Spaanse "costa' voor toerist aantrekkelijker

ROTTERDAM, 19 SEPT. Wat zijn de gevolgen van de Europese valutaire turbulentie voor de Nederlandse consument? Hoewel nog lang niet alle stof is neergedwarreld en de Fransen morgen nog ja of nee moeten zeggen tegen "Maastricht', is al wel duidelijk dat de toerist met een Spaanse, Italiaanse of Britse bestemming beter af is. De Spaanse "costas' zijn na de recente devalutie vijf procent goedkoper maar omdat de peseta zich sindsdien goed houdt, zal het daar voorlopig bij blijven. Verwacht wordt dat de Portugese escudo het voorbeeld van de peseta binnenkort zal volgen.

Italië wordt voor Nederlanders zo niet goedkoper dan toch veel minder duur. De devaluatie van de lire met zeven procent bleek de afgelopen week volstrekt onvoldoende en dat werd door de markt prompt afgestraft: de Italiaanse munt moest tijdelijk uit het Europese Monetaire Stelsel (EMS) worden gelicht. Economisch onderzoeker drs. Robert van den Bosch van ABN-Amro houdt er rekening mee dat de lire na terugkeer in het EMS over een x-aantal maanden tot twintig procent goedkoper zal zijn.

Ook een weekeindje Londen wordt aantrekkelijker. Het Britse pond schommelde gisteren na zijn tijdelijke vertrek uit het EMS rond de 2,95 gulden wat neerkomt op een devaluatie van circa tien procent. Van den Bosch verwacht dat het pond over enkele maanden op een niveau van ongeveer 2,90 gulden zal terugkeren in het EMS. Bankierskringen vermoeden echter dat het pond zich eindelijk zal stabiliseren op slechts 2,70 gulden.

Het besluit van De Nederlandsche Bank om het disconto met twee maal een kwart procent te verlagen, raakt in eerste instantie alleen de korte rente, dat wil zeggen de rente voor leningen tot zes maanden. Hypothecaire leningen zijn echter typisch langlopende leningen. Hoewel er tussen deze markten voor kort- en langlopende leningen geen directe of "mechanische' relatie bestaat, is er volgens analist Nico Kleine van ABN-Amro wel degelijk sprake van een "psychologische' relatie. Hij houdt er daarom, met wat slagen om de arm, rekening mee dat de hypotheekrente al over enkele weken de daling van het disconto zal volgen.

Drs. Jeroen de Leeuw, hoofd algemeen economische onderzoek bij de Rabo, noemt in dit verband een verlaging van de hypotheekrentes met 0,3 à 0,4 procent "waarschijnlijk'. Over de surrealistische getinte verhoging van de daggeldrente tot 500 procent - en korte tijd zelfs 2000 procent - in Zweden, zegt De Leeuw: “Niemand betaalt dat want idereen in Zweden houdt even de financiële adem in. Het is vooral bedoeld als een signaal naar de markt dat de Zweedse overheid zich zeer nadrukkelijk heeft gecommiteerd om de waarde van de kroon te handhaven. Dat lukt ze tot nu toe. Dat wordt de Zweden natuurlijk wel gemakkelijk gemaakt omdat hun kroon niet zo belangrijk en ambulant is.”

Gaat de Nederlandse consument nu minder betalen voor Italiaanse en Britse importen? Betrokken bedrijven houden de boot vooralsnog af. Zegsman H. Enklaar van Fiat-Nederland: “Wij wachten eerst af tot de uitslag van het Franse referendum voorbij is en de storm gaat liggen. In Turijn zal dan wel een besluit worden genomen.” De enige prijsverlaging die hij nu al kan toezeggen is die van de Italiaanse btw per 1 oktober. Dat maakt de Fiats een procent goedkoper. DAF heeft grote belangen in het Verenigd Koninkrijk maar een woordvoerder van deze firma vindt het veel te vroeg voor concrete uitspraken. Wel zegt hij: “Wij weten dat een laag pond voor de Britse export niet ongunstig is maar belangrijker blijft voor ons de vraag of de globale Britse economie zal aantrekken.”

Directeur F. van Putten van Rover-Nederland en Duitsland ziet voorlopig geen prijseffecten. Hij zegt: “Wij stellen hier de prijzen zelf vast en kijken daarbij vooral naar die van de concurrentie. Daar komt bij dat Rover-U.K. in 1991 in Nederland voor veertig miljoen pond aan onderdelen kocht, wat overeenkomt met onze Nederlandse omzet van 125 miljoen gulden. Wij spelen dus quitte.”

W. Sietsma van ING Bank wijst er op dat de invloeden van de huidige valutatroebelen op de Nederlandse consument zich vooral zullen openbaren via hun gevolgen voor de globale economische ontwikkeling. Zo kunnen de devaluerende landen nu goedkoper naar Nederland - en naar derde landen - exporteren, terwijl onze exporten naar die landen duurder worden. Toch verwacht Sietsma dat Nederland met zijn sterke economie en zijn comfortabele handelsbalans niet al te zeer zal lijden onder deze relatieve verslechtering van zijn concurentiepositie. En als devaluaties zullen leiden tot meer economische groei in Italië, Spanje en Groot-Brittannië moet dat de Nederlandse exporteurs uiteindelijk ook voordeel opleveren. Daar komt volgens drs. R. van den Bosch van ABN-Amro nog bij dat de crisis in het EMS de dollarkoers positief beïnvloedt en dat is evenzeer gunstig voor de vaderlandse economie.