Het Verenigd Europa is verder weggezakt dan ooit tevoren; Hitchcock-scenario: Brits-Deense oppositie tegen Maastricht krijgt Duitse steun

Sommige psychologen en politicologen beweren dat crisissituaties de werkelijke drijfveren van personen of groepen aan het licht brengen. Zo bestaan er sociale wetenschappers die onmiddellijk uitrukken zodra er ergens een crisis opduikt in de hoop wetmatigheden op het spoor te komen over hoe mensen of groepen handelen op momenten dat alles mis gaat. Natuurkundigen zijn eveneens gebaat bij uitzonderlijke situaties. Zij creëren deze zelfs in de hoop dat men deeltjes kan waarnemen waarvan men het bestaan vermoedde, maar nog nooit had kunnen bewijzen. Onze landgenoot Simon van der Meer is hier in geslaagd en heeft er zelfs een Nobelprijs voor gekregen. De sociale wetenschappers keken wat jaloers toe omdat zij meestal niet in de gelegenheid zijn in een laboratorium zelf onrust te creëren. Ik heb tenminste nog nooit vernomen dat sociale wetenschappers een treinkaping hebben georganiseerd.

De Fransen mogen nu hun ja-woord hebben gegeven, de tumultueuze gebeurtenissen aan de vooravond van het Franse referendum hebben opnieuw bewezen dat crisissituaties buitengewoon leerzaam kunnen zijn. Terwijl iedereen zich richtte op het voorspellen van de uitslag van de volksraadpleging, deed zich een unieke kans voor om de werkelijke drijfveren van de Europese natie-staten te achterhalen. De Franse preoccupatie met de Duitse demonen, de scheldpartij tussen Lamont en Kohl en de volstrekte negatie van de uitslag van het Deense referendum sluiten, op z'n zachtst gezegd, niet naadloos aan bij de conceptie van een Verenigd Europa.

De meeste Euro-watchers hebben tot hun verbazing vastgesteld dat zowel de voorstanders als de tegenstanders van een positieve uitslag van het Franse referendum, Duitse demonen als een uitgangspunt van hun redenering hebben gekozen. Voor de voorstanders is Maastricht een instrument waarmee het Franse monetaire beleid weer tot leven geroepen wordt en Duitse demonen voorgoed worden begraven. De tegenstanders gebruiken dezelfde woorden maar dan gespiegeld. Voor hen vertegenwoordigt Maastricht het begraven van de Franse staat en het herleven van de Duitse demonen. Het zal weinig verbazing wekken dat beide redeneringen in Bonn weinig enthousiasme hebben opgeroepen. Het is dan ook niet toevallig dat nu tachtig procent van de Duitse bevolking tegen de invoering is van een gemeenschappelijke munt.

Ook het Duitse gedrag van de afgelopen week was geen perfect voorbeeld van Europese naastenliefde. De gebeurtenissen die voorafgingen aan het Engelse en Italiaanse besluit om hun munten uit het EMS te halen, hebben duidelijk gemaakt dat de Bundesbank niet bereid is om de zwakke valuta onbeperkt te steunen. Het lijkt erop dat de Bundesbank bewust aangestuurd heeft op een herschikking. De Duitse Centrale Bank geeft om begrijpelijke redenen de voorkeur aan een monetair stelsel waar uitsluitend economisch sterke staten lid van zijn. Het EMS, dat vorige week al twee lidstaten heeft verloren, dwingt de Duitsers om ten tijde van een crisis hun marken te verkopen en zwakka valuta op te kopen, hetgeen leidt tot een ongewenste verruiming van de Duitse geldvoorraad. Dit betekent dat de Bundesbank niet alleen de rente bepaalt in Europa, maar ook de zwakke broeders tot devaluatie kan dwingen. Daarbij is het goed te bedenken dat een devaluatie net zo onmisbaar is als vervelend. De Italianen kunnen weliswaar op de korte termijn als gevolg van de devaluatie van de lire hun export verhogen, maar krijgen daar later de rekening voor gepresenteerd in de vorm van hogere inflatie. De Duitsers hebben hier geen boodschap aan, monetaire integratie is voorbehouden aan landen die de Duitse spelregels aanvaarden en het Teutoonse monetarisme kunnen dragen.

