De les van Zürich

De stad Zürich telt een extreem hoge concentratie hard-drugs-gebruikers. Het gemeentebestuur voert een gedoogbeleid en heeft op een aantal plaatsen in de stad "Fixerräume' ingericht waar verslaafden zich heroïne kunnen toedienen. Burgemeester Estermann is voorstander van een gereguleerde verstrekking van hard drugs aan ernstig verslaafden, "om de stress te verminderen, die 24-uurs jacht op geld en dope'. Binnenkort wordt met het experiment begonnen. Volgende week ontvangt Zürich een delegatie uit Rotterdam.

In het gras, vlakbij de rivier, ligt een jong meisje. Ze is bewusteloos. ""Overdosis van heroïne, cocaïne en rohypnol'', zegt een vriendin met een vaal gezicht die naast haar staat. Twee gealarmeerde broeders voeren haar per ambulance af. De oever van de rivier en de hogerop gelegen kade zijn bezaaid met duizenden plastic zakjes waarin schone naalden hebben gezeten. Achter boodschappenkarretjes met daarop een plank staan de Filterlifixer. Zij verhitten met een kaars kromgebogen lepeltjes waarop verslaafden hun zakjes coke en heroïne kunnen legen. Nadat de drugs met water en ascorbinezuur zijn vermengd, zuigen de gebruikers het vrijgekomen mengsel op met een sigarettenfilter om het vervolgens in te spuiten. De drab die overblijft is voor de Filterlimann, die op zo'n manier gratis aan zijn eigen portie komt.

De Sihl-quaie begint vlak bij het Centraal Station van Zürich. De eerste paar honderd meter zijn voor de verkopers en gebruikers van hasj en marihuana. Even verder begint de hard-drugs-sectie. Armin, een 20-jarige jongen die sinds vijf jaar verslaafd is, fungeert als gids. Om zijn twee à drie dagelijkse Knälle te kunnen bekostigen, prostitueert hij zich. Armin is er nog relatief goed aan toe, want hij heeft onderdak bij zijn moeder. De meeste verslaafden die op de Sihl-quaie rondhangen zijn verwaarloosd, ondervoed, ziek en dakloos.

Overal staan, zitten of liggen gebruikers die zich open en bloot inspuiten. Een jongen die vol zit met abcessen, laat zijn broek zakken en injecteert zich vlak boven zijn geslachtsdeel. Een ander doet het in zijn been, weer een ander in zijn hand. Een smal loopbruggetje leidt naar een stuk niemandsland, waar spoorrails lopen en oude goederenwagons staan. Hier bevinden zich vele honderden verslaafden. Het aantal verkopers lijkt bijna even groot als het aantal gebruikers. Overal worden Pumpe (naalden), Sugar en Coki aangeboden. Op een bankje spuiten een jongen en een meisje elkaar om beurten in. Vlak naast hen ligt iemand stuiptrekkend te huilen, een ander spuit zich in zijn hals. Een naar urine stinkende jongen zoekt met een bezeten blik iets onder een wagon.

Steeds opnieuw drijven politiemannen de groep uiteen. Sommigen lopen langzaam weg, anderen verdwijnen schielijk in zijstraten, de Filterlimänner proberen hun boodschappenkarren in veiligheid te brengen. ""We patrouilleren hier permanent met zestien man'', zegt een agent desgevraagd. ""Zodat iedereen hier weet dat we er zijn. Dealers arresteren we, van Filterlimänner met meer dan drie spuiten nemen we alles in beslag.'' Op de vraag of hij het gevoel heeft invloed op de situatie te hebben, antwoordt hij slechts met: ""De politici beslissen en ik doe mijn werk. Dat is alles.''

Overlast

Zwitserland telt vijfentwintig- à dertigduizend hard-drugs-verslaafden, in verhouding het grootste aantal van Europa. Van hen verblijven er vier- à vijfduizend in Zürich. Vanaf 1987 tot begin van dit jaar bivakkeerden ze in het vlak bij de Sihl-quaie gelegen Platspitz-park, in de volksmond al snel Platspritz-park geheten. De oorspronkelijke bedoeling was de drugsscene van Zürich op één vaste plaats te concentreren, teneinde de overlast voor de bevolking zo veel mogelijk te beperken. Een fatale vergissing, bleek achteraf, want verslaafden uit geheel Zwitserland en uit diverse andere Europese landen bleken als een magneet door het hero-park te worden aangetrokken.

