Betaalde liefde

Twee keer heb ik afgelopen week stukjes gelezen waarin mannen hun ex omschreven als iemand "wier gunsten zij genoten hadden'. Nu mag iedereen zelf weten hoe hij zijn relaties definieert, maar wie dat in termen van "dienstverlening' doet, moet niet vreemd opkijken als wordt gevraagd voor die diensten te betalen.

Gemeenten hebben sinds kort de plicht om de bijstandsuitkering van gescheiden mensen (in de praktijk voornamelijk bijstandsmoeders) te verhalen op de ex-echtgenoten. Op zich wekt deze maatregel niet meer bevreemding dan de alimentatieplicht, die erop gebaseerd is dat mensen die gehuwd zijn geweest een onderhoudsplicht ten opzichte van elkaar hebben. Vrouwen die jarenlang worden onderhouden in ruil voor "gunsten' die een werkkring buitenshuis onmogelijk maken, moeten natuurlijk in leven worden gehouden ingeval ze aan de dijk worden gezet. Alimentatie is dan te vergelijken met een WW-uitkering. Een vrouw die haar relatie met een partner echter niet als betaalde liefde opvat, kan het ontvangen van alimentatie als vernederend ervaren. Mede om die reden wordt vaak via een nihilbeding alimentatie geweigerd. Maar met de plicht van gemeenten om de bijstandsuitkeringen te laten betalen door ex-partners wordt nu indirect een financiële band tussen de ex-echtgenoten hersteld. Wie voldoende geld heeft, moet voortaan zijn ex gedeeltelijk of volledig onderhouden, ook als de ontvanger dit uitdrukkelijk niet wil.

Dat het huwelijk een vorm van prostitutie is, zoals Multatuli al stelde, is een opvatting die bij radicale feministes leeft, maar zeker niet wordt aangehangen door christen-democraten, liberalen en socialisten. Toch zijn zij het die het huwelijk nog steeds definiëren als seks in ruil voor geld. Niet alleen sommige individuele mannen bedoelen met "gunsten' binnen een liefdesrelatie seks, vooral de overheid doet dat. Wanneer een man een huishoudster in dienst neemt voor het opvangen van kinderen, koken, wassen en strijken, zal hij haar voor die diensten betalen en haar ontslaan als ze niet voldoet of overbodig wordt. Pas wanneer in het pakket van diensten ook seks is opgenomen (een huwelijkscontract) wordt de man verondersteld degene die deze dienst verleent ook na de beëindiging van het contract te onderhouden.

Gescheiden vrouwen die voor hun levensonderhoud een bijstandsuitkering krijgen, waren voor de invoering van de "verhaalsplicht' door de staat verzekerd van een bestaan dat onafhankelijk was van het inkomen van een man. Dat wilde echter niet zeggen dat de staat vrouwen daarmee als onafhankelijke mensen beschouwde. Zodra ambtenaren van de sociale dienst zo'n vrouw betrapten op een "intieme relatie' met een man, kon haar dat haar uitkering kosten. Met de jacht op een tweede tandenborstel, mannenkleren in de wasmand en een door twee personen beslapen bed werd er vanuit gegaan dat zo'n man eventuele seksuele gunsten diende te betalen, zodat de overheid van de onderhoudsplicht ontheven was.

Nu de ex-echtgenoten moeten gaan opdraaien voor de bijstand van hun voormalige partners ontstaat er een soort harem-maatschappij. Maar welke man kan zich in deze tijd een harem permitteren? Wie één of meer keren getrouwd is geweest en wellicht inmiddels een nieuwe relatie heeft, zal het onderhoud van zijn ex(en) niet alleen niet kunnen opbrengen, hij zal er vooral geen zin in hebben. Vermoedelijk zal hij alles in het werk stellen om onder zijn betalingsplicht uit te komen en enthousiast de controle-functie van de inspecteurs van de sociale dienst overnemen. Wie zijn ex kan betrappen op een "intieme' relatie die hem schadeloos kan stellen, zal niet nalaten dat met gezwinde spoed bij de uitkeringsinstanties te melden. De gescheiden vrouw blijft in de nieuwe regeling niet alleen financieel gebonden aan een man met wie ze emotioneel niets meer te maken heeft, hij zal haar weer met argusogen gaan volgen. Alles wat zij doet of laat, kan verstrekkende financiële gevolgen hebben.

Het verhalen van bijstandsuitkeringen op ex-echtgenoten is om allerlei redenen een monstrum en omdat de maatregel, die per 1 augustus had moeten ingaan onuitvoerbaar is gebleken, heeft Sociale Zaken uitstel verleend. Belangrijker dan de praktische bezwaren, zijn echter de principiële, waarover het ministerie zwijgt. Het principiële bezwaar is dat de overheid het huwelijk nog steeds als prostitutie beschouwt (onderhoudsplicht) en dit beginsel in de bijstandsvoorzieningen wil laten doorwerken. Een emancipatoir beleid zou de doorwerking van de onderhoudsplicht juist moeten terugdringen om ruimte te maken voor vrije relaties tussen onafhankelijke mensen. Dat vrouwen door hun echtgenoten worden onderhouden in ruil voor hun "gunsten' blijft echter geaccepteerd, terwijl het ontbinden van dergelijke relaties zo onaantrekkelijk mogelijk wordt gemaakt. Op uit elkaar gaan staat voor de man een zware boete en voor de vrouw een twaalf jaar aanhoudende financiële binding.

De meest voor de hand liggende oplossing is natuurlijk: niet trouwen. Maar voordat je daar achter bent, is het meestal al te laat.