Het Britse gedrag maakt eveneens duidelijk waar Albion nu werkelijk staat. Adviseurs hebben het Britse kabinet wijsgemaakt dat men uitsluitend inflatie kan bestrijden indien men binnen het EMS de koers van het pond vastklinkt aan de Duitse mark. Dat is een strategie die werkt zolang een land voldoende economische spankracht heeft om de sterke Duitse economie bij te benen. In 1983 heeft Frankrijk voor deze strategie gekozen en hoewel er nog enige herschikkingen voor 1987 plaatsvonden, is er nu in Frankrijk een lagere inflatie dan in Duitsland. Dat Franse voorbeeld sprak Majors adviseurs aan, maar daarbij zagen zij twee belangrijke zaken over het hoofd. In de eerste plaats zijn er goede gronden om aan te nemen dat de Britse economie zwakker is dan de Franse economie en dus niet in staat is om de Duitse economie te volgen. In de tweede plaats heeft het Duitse onvermogen om de vereniging te betalen via lastenverzwaring in West-Duitsland geleid tot eenzijdig monetaire maatregelen, lees een hoge rente. En die Duitse hoge rente betekent binnen het EMS dat de andere EMS-lidstaten eveneens een hoge rentepolitiek moeten voeren, hetgeen in het geval van de kwakkelende Britse economie neerkomt op zelfmoord. De afgelopen dagen hebben geleerd dat de Britse rente, die overigens veel te laat werd verhoogd om de Britse participatie in het EMS te redden, zo dat al mogelijk was, zo verpolitiekt is dat men niet kan voldoen aan de Duitse spelregels. Lamont die in enkele uren de helft van de reserves van de Britse Centrale Bank had verspeeld, wist niets beters meer te doen dan maar openlijk aan de goede trouw van de Bundesbank te twijfelen. Dit kwam hem per kerende post op een berisping te staan van de Duitse olifant (Kohl) en de Nederlandse muis (Duisenberg).

Neen, er is meer aan de hand dan Euro-commissaris Andriessen denkt, die afgelopen week in steenkolen-Engels kwam verklaren dat het systeem even niet goed functioneerde. De Britse en de Italiaanse devaluatie waren onvermijdelijk en tonen nog maar weer eens aan dat een systeem van vaste wisselkoersen niet werkt indien de lidstaten economisch sterk divergeren. Een gemeenschappelijke munt zou theoretisch wel kunnen worden ingevoerd in landen die economisch in voldoende mate convergeren. Gebeurtenissen in zowel Duitsland, Denemarken als het Verenigd Koninkrijk doen nu echter ook twijfel rijzen over de haalbaarheid van een EMU in beperkte kring.

Zondagavond heeft Major namelijk een officiële verklaring uitgegeven waarin de Britse parlementaire behandeling van het Verdrag van Maastricht afhankelijk wordt gemaakt van een Europese top van regeringsleiders die de werking van het EMS zou moeten evalueren en het Deense probleem zou moeten oplossen. De Deense minister van buitenlandse zaken, Jensen, hoopt nu dat de uitvoeringsmodaliteiten van het Verdrag worden gewijzigd zodat zijn landgenoten in een tweede referendum wel hun goedkeuring zullen uitspreken. Daar komt nog bij, Hitchcock had het scenario kunnen schrijven, dat het Brits-Deense kamp om Maastricht uit te kleden nu opeens wordt gesteund door de Duitsers. Het heeft er alle schijn van dat een monstercoalitie van de SPD en de Bildzeitung, stilzijgend gesteund door de Bundesbank, Kinkel, Waigel en Rühe nu haar kans grijpt om de onomkeerbaarheid van het EMU-traject te torpederen. Voordat de Duitsers hun eigen munt moeten opgeven, kan dan eerst het Duitse parlement zich hierover nog uitspreken. De Nederlandse bewindslieden zouden er beter aan doen om deze ontwikkeling toe te juichen in plaats van te blijven hameren op de uitvoering van Maastricht. De stabiliteit is ermee gediend indien de Duitsers hun eigen toekomst kunnen bepalen. En een beetje stabiliteit kunnen we wel gebruiken.