""We hebben die zuigkracht volledig onderschat'', geeft burgemeester Josef Estermann volmondig toe. ""We hadden nooit gedacht dat zo veel duizenden spuiters hun intrek in het park zouden nemen. Uiteindelijk ontstond een van de buitenwereld afgesloten subcultuur die totaal oncontroleerbaar werd.''

In februari was de maat vol. Platspitz ging dicht en tot op de dag van vandaag zijn de herstelwerkzaamheden van het park in volle gang. Slechts de op een muur naast de dichtgeklonken toegangshekken gekalkte leuze "Verzet in plaats van gif! Dealers en smerissen oprotten' herinnert nog aan vroegere tijden. Sindsdien is het aantal buitenlandse verslaafden dat zich in Zürich ophoudt bijna tot nul gereduceerd en is het aantal gebruikers, dat zich langdurig op straat ophoudt, afgenomen. De harde kern van zwaar verslaafden is echter gebleven. ""De politie kan de zaak helaas nog altijd niet aan en is met te weinig mensen aanwezig'', stelt Herr Stadtpräsident. En hij kan het weten want hij woont recht tegenover de Sihl-kade, terwijl zijn vrouw les geeft op een school die zich eveneens midden in de drugswijk bevindt.

Als poging om het gebruik van en de handel in hard drugs te beteugelen mag het concentratiebeleid in Platspitz dan volledig mislukt zijn, voor wetenschappers vormde het park een waar Eldorado. Een van de onderzoekers ter plekke was prof. dr. Peter Grob van de afdeling klinische immunologie van het Academisch Ziekenhuis in Zürich. Intraveneuze druggebruikers zijn volgens hem te onderscheiden in drie groepen. De eerste groep bestaat voor bijna de helft uit gelegenheidsgebruikers die sociaal geïntegreerd zijn en hun gebruik angstvallig verzwijgen.

De tweede groep - ruim dertig procent - neemt nog gedeeltelijk deel aan het maatschappelijk leven maar is aan het afglijden. De laatste groep van twintig procent vormt de harde kern van zwaar verslaafde out-casts. ""Vrijwel alle bestaande onderzoeken en cijfers over druggebruikers zijn afkomstig uit kringen van hulpverleners en instellingen. Ze hebben dus met name betrekking op de derde groep'', meent Grob. Dat er bij voorbeeld in Nederland relatief weinig intraveneuze druggebruikers zijn en dat het aantal heroïneverslaafden afneemt, zegt hem niets. ""Want alleen op straat bereik je alle groepen druggebruikers en meestal zijn die te verspreid om een betrouwbaar onderzoeksresultaat te verkrijgen.''

In institutioneel opzicht is Nederland veel beter uitgerust dan Zwitserland, meent Grob. ""Maar dankzij Platspitz zijn we wat betreft de analyse van het probleem veel verder. Wat we hier hebben kunnen doen, is wereldwijd uniek.'' Platspitz werd jaarlijks door 25.000 verschillende verslaafden bezocht, dagelijks trok het park gemiddeld twee- à drieduizend bezoekers. Grob beklemtoont dat druggebruikers - veel meer dan verondersteld wordt - verantwoordelijk zijn voor de verspreiding van besmettelijke virusziektes. Dat komt volgens hem vooral omdat een aanzienlijk deel van hen bestaat uit ""maatschappelijk actieve, promiscue belastingbetalers''.

