeds weer met lastenverhogingen te maken. Als Knapen dus terloops, als suggestie in de richting van een oplossing, sanering van de verzorgingsstaat aanbeveelt (lees: verdere bezuinigingen), slaat hij de plank goed mis. Juist de bezuinigingen, of in ieder geval de manier waarop die worden uitgevoerd, doen de burger zich walgend van de politiek afwenden. Voordeurdelersregeling, tweeverdienerswet, ingreep in de WAO waarbij zelfs bestaande rechten niet worden gerespecteerd, verhaalsplicht van de bijstand op ex-echtgenoten, het zijn stuk voor stuk voorbeelden van onbehoorlijk bestuur, die alleen niet als zodanig aan te pakken zijn, omdat de politiek ons ermee heeft opgezadeld en niet de bureaucratie. Dacht Knapen heus dat zoiets niet doorvreet? Besef goed: Aan de "calculerende burger' gaat een calculerende overheid vooraf.