Stop op export varkens na constateren ziekte

ROTTERDAM, 19 SEPT. Export van varkens uit Nederland is sinds gisteren niet meer toegestaan. Ook is vervoer van varkens in grote delen van het land verboden. Daartoe heeft minister Bukman (landbouw) besloten.

Dit besluit volgt op de constatering in Italië, vorige week, van de zogenoemde "blaasjesziekte' bij uit Nederland afkomstige varkens. Deze virusziekte, die zelden de dood tot gevolg heeft, is uiterlijk niet te onderscheiden van mond- en klauwzeer, waaraan varkens veelal wel overlijden. Daarom worden alle Nederlandse varkens omgebracht waarbij de blaasjesziekte wordt vastgesteld, zo deelde het ministerie gisteren mee. Blaasjesziekte werd afgelopen juli voor het eerst sinds 1975 in Nederland geconstateerd. Het betrof enkele gevallen in Ede, Gelderland.

De stopzetting van de export - per week verlaten 40.000 tot 50.000 vleesvarkens en 40.000 biggen Nederland - levert alleen problemen op voor houders van biggen, aldus een woordvoerder van het Produktschap voor Vee en Vlees. De vleesvarkens die geëxporteerd zouden worden, kunnen volgens de woordvoerder nu in Nederland worden geslacht, en later gekoeld alsnog worden uitgevoerd. In de Nederlandse slachthuizen is er een overcapaciteit.

Biggen worden normaal levend geëxporteerd en in het buitenland vetgemest. Volgens het produktschap is er onvoldoende capaciteit de biggen die nu de grens niet over kunnen, in Nederland te mesten. Bovendien staat de mestgeving dit niet toe.

Een mogelijkheid is volgens het produktschap dat de biggen als speenvarken worden verkocht. Het produktschap wil dat de overheid een regeling instelt voor het uit de markt nemen van niet gemeste biggen. Volgende week overlegt het produktschap met het ministerie en de EG over de gevolgen van de exportstop.