Hepatitis

In 1991 bleek 39 procent van alle Zwitsers met hepatitis A regelmatig of incidenteel hard drugs gebruiker, bij hepatitis B bedroeg dat percentage 52 en bij het gevaarlijke en chronische hepatitis C virus ging het om de helft van alle gevallen. Zwitserland telde op 30 september 1991 2086 aids-patiënten en 14.128 sero-positieven, waarmee het land in verhouding Europees koploper is en Zürich, met een derde van alle Zwitserse sero-positieven, aids-hoofdstad van Europa. Van de in de periode 1989-1991 geregistreerde aids-patiënten bleek 37 procent druggebruiker en van de sero-positieven 44 procent. Grob: ""Voor bijna alle in Zwitserland voorkomende besmettelijke virusziektes blijken de 25.000 hard druggebruikers in dezelfde mate verantwoordelijk als alle overige 6,5 miljoen Zwitsers bij elkaar. Of anders gezegd: hepatitis B komt onder druggebruikers 283 maal vaker voor dan bij een doorsnee Zwitser, hepatitis C 250 keer en aids 203 keer.'' Sinds 1989 overstijgt het aantal verslaafde aids-patiënten in Zwitserland ook dat van besmette homoseksuelen, hoewel die getalsmatig een tientallen malen grotere groep vormen.

De belangrijkste oorzaak van de verspreiding van virusziektes is het onderling uitwisselen van gebruikte naalden. Van de bezoekers aan Platspitz bleek in 1991 tien procent van degenen die altijd schone naalden gebruiken met het HIV-virus besmet, terwijl van degenen die regelmatig vuile naalden gebruiken 52 procent sero-positief bleek te zijn. Maar het had nog veel erger kunnen zijn als de stadregering van Zürich geen drastische maaregelen had genomen. In 1988 werd op initiatief van prof. Grob en een aantal andere wetenschappers en met subsidie van de nationale overheid en de stad Zürich het Zürcher Interventions-Pilotprojekt gegen Aids (Zipp-Aids) opgericht, een vooral op straat opererende organisatie die geen halve maatregelen nam. Zo werd alleen al vorig jaar 818.296 keer een verslaafde door een van de medewerkers van Zipp-aids gezien. Ze reikten in 1991 in totaal 3.340.369 injectiespuiten uit, 1.270.000 extra naalden, 615.000 tubes desinfecterende zalf, 3.400.000 alcoholwatjes en 125.000 condooms. Artsen en verplegers van Zipp-aids verwezen 338 verslaafden naar het ziekenhuis en verrichtten 3.608 reanimaties.

Stadhuis

Voorts staan er voor dakloze verslaafden 200 bedden klaar in noodopvangcentra en nog eens 200 in "beschermd-wonen'-projecten. Daarnaast zijn er contact- en inloopcentra, lila bussen, groene bussen, job-bussen, naai-ateliers, werkplaatsen, afkickcentra en wat dies meer zij. Drieduizend verslaafden volgen op kosten van de sociale dienst of het ziekenfonds een methadonprogramma. In de steden Bern, Basel en Luzern bestaan al jarenlang zogenaamde Fixerräume, openbare ruimtes waar verslaafden onder medisch toezicht heroïne of cocaïne kunnen spuiten. In Luzern bevindt deze voorziening zich zelfs in het stadhuis. In Sankt Gallen werd het spuitersvertrek onlangs gesloten, nadat de bevolking dat via een referendum had besloten. In 1990 wees ook de bevolking van Zürich het oprichten van spuitersruimtes af maar desondanks besloot de gemeente in mei van dit jaar drie van dergelijke ruimtes open te stellen en aan een particulier toestemming te verlenen een vierde spuitlokaal te realiseren.

""De situatie is nu heel anders'', verdedigt burgemeester Estermann zich. ""Toen bestond Platspitz nog en kon de bevolking net doen alsof er niets aan de hand was. Nu wordt met name wijk 5 dagelijks met de overlast geconfronteerd. Ik ben er dan ook van overtuigd dat de bevolking van Zürich ons beleid steunt.''

Estermann beaamt de paradox: verslaafden kopen illegaal heroïne en kunnen daarmee op weg naar de spuitersruimte worden gearresteerd, maar als ze erin slagen ongehinderd het pand te bereiken, kunnen ze daar geheel legaal hun drugs inspuiten. ""Maar in Nederland is het toch niet anders?'', zegt hij. ""De politie van Rotterdam of Amsterdam weet precies in welke panden men dealt of spuit. Maar het wordt getolereerd zolang de bevolking er maar geen last van heeft. Hier gaat het om precies hetzelfde: we moeten alles doen om spuiters van de straat te houden.''

