EDDY HABBEMA

Eddy Habbema (45) is theater- en televisieregisseur. Na de regie te hebben gevoerd in diverse oorspronkelijke, Nederlandse musicalprodukties staat hij nu voor de grootste opgave in zijn carrière: Cyrano, dat deze week in de Amsterdamse Stadsschouwburg in première ging. Habbema is vader van een dochter van zeven weken en tweede vader van een zoon van zes.

Donderdag 10 september

Met een schok wakker. Onmiddellijk spoken de herinneringen aan gisteravond door mijn hoofd: de voorstelling liep net zo goed. Cast en orkest konden elkaar goed volgen: de changementen liepen (vrijwel) perfect; Bill, Danny en Ryan prachtig op dreef; en opeens, middenin de scène na de pauze waar Cyrano op het punt staat aan Roxane zijn liefde te bekennen, ging er iets mis.

Het was alsof alles leegliep. Ik hoorde alleen maar violen, de rest van het instrumentarium was uitgevallen. Ryan liep traag naar haar nieuwe positie, maar zette niet in. Bill hield zijn blik ergens strak tussen Ryan en de dirigent gericht. Ik stond op in de zaal en wandelde traag naar voren langs de rijen gespannen kijkende toeschouwers, richting orkestbak. De trage, boze droom leek eindeloos te duren. Toen stond ik aan de rand van de bak en staarde in een diep, pikzwart gat. Alles was uitgevallen daar: microfoons, synthesizers, monitors, zelfs de lessenaarsverlichting was uit. De strijkers hadden uit hun hoofd nog geprobeerd door te spelen, maar tevergeefs. Ik zei: ""Dames en heren, ik denk dat we de voorstelling even moeten onderbreken.'' Er ging een rilling door de zaal: de spanning brak en we waren met zijn allen terug in de realiteit.

Ik probeer de herinneringen van me af te schudden terwijl ik naar IJmuiden rij. Hoe onze technici en die van het theater in allerijl het euvel probeerden op te sporen, terwijl ik afwisselend de zaal toesprak en de cast probeerde te bezweren de spanning vast te houden.

Toen we eindelijk verder gingen, speelden de acteurs alsof hun leven ervan afhing. Zowel Christians als Cyrano's sterfscène was adembenemend, bijna letterlijk: het was alsof het publiek lang, heel lang zijn adem inhield. Daarna barstte het los in een gejuich en geklap waarin de opgelopen spanning zich kon ontladen.

Weg herinneringen. Aan het werk. Er zijn nog altijd tientallen punten die verbeterd moeten worden: muzikale inzetten, plekken waar mensen elkaar afdekken, een blikrichting die niet klopt, een overgang die niet helder is, het balkon zwabbert nog steeds.

Alan (de dirigent) en ik werken als bezetenen; het is één van onze laatste kansen om dit soort verbeteringen aan te brengen, beseffen we. Cast en orkest zijn moe, maar gewillig: ze voelen heel goed aan dat we nog veel, veel verder moeten komen.

De voorstelling 's avonds is heel goed. Iets minder spanning dan die krankzinnige voorafgaande voorstelling natuurlijk, maar heel gaaf en geconcentreerd. De correcties van overdag worden bijna vlekkeloos in de voorstelling opgenomen.

Als ik, nog steeds opgewonden, thuiskom is Esther wakker. Ik neem haar bij mij in bed om haar in slaap te sussen. Ze is onrustig, of komt het door mij? Ik zie haar ook zo weinig. Haar bewegingen op mijn borst ontspannen me. Vredig begin ik weg te zakken. Vaag merk ik nog dat Branca haar van mijn borst plukt.

Vrijdag

Esther moet geprikt; op naar het Artsenlab waar ze ons inmiddels zo goed kennen. Haar Hb is weer aan het dalen; ik denk dat ze binnenkort weer een transfusie moet krijgen. Dit is nog steeds de nasleep van het resus-antagonisme dat haar ook al vóór de geboorte levensgevaarlijk bedreigde. Zonder dr. Kanhai en zijn medisch team in het AZL was zij niet levend ter wereld gekomen. Wat een artiest, die man; en met wat een diagnostisch èn psychologisch inzicht heeft hij ons door deze gecompliceerde zwangerschap heen gelaveerd. Lieve Esther, wat merk jij al vroeg dat leven pijn doet.

Naar IDTV. De produktie van "Het Oude Noorden', de op het Engelse "Eastenders' gebaseerde serie die wij voor de Vara gaan maken, is in volle gang. Er moet met spoed een aantal beslissingen genomen worden, over het decor, de casting, de scripts en de produktieplanning.

Het decor gaat vóór: het ontwerp is klaar, de maquette is schitterend. Maar de financiën zijn een probleem. Voor het eerst wordt voor een Nederlandse serie een volledige buitenlocatie gebouwd, zodat binnen en buiten naadloos in elkaar overvloeien en het net lijkt of we alles werkelijk in het Oude Noorden van Rotterdam hebben opgenomen. Het zoeken is nog naar een grote sponsor die zich opwerpt als beschermheer van dit unieke project. Er wordt een gefaseerd bouwplan opgesteld, zodat de constructeurs in ieder geval kunnen beginnen. Want de tijd dringt: begin november draaien we.

Andere beslissingen moeten even wachten, want ik ben alweer op weg naar IJmuiden. Daar geef ik iedereen de "notes' van de vorige avond. De cast is opgewonden. Ruiken ze de stal? Het balkon zwiept nog steeds. Ik besluit ze verder met rust te laten. Het is goed als ze een avond zonder mij zijn en dat geeft mij de gelegenheid naar Carré te gaan om de Amsterdamse première van Paul van Vliet bij te wonen.

Terwijl ik naar hem zat te kijken kwamen er herinneringen aan onze repetities in de afgelopen winter bij me boven. Paul had me gevraagd hem te helpen omdat hij een nieuwe weg wilde inslaan: meer eenvoud, minder typetjes en meer actieve deelname van de vier muzikanten. Ik aarzelde om ja te zeggen tot de inhoud van het programma me duidelijk werd (hij stond het in mijn zitkamer bijna volledig vóór te spelen): een man op het keerpunt in zijn leven kijkt om (spijt?) en blikt vooruit (deel 2).

Die ene dag - die ene nacht

Niet meer te vragen van Waarom

Maar zeker weten dit ben ik

En dit gevoel daar gaat het om.

Als je dat één keer hebt gevoeld

En je dus weet dat het bestaat

Dan moet je tot je laatste snik

Onthouden dat het dáár om gaat.

Een man die dit schrijft wilde ik wel even meemaken. Ik heb ja gezegd. Op de nazit komen er veel mensen op me af met enthousiaste verhalen die ze gehoord hebben over Cyrano. Ik begin zenuwachtig te worden. En vertrek.

Zaterdag

Eindelijk krijg ik William Hobbs, onze Engelse scherm-meester, te pakken. Er zijn nog steeds plekken in het duel die niet in orde zijn en ik wil dat hij naar ons toekomt. Hij had al iets vernomen: zijn koffers staan gepakt.

De hele dag tv-opnames voor de special die RTL-4 dinsdagavond gaat uitzenden. Alle interviews en sfeerbeelden zijn al gemaakt, evenals de repetitie-scènes. Maar de scènes die het eindresultaat tonen kunnen pas nu opgenomen, nu we qua spel, muziek en techniek ver genoeg gevorderd zijn. Het wordt een uitputtingsslag: Danny is af en toe duizelig (vermoeidheid? ziek?) en Ryan heeft koorts. En we moeten nog spelen vanavond! Maar het resultaat van de inspanningen is beeldschoon, zie ik op de monitors.

Ik besef dat ik mijn broertjes verjaardag weer eens misloop. En, nog erger, Siems afscheidsfeestje. We hebben hem, mede naar aanleiding van een onderzoek bij het Nijmeegse Centrum voor Hoog Begaafdheidsonderzoek, van zijn huidige school gehaald. Daar waren te weinig mogelijkheden om hem de extra aandacht, die voor zijn verdere ontwikkeling nodig is, te geven. Gelukkig werden we door opa Schellevis op het (prille) bestaan van de Europaschool gewezen, waar ze op grond van hun leerplan extra onderricht aan de kinderen geven (in groep 3 Frans, in groep 4 Italiaans of Spaans erbij) èn extra culturele activiteiten ontwikkelen (muziekles, museumbezoek) èn een meer individueel gerichte onderwijsbenadering hanteren.

