Vitesse en vedette Van den Brom krijgen weer de ruimte

ARNHEM, 17 SEPT. Tegenstanders als Derry City lenen zich bij uitstek om geschonden prestiges op te vijzelen, verloren zelfvertrouwen terug te winnen en nieuwe spelpatronen uit te proberen. Zwakker - meer nog in taktisch dan in technisch opzicht - dan de Noordierse club uit Londonderry, die uit politieke veiligheidsoverwegingen in de competitie van de Republiek Ierland uitkomt, is in het toernooi om de UEFA Cup nauwelijks een elftal denkbaar. Vitesse werd in eigen stadion alle ruimte geboden om het naar Arnhemse aard snel mopperende publiek met een positievere kijk op het leven de nacht in te sturen.

Hoewel resultaten als een 3-0 overwinning op de sympathieke blindgangers en hun kleine vrolijkdronken supportersschare uit Londonderry niet maatgevend mogen zijn voor de kwaliteit van het huidige Vitesse-elftal, zullen naast de kritische aanhang en de ambitieuze voorzitter Karel Aalbers met name de nieuwe Duitse trainer Herbert Neumann en de Arnhemse vedette John van den Brom gisteravond eindelijk het licht hebben gezien. Met twee fraaie, weliswaar enigszins gelukkige - maar dat geldt voor elke prachtige treffer - doelpunten en een voortrekkersrol legde Van den Brom de basis voor de kwalificatie van Vitesse voor de tweede ronde.

Met name het eerste doelpunt, halverwege de eerste helft, was van een bijzondere schoonheid en getuigde van technische vaardigheid en beheersing. Van den Brom zag zich na een hoge voorzet in zijn richting plotseling in het strafschopgebied vrijstaan, oog in oog met de Ierse doelman O'Neill. Hij kopte de bal niet rechtstreeks op het doel - wat voor de hand lag - maar liet de bal op zijn borst smoren en haalde toen, kansloos voor de keeper, uit. “Ik wilde ook eerst koppen, maar ik zag dat de keeper bleef staan, dus kon ik de bal eerst op de borst nemen. Dat ik hem daarna goed raakte, is dan een beetje geluk”, verklaarde Van den Brom koel zijn staaltje van bal- en zelfbeheersing.

Van den Brom, 25 jaar, voelt zich in zijn element in zijn oude en tegelijk nieuwe rol. Neumann besloot meteen bij zijn eerste confrontatie in juni met het spel van Vitesse, de flegmatieke technicus een offensievere rol te geven. Sinds ruim een jaar geleden de virtuoze Frans Thijssen als vrije verdediger wegviel, is Van den Brom door Neumanns voorganger Bert Jacobs en diens compagnon Jan Jongbloed opgezadeld met een verdedigende taak. Die re-shuffling kwam het Vitesse-spel misschien verdedigend ten goede, maar niet in aanvallende zin en allerminst de ontwikkeling van Van den Brom.

“Achteraf is het misschien niet goed voor me geweest”, meent Van den Brom. “Ja, een stagnatie, hoewel ik als vrije verdediger veel ervaring heb kunnen opdoen. Nu begrijp ik ook wat dat betekent.” Hij ziet het niet als een opoffering, spelen in dienst van het elftal, want het heeft toch tot goede resultaten van Vitesse geleid. Maar om eerlijk te zijn: “Dit ligt me beter. Ik ben blij dat Neumann dat ingezien heeft. Hij is zelf ook zo'n middenvelder geweest. In deze rol kom ik beter tot mijn recht en speelt het elftal misschien ook offensiever.”

In de eerste vijf wedstrijden van de competitie heeft de progressieve visie van Neumann tot te weinig resultaten geleid, want gescoord werd er nauwelijks. