Maastricht maakt naam door Frans referendum; Fransen twijfelen tussen "Maastriek' en "Maastrietsj'

MAASTRICHT, 19 SEPT. Liever sprak hij, zo verklaarde kort geleden in een televisieuitzending de vroegere Franse premier M. Rocard, over “het verdrag van de Europese Unie” dan over “het verdrag van Maastricht, dat kleine stadje in Nederland met die onuitsprekelijke naam”.

Wat betreft de uitspraak van de stad aan de Maas maken de Fransen, die morgen vóór of tegen "Maastricht' zullen stemmen, er dan ook nogal een potje van: “Maastriesjt, Maastriek” “Maästriek” en sinds kort “Maastrietsj”. Het Franse radioprogramma France Inter ging gistermorgen daarom over de uitspraak maar eens te rade bij de voorlichtster van de gemeente Maastricht, maar kreeg het er ook na herhaalde pogingen niet vlekkeloos uit.

“Het is dan ook voor een vreemdeling een heel gekke naam om uit te spreken. Daarvoor moet men zich inspannen en daardoor wordt de naam van onze stad nog beter in het geheugen gegrift.” Burgemeester mr. Ph. Houben ziet zelfs in de prononciatieproblemen een voordeel. De man, die aan het hoofd staat van een stad die donderdagavond in een acht minuten durende uitzending van het Franse televisienieuws van TV5 tot tweeëntwintig keer toe werd genoemd, is er eenvoudig onder gebleven.

In de rijkelijk met gobelins beklede burgemeesterskamer van het monumentale stadhuis op de Markt maakt hij eigenhandig de zakjes met broodjes voor de lunch open. Maar intussen kan hij zijn geluk bijna niet op. “Ik vind het hartstikke leuk dat het beeld van de stad, waaraan je zo met hart en ziel werkt, op een manier wordt versterkt zoals wij het graag zien: dat we kwaliteit en internationaliteit te bieden hebben. Onze bedoeling, die ons voor ogen stond toen we de Europese top in december naar Maastricht wisten te halen om de naamsbekendheid te vergroten, is voor meer dan honderd procent geslaagd, hoewel het nog te vroeg is om de precieze effecten te kunnen meten. Maar of het nu zondag in Frankrijk ja of neen zal worden, Maastricht blijft hangen.”

Algemeen directeur G. van Lijf van de Maastrichtse VVV en van het bureau dat met groeiend succes congressen naar het Maastrichtse Expositie- en Congrescentrum (MECC) haalt, kan melden dat in de afgelopen weken 66 vertegenwoordigers van nationale en vooral buitenlandse media hem of medewerkers van zijn bureaus hebben geïnterviewd. “Tot voor kort was Maastricht voor buitenlanders alleen maar een naam, nu begint men er zich dankzij de talloze publikaties ook een beeld bij te vormen.” Hoe dat beeld er voor hemzelf uitziet? “Dit is een stad van nog aangename omvang met talloze mogelijkheden voor cultuurminnende, gezelligheidappreciërende, internationaal georiënteerde gastronomen.”

Van Lijf vertelt over de Parijse dame, die door het Frans-Duitse tv-cultuurprogramma Arte, dat zondag wordt uitgezonden, in een Maastrichtse straat werd geïnterviewd. Ze was zich, zo zei ze, nu de naam Maastricht zo veelvuldig over de tong gaat, op de hoogte komen stellen van sfeer en karakter van de stad. En hoewel ze pas aan de derde dag van haar vierdaags bezoek toe was, was haar oordeel toch al gevormd: “Ik stem zondag vóór Maastricht.”

Maastrichtenaren maakten tijdens de zomervakantie in het buitenland foto's van rekken met de voorpagina's van kranten waarop de naam "Maastricht' vele malen paginabreed stond afgebeeld. Tien maal onder elkaar de naam te zien noemen van hun geliefde stad: het bracht ze enigermate in verrukking. Tijdens een recent bezoek aan Boekarest ontdekte een Maastrichtenaar dat een Roemeense douanier de naam van zijn stad, die in zijn paspoort werd vermeld, door de mond liet gaan als was het een exquise wijn. Anderen melden dat het noemen van de naam Maastricht gratis rondjes in een Engelse pub opleverde. De Britse dames, die volgens een enquête van de Europese Gemeenschap dachten dat Maastricht een soort kaas was, zaten er niet zo heel ver naast, maar in Maastricht heet het romige kaasje "rommedoe'.

De woordvoerder van het MECC, door het Franse dagblad Libération ondervraagd, zei dat hij al eens een sprong van vreugde had gemaakt toen de Denen "neen' zeiden tegen "Maastricht'. Immers: dan zou de naam nog langer in de roulatie blijven. Zijn dank aan de Fransen moet haast grenzeloos zijn. Dezelfde krant meende overigens achter de juiste uitspraak te zijn gekomen: “Prononcez Mastriert”.

De Fransman, aangehaald in Le Nouvel Observateur, die zei tegen Maastricht te zullen stemmen omdat hij vreesde dat hij met een "ja' geen bajonetfittingen voor de lampen in zijn kroonluchter meer kon krijgen, kan zelfs worden gerustgesteld: in een zaak in de Maastrichtse Wijker Brugstraat zijn ze nog ruim voorradig.

Veel Maastrichtenaren zijn, hoewel gestreeld door zoveel buitenlandse belangstelling, toch een beetje bezorgd. Ze vrezen dat een nog grotere naamsbekendheid nog meer toeristen naar de stad zal lokken. Nu al hoor je ze tijdens de zomermaanden verzuchten: “Iech zal blij zien es de Vriethof weer vaan us is.”

    • Max Paumen