Hirsch Ballin bepleit meer hartstocht in de politiek

AMSTERDAM, 19 SEPT. Politici moeten minder in technische termen en meer met hartstocht problemen aan de orde stellen. Gêne voor een moreel appel aan de bevolking is daarbij misplaatst.

Dit betoogde minister E. Hirsch Ballin (justitie) gisteravond op een discussiebijeenkomst in De Balie in Amsterdam over het thema Het Publieke Ongenoegen. De discussie over “de groeiende afstand tussen burger en politiek” werd georganiseerd naar aanleiding van de verjaardag van de, twee maanden geleden 65 jaar geworden, journalist H.J.A. Hofland.

De mondialisering van het bestuur, de stroperigheid van de bureaucratie maar vooral “de vertechnisering van het politieke debat” hebben volgens Hirsch Ballin de vergroting van de afstand burgers en politici in de hand gewerkt. Als het gaat over fraude in de sociale zekerheid wordt er volgens de minister niet gesproken over diefstal maar over de betaalbaarheid van het sociale stelsel. “Bij het milieubeleid praten politici eerder in termen van technische voorschriften dan over het rentmeesterschap”.

Hirsch Ballin constateerde dat moralist ten onrechte een soort scheldwoord is geworden. Politici moeten echter burgers direct durven aan te spreken zodat men “innerlijk van de problemen doordrongen raakt”.

Wetenschapsfilosoof J. van Heerden en Hofland verschilden nadrukkelijk met Hirsch Ballin van mening. Volgens Van Heerden is een politicus niet geschikt om over morele waarden te spreken omdat hij altijd het effect van zijn woorden weegt. Hij denkt aan de kiezer en aan zijn partij. Een politicus kan zich “geen krasse uitspraken” permitteren voor een enerverend en innoverend intellectueel debat.

Hofland meent dat het publieke onbehagen onstaat omdat de overheid zich niet aan haar woord houdt. De burger betaalt belasting en koopt daarmee diensten van de overheid die uiteindelijk niet levert wat ze zegt te leveren. “De klant is in orde maar de winkelier deugt niet”.