Siem vindt het wel zwaar (dagen tot half vijf!) maar is voor het eerst weer enthousiast over school.

Laatste voorstelling IJmuiden. Ik ben bang voor het resultaat, gezien de uitputtingsverschijnselen. Ik hou vlak voor aanvang op het toneel een peptalk voor acteurs en techniek: het is onze laatste kans te bewijzen wat voor een voorstelling dit kan worden, alvorens weer opgeslokt te worden door de technische problemen van de aanpassing in Amsterdam; laat ons dit spelen alsof het onze première is.

Het blijkt de indrukwekkendste voorstelling tot nu toe. De cast breekt door zijn vermoeidheid heen en gaat op volle kracht, zonder de exactheid en de scherpte te verliezen. De zaal klapt op momenten dat er nog niet eerder geklapt is. Het balkon zwiept nog steeds.

Na afloop vraagt Joop of hij alle medewerkers mag toespreken. Hij is zichtbaar geëmotioneerd door deze avond, hij voelt dat hij bezig is te krijgen waar hij zo op gehoopt had. Ik kijk naar hem, terwijl hij praat. Wat een lef heeft die man: zoveel geld steken in zo'n theatervoorstelling, zoveel mankracht, tijd en liefde steken in zo'n onzeker produkt als EEN NIEUWE MUSICAL. En wat een geduld en moed heeft hij getoond door ons artistieke team zo'n vrijheid te gunnen in het tot stand brengen ervan. Vaak aanwezig, altijd stimulerend, soms hete adem blazend in onze nek, maar nooit artistiek interveniërend.

Als wij het theater verlaten zijn onze technici onder Robs koelbloedige leiding bezig met hun huzarenstukje: het afbreken en weer opbouwen van het decor van Cyrano in twee dagen (en twee nachten, want het zal weer tot 06.00 uur duren voordat alles in de vrachtwagens zit).

Zondag

Rustdag. Ik voel me niet erg rustig. Ik lees alles wat ik te pakken kan krijgen over "Sissi', de musical die Harry Kupfer op dit moment in Wenen aan het maken is. De berichten zijn gemengd. Wanneer zal ik tijd hebben om te gaan kijken?

Inmiddels blijkt William Hobbs gearriveerd. We zitten enkele uren voor de video naar het duel van gisteravond te kijken en bespreken tot in de details de noodzakelijke verbeteringen. We hebben er maar twee dagen voor, want dinsdag spelen we!

Maandag

Ik laat Esther prikken in het besef dat ik waarschijnlijk vannacht nog met haar naar Leiden zal moeten voor een bloedtransfusie.

Dan loop ik met haar naar de Stadsschouwburg. Een deel van het decor hangt al in de kap, het speciale lichtplafond wordt op dit moment gemonteerd, straks komen de hydraulische vloeren nog. Het is te veel! Dat redden ze nooit. Zelfs Paul (Gallis) en Reinier (Tweebeeke) maken een gejaagde indruk.

De komst van Esther is even een afleiding. ""Voor het eerst op het toneel!'' roept één van de mannen van de Stadsschouwburg. En weg zijn ze weer, aan het werk.

Ik ga naar de repetitie van Hobbs met onze twee vechters Bill en Rik. Ze zijn nerveus: een paar volledig nieuwe sequenties? Dat leren we nooit in zo'n korte tijd. Maar Hobbs gaat kalm en overtuigend aan het werk. In een half uur zitten de belangrijkste nieuwe slagenwisselingen erin. Een half jaar geleden deden ze over zo'n zelfde stuk één à twee dagen! Nu nog het bepalen van tempo en ritmiek en het plaatsen van het geheel binnen de muziek. Een hopeloze opgave, lijkt het. Redden we dit?

's Avonds naar Tsjechov in Alkmaar. De voorstellingen gaan goed en zitten gelukkig overal weer zeer vol. Maar er waren wat technische en muzikale problemen die ik wil helpen oplossen. Ik kijk glimlachend naar de voorstelling. Wat is het toch een snoepje! Zo vederlicht, zo lief, net een impressionistisch schilderij. Wat een verschil met het harde clair/obscur van Cyrano, zowel in beeldend als in emotioneel opzicht. Ik geniet. Opeens versmelt ik weer even met Tsjechov, die wanhopig aan Lika probeert uit te leggen wat voor hem het leven en het kunstenaarschap inhoudt:

""Je vleugels uitslaan in een hemel die van jou is en die zo schitterend en helder stralend blauw is, je ziet de wereld ver beneden je verdwijnen, je voelt de zon steeds warmer op je vleugels schijnen. Je vliegt omhoog, 't is net of Icarus weer daar is, zijn slanke vleugels, blank als pas gevallen sneeuw. Het wordt jouw dood, maar je gelooft niet dat dat waar is, totdat je neerstort als een aangeschoten meeuw.''

Ik voel me even heel eenzaam.

Thuisgekomen het bericht: Esthers Hb is vrijwel niet gedaald. Dus geen transfusie, geen nachtelijke excursie naar Leiden. Zou ze het op eigen kracht gaan redden? Niet te vroeg juichen nu. Niet juichen.

Dinsdag

's Ochtends vroeg kruipt Siem bij me. Wat heb ik hem gemist die dagen dat hij bij zijn vader is. Langzaam voel ik zijn lichaam en geest ontwaken: zijn spieren spannen zich en zijn praatjes worden samenhangender. Evolutie van baby tot man, iedere ochtend.

Branca begint uitgeput te raken, vooral van de nachtelijke voedingen, dus ik breng Siem naar zijn nieuwe school. Als ik weg wil gaan klampt hij zich opeens aan me vast. Wat is er? Vinden er toch te veel overgangen in zijn leventje plaats? Er moet meer rust komen, nu.

In de Stadsschouwburg vorderen decor, licht en geluid gestaag. Eindelijk is ook het nieuwe balkon gearriveerd. Maar het is minstens een halve meter te laag! En de hydrauliek ervan functioneert niet goed. Machteloos repeteer ik met Bill en Danny een aangepaste versie van de balkonscène voor die avond. Zo komen we nooit aan perfectioneren toe!

Het duel moet in de nieuwe versie op de extra schuine vloer in de Stadsschouwburg gerepeteerd worden, maar als we het balkon proberen weg te krijgen spuit de olie opeens alle kanten op. Dan maar onder het (te lage!) balkon door repeteren. Om kwart over 8 staat het balkon nog steeds als een moloch op het toneel. De zaal zit vol, we moeten beginnen. Eindelijk, om half negen lukt het de technici met een lier en katrollen het balkon de lucht in te krijgen. We kunnen beginnen! Ik heb overal pijn.

Woensdag 16 september

De voorstelling is verrassend goed gegaan, gezien de omstandigheden. Zelfs de balkonscène werkte voortreffelijk. Ik haat balkons!

Ik bekijk de video van de "making-off' van gisteravond. Flitsend, mooi rustig in het midden, goed opgebouwd. Dan naar Robert, mijn fysiotherapeut, die de ergste ellende van gisteravond er weer uit weet te slaan.

En dóór naar de schouwburg. Daar is 's nachts een verhoogde versie van het balkon geconstrueerd. En zelfs de hydrauliek blijkt het te doen. Tot de zaak met een gigantische knal tot stilstand komt. Houdt deze nachtmerrie dan nooit op? Als het zwaard van Damocles hangt het balkon schuin boven het toneel.

We repeteren zo goed en kwaad als het gaat en hebben 's avonds een zeer mooie voorstelling. Toch blijven we na afloop onrustig: zijn we klaar? Is het goed genoeg? Hebben we te hoog gegrepen?

Ik verlang naar morgen: Verder dan dit kunnen we onze nek niet uitsteken: eens zien of onze kop er na morgen nog op zit.