Toch is de openstelling van de spuitersvertrekken in Zürich nog omstreden. Vorige week beval Bruno Graf, die als stadhouder van Zürich een toezichthoudende functie bekleedt, de onmiddellijke sluiting van de vier ruimtes. Graf sprak over "hulpverleningsexcessen' en bepleitte de gedwongen opsluiting van verslaafden in psychiatrische klinieken. Het rood-groene stadsbestuur besloot echter het besluit van de christen-democraat Graf aan te vechten bij de Zwitserse Raad van State en deelde mee dan ook niet van plan te zijn de spuitersvertrekken te sluiten. In tegendeel, Estermann kondigde aan dat nog deze herfst twee nieuwe Fixerräume geopend zullen worden.

Agenten

Het in een aanloopcentrum gevestigde spuitersvertrek Seilergraben bevindt zich op de eerste verdieping van een onopvallend pand. De bovenste verdiepingen zijn in gebruik door de verkeerspolitie. ""Die lopen hier in uniform en bewapend rond'', zegt sociaal werker Lars Schaedeli. ""Aanvankelijk kregen we hier nogal wat dealers over de vloer. Toen kwamen die agenten wel even binnen om te zeggen dat die voortaan weg moesten blijven. Maar verder verloopt alles probleemloos.''

In het centrum kunnen verslaafden tegen een kleine vergoeding een warme maaltijd krijgen en gratis telefoneren met advocaten of met de politie. Er zijn brochures beschikbaar over huisvesting, medische onderwerpen en werk. De jongste cliënt is 16, de oudste 35. Op Seilergraben werken zes mensen, onder wie een maatschappelijk werker, twee sociaal-pedagogen, een verpleger en een psycholoog. Voorts is er een arts die rouleert tussen de drie gemeentelijke spuitvertrekken van Zürich.

Aan tafels lezen enkele mensen een krant of staren zwijgend voor zich uit. Twee mannen toveren diverse plastic zakjes met bruin en wit poeder uit hun jas en sorteren die op tafel. Gemiddeld bezoeken 35 mensen per dag het centrum, de meesten meerdere keren per dag. ""Dat is niet veel'', zegt Schaedeli. ""Verslaafden opereren liever in de anonimiteit. Sommigen lopen niet graag met hun dope over straat. Anderen willen geen seconde wachten en gebruiken hun heroïne liever op de plek waar ze het kopen.''

Van de zeven aanloopcentra zijn er sinds kort twee gesloten, beide in wijk 5 gesitueerd. ""Het stadsbestuur heeft dat gedaan om die wijk niet nog meer overlast te bezorgen'', zegt Schaedeli. ""Terwijl ze juist daar het meest gefrequenteerd werden, één van die centra trok wel 900 bezoekers per dag.''

Het spuiten in Seilergraben heeft plaats in een afgesloten ruimte. Een hulpverleenster - beschermd door een dikke, plastic handschoen - reikt schone spuiten uit, waarna de gebruikers zichzelf injecteren. Aan de muur hangt de poster "Hoe te handelen bij een ademstilstand?', in de prullebak zijn bebloede naalden zichtbaar. ""Van de mensen die hier komen heeft zo'n veertig procent geen enkele toekomst meer'', meent Schaedeli. ""Ik werk nu drie jaar in dit centrum. Iedereen die nog het gevoel heeft deze mensen weer op de been te kunnen helpen is een dromer. Het is vaak spuiten tot de dood erop volgt. Ik heb maar met het idee leren leven dat er mensen zijn die zich op deze wijze kapot willen maken.''

Vorig jaar februari besloot de Zwitserse regering het groene licht te geven voor een wetenschappelijk experiment met de vrije, gecontroleerde verstrekking van heroïne en andere opiaten. Het ligt in de bedoeling het project in tien groepen van vijftig personen uit te voeren, uitsluitend onder prostituees, zeer zwaar verslaafden of sero-positieven. Van hen zullen er 250 heroïne toegediend krijgen en 250 andere hard drugs. Het wachten is nog op de ondertekening van het plan door de christen-democratische minister van volksgezondheid Cotti. Die maakt vooralsnog echter weinig aanstalten actie te ondernemen. ""De documenten liggen al maanden op zijn bureau'', zegt de Zürcher burgemeester Estermann. ""Ik zal volgende week maar weer eens aan de bel trekken.''

