Luis Landero over ontwrichtende leugens; Twee Sancho Panza's maken een Don Quijote

Luis Landero: De geschiedenis van een onbegrepen man. Vert. Elly de Vries-Bovée, 452 blz. Uitg. Amber. Prijs: ƒ 45,-.

De geschiedenis van een onbegrepen man, het debuut van Luis Landero, heeft in Spanje twee belangrijke literaire prijzen gekregen. Het boek werd zelfs vergeleken met Don Quijote. Nu is dit wat te veel eer, want Landero's boek zal geen klassieker worden, maar de Quijote is onmiskenbaar een van Landero's inspiratiebronnen. De hoofdpersonen Gil en Gregorio geven zich gezamenlijk over aan hun fantasie om te ontsnappen aan de grauwe alledaagsheid van hun bestaan. Beiden zijn gedesillusioneerde veertigers met een buikje en een saaie baan bij een handelshuis in wijn en olijven. Gregorio verveelt zich op kantoor in de grote stad, en lijdt alleen in de ogen van Gil een opwindend cultureel leven. Gil is vertegenwoordiger op het platteland, en beklaagt zich in hun telefoongesprekken dat er nooit iets gebeurt in die achterlijke provincie. Aangemoedigd door de adoratie van Gil, poetst Gregorio zijn jeugddromen weer op. Hij gaat zich steeds meer inleven in de rol van zijn alterego Faroni, een gevierd dichter, ingenieur en verzetsheld, de belichaming van beider onvervulde idealen. Zo zweren deze twee Sancho Panza's samen om een Don Quijote te creëren.

Het in aanvang zo onschuldige spel met waarheid en leugen ontwricht het rustige bestaan van beide mannen volledig. De auteur laat in het ongewisse of deze ontwrichting al dan niet wenselijk is geweest. Het boek eindigt op het platteland, klaarblijkelijk het laatste toevluchtsoord voor fantasten.

Landero wilde met zijn boek de herinnering aan het platteland vasthouden. Hij groeide als kind uit een arme boerenfamilie op in Albuquerque (Badajoz), maar verhuisde op zijn twaalfde naar Madrid. Deze emigratie heeft naar zijn zeggen een hevige cultuurschok bij hem teweeggebracht. “Ik kwam van de 19de eeuw, de eeuw van Dostojewski en Flaubert, ineens in de 20ste eeuw terecht.” In zijn dorp was veel ruimte geweest voor verhalen en voor verbazing. Het collectieve geheugen waarin deze van bijgeloof doorspekte verhalen voortleefden is volgens hem in de stad verloren gegaan.

Het platteland heeft bij Landero een positieve en een negatieve klank. Het staat voor jeugd, natuur, onschuld, poëzie en het verloren paradijs, maar ook voor de achterlijkheid waaraan hij zich uit alle macht wilde ontworstelen. Hij vertelt dat zijn vader leergierigheid nergens goed voor vond, zodat hij zijn school- en studiegeld zelf moest verdienen.

In De geschiedenis van een onbegrepen man keert ambitie als thema, bijna als sleutelwoord terug. Wie tevreden is met zijn bestaan en geen idealen heeft, leeft niet echt. Het is dus zaak ervoor te zorgen de doelen hoog te stellen, onbereikbaar als de dame in de hoofse liefde.

Het boek zit vol treffende aforismen over de essentie van geheugen, ambitie, taal, kunst en leugen. “Als de wetenschap liegt, dan verliest zij haar waarde, terwijl een dichter altijd de waarheid zegt, ook al liegt hij.”

Met dergelijke wijsheden oogst Gregorio veel bewondering bij de idolaat nederige Gil. Naar mijn smaak is deze overigens wel een beetje te passief. De dialogen, in feite monologen van Gregorio, hebben erg weinig reliëf. Ook is het jammer dat de gewetenswroeging van Gregorio bij het misleiden van Gil zobreed wordt uitgesponnen, want dat haalt de vaart uit het verhaal.

Tegenover deze neiging tot langdradigheid staat dat Landero zich bedient van prachtige beeldspraken (“hij sprak over zijn jeugd als over een geliefd wezen dat reeds gestorven was”) en verrassende symbolen. Zo staat de draaimolen voor de wereld van de liefde en de poëzie, waarin de tijd niet lineair, maar rond is, omdat hij teruggrijpt op de herinnering aan de geliefde of aan de kindertijd. Landero's zinnelijke liefde voor de woorden en zijn vermogen door te dringen tot de kern van hun betekenis, maken van De geschiedenis van een onbegrepen man een draaimolen die de rit waard is.