De grote glijbaan

Heb je ooit van de grote glijbaan gehoord,

De glijbaan verborgen in 't donkere woud.

De trappen omhoog zijn van zilver,

De glijbaan zelf is van goud.

Het duurt wel een jaar om naar boven te klimmen,

Op de weg naar de top hoor je smekende schimmen,

Maar ben je dan eenmaal daar boven gekomen

En kijk je omlaag langs die glijbaan van goud,

Dan ligt daar beneden het land van je dromen,

Met bergen en palmen, bekend en vertrouwd.

Je hoeft dan alleen maar je ogen te sluiten,

Totdat je de wind om je oren hoort fluiten,

Als een meeuw in zijn vlucht naar beneden te scheren

Naar die wuivende palmen en blinkende meren;

Daar eindigt de glijbaan, daar zie je je huis,

Je speelgoed van vroeger, dan ben je weer thuis.