Onderzoek: organisatie reclassering strakker

DEN HAAG, 21 SEPT. Het bestuur van de Nederlandse Federatie van Reclasseringsinstellingen (NFR) is onvoldoende in staat leiding te geven aan het reclasseringswerk. Een van de oorzaken hiervan is dat de organisatie sterk versnipperd is. Als de reclassering haar eigen identiteit wil behouden, moet zij volledige zeggenschap over de centrale sturing en subsidiegelden krijgen.Dat concludeert het onderzoeksbureau Berenschot in het rapport “Bestuur en organisatie van de reclassering”.

Berenschot stelt vast dat bij de overheid en justitiële instanties in toenemende mate getwijfeld wordt aan de effectiviteit van het reclasseringswerk. Het bestuur van de NFR kan geen vuist maken door een te grote inmenging van het ministerie van justitie als subsidiegever.

Volgens Berenschot zou de reclassering doelmatiger kunnen werken als een zogenoemd “concernmodel” zou worden opgezet met vijf instellingen, bestuurd door de Nederlandse Federatie van Reclasseringsinstellingen. Op dit moment telt de reclassering negentien onafhankelijke stichtingen met de NFR als samenwerkingsverband.

Met het concernmodel zou 7,5 miljoen gulden kunnen worden bespaard. In totaal moet de reclassering 13,5 miljoen bezuinigen op een budget van 118 miljoen. Berenschot acht realisering van het concernmodel echter op korte termijn niet haalbaar. Het bureau adviseert daarom tot een versterkte federatie te komen.

Het derde reorganisatie-model dat Berenschot ontwikkelde, betrof het handhaven van de negentien bestaande stichtingen, waarbij de overkoepelende federatie moet worden verzwakt of afgeschaft. Daarbij zou 4,2 miljoen gulden kunnen worden bezuinigd.

Het bestuur van de NFR is positief over het onderzoek van Berenschot.