Restrictief

Zürich is één van de steden die al concrete projecten klaar heeft liggen, drie in totaal. Estermann zegt het te betreuren dat de randvoorwanden van de regering zo restrictief zijn. ""Ik zou ook willen zien hoe iemand op zo'n project reageert die nog niet in de goot ligt, zonder overigens die groep te willen afschrijven.'' In Estermanns eigen stadsregering lijkt zich ook een richtingenstrijd af te spelen. Het departement voor gezondheid van Zürich heeft een plan ontwikkeld, dat zich uitsluitend richt op zwaar verslaafden met een crimineel verleden, die al eens hebben geprobeerd af te kicken en daartoe nu ook bereid zijn.

Het departement voor sociale zaken van Zürich, onder leiding van Emilie Lieberherr, kwam met een projectvoorstel naar buiten, waarbij al deze voorwaarden niet zijn gesteld en waarbij therapeutische begeleiding niet verplicht is. Wethouder Lieberherr zette zich bovendien in een publiekelijk schrijven af tegen de huidige situatie op de Sihl-quaie. Ze pleitte voor het inrichten van drie nieuwe zones waar hard drug-gebruik getolereerd wordt, maar dat voorstel werd door haar collega-stadsbestuurders resoluut van de hand gewezen. Daarop trad Lieberheer terug als voorzitter van de stadsdrugcommissie.

Burgemeester Estermann, de nieuwe voorzitter van de drugscommissie, zegt álle projecten tot gereguleerde verstrekking van heroïne te zullen steunen. Maar het experiment gaat hem lang niet ver genoeg. ""Als we de stress willen verminderen, die 24-uurs jacht op geld en dope, moeten we gewoon overgaan tot een gereguleerde verstrekking van drugs. Let wel, ik heb het niet over de verkoop van heroïne in de kiosk. Het gaat mij om een gecontroleerde, medisch begeleide verstrekking van hard drugs. Ja tegen decriminalisering betekent nog geen ja tegen drugs.''

Estermann verwacht dat nog deze herfst met de projecten kan worden begonnen. Hoe de gemeente de benodigde hard-drugs zal aanschaffen, baart hem niet de minste zorg. ""Dat regelen we gewoon via medische kanalen, waarschijnlijk zullen we het uit Engeland gaan importeren.'' Het inkopen en verstrekken van cocaïne acht hij problematischer ""gezien de veel grotere schadelijke effecten''.

Veel Europese stadsbesturen lijken met de handen in het haar te zitten, wanneer het gaat om het beteugelen van de drugsproblematiek. Omdat ze er zelf ook niet meer uitkomen, proberen ze van elkaar iets wijzer te worden. Vorig jaar spraken vertegenwoordigers van dertig Europese steden, waaronder Amsterdam, zich op een drugsconferentie in Zürich uit voor een verdergaande legalisering van drugs. Hoe die er concreet zou moeten uitzien, bleef vaag. Maar het overleg gaat voort. Volgende week donderdag ontvangt Estermann de Rotterdamse wethouder Henderson, vergezeld door politiechef Reitsma en later dit jaar gaat Estermann zelf op bezoek in Amsterdam.

Therapieën

Beat Kraushaar, drugsspecialist op het departement van Sociale Zaken in Zürich, ziet niets in het op stapel staande experiment van de Zwitserse regering. ""Het gaat daarbij om 250 mensen die heroïne zullen krijgen. Dat is één procent van het totale aantal verslaafden. Daarmee los je dus niets op. Bovendien moeten ze twee tot drie keer per dag langskomen, aan groepsgesprekken en therapiën deelnemen. Het is een illusie om te denken dat juist de groep der zwaarst verslaafden zich dat laat aanleunen. Een typisch witte boorden-plan dus.''

Kraushaar is een van de oprichters van de Vereninging tegen Maatschappelijke Onverschilligheid (VGGG), waarbij inmiddels 300 drugspecialisten, wetenschappers, artsen en politici zijn aangesloten. De VGGG probeert in de komende tijd de honderdduizend handtekeningen te verzamelen die nodig zijn om een volksreferendum te mogen houden. Kraushaar bepleit - als lid van de VGGG en niet als ambtenaar - het legaliseren van aankoop, bezit en consumptie van drugs. Onder het motto "De staat is een betere dealer dan de maffia' wil de VGGG dat de staat via een nieuw op te richten ministerie voor drugs het monopolie krijgt op invoer, produktie en verkoop van drugs. Soft drugs moeten ""volgens het Nederlandse model'' in het geheel worden vrijgegeven. Verslaafden aan hard drugs kunnen zich laten registreren, waarna ze hun portie drugs bij de apotheek kunnen afhalen. Om te voorkomen dat te grote doses worden afgehaald, dienen ze zich te legitimeren met een speciaal drugspasje met pincode. Kraushaar stelt dat bij de huidige prijzen een kilo heroïne in Zwitserland zestig maal duurder is dan een kilo goud. Wanneer hard drugs worden gelegaliseerd, zal de zwarte markt volledig instorten en de met drugsproblemen samenhangende criminaliteit en prostitutie drastisch afnemen, evenals de op straat zichtbare drugsellende. De "repressiekosten' zullen omlaag gaan en het tekort aan cellen zal tot het verleden behoren.

Te mooi om waar te zijn? ""Wellicht is dat zo'', zegt Kraushaar. ""Maar in ieder geval werkt het huidige beleid ook niet. Nog steeds denken politici dat ze de problemen met geweld kunnen onderdrukken. Maar ze weten niet dat de spanning van het opgejaagd worden juist een essentieel onderdeel vormt van de drugscultuur. Kijk maar naar Platspitz, daar haalde het stadsbestuur alle zitbanken weg, de afvalemmers, de wc's en wat gebeurde er? Steeds meer verslaafden zochten juist daar hun toevlucht. Op het departement krijgen we vaak het verwijt dat we door ons uitgebreide hulpaanbod verslaving in de hand werken maar ik weet zeker dat als morgen met ons werk ophouden en alle instellingen sluiten, er totaal niets zou veranderen. Nee, slechts weinigen begrijpen hoe het leven in de goot er werkelijk uitziet.''

Permanent

Op de Sihl-quai delen de dames Pliego en Chaer namens Zipp-aids spuiten uit. Opgewekt doen ze hun werk. ""We zijn nooi bang hier. De meeste verslaafden zijn hele lieve mensen'', zegt Helen Chaer, haar grijze haren in een permanent.

Plotseling ontwaren ze een jongen die lijkbleek languit op de met fast-food-verpakkingen besmeurde stoep ligt. Ze snellen toe en zetten hem een zuurstofmasker op het hoofd. Terwijl ze daarmee bezig zijn, probeert een jongen met wegdraaiende ogen iets uit zijn zak te halen. ""Afblijven'', roept een langharige man. ""Dat spul is van hem.'' Terwijl de patiënt nog altijd geen tekenen van leven vertoont, biedt iemand anders pal naast hem ""a schaurig guete Knall'' aan.

Na vijf minuten krijgt de jongen op de stoep weer kleur op zijn gezicht. ""Hoe heet je?'', vraagt Karin Pliego. ""Urs'', klinkt het op fluistertoon. Pliego en Chaer zetten hem tegen een hekje aan, waar hij roerloos blijft zitten. Ondertussen verzamelt een jongen gebruikte spuiten die hij in een mandje stopt. ""Voor een kunstexpositie in St Gallen'', laat hij weten. Kunst? ""Ja, verslaving vormt toch de essentie van het leven? Daar kan geen schilderij tegenop.'' Dan komt de politiejeep aangereden. Een Filterlimann maakt zich uit de voeten, grote groepen verslaafden begeven zich in een lange stoet naar elders.

Alleen Urs blijft achter, zijn spuit vast in zijn vuist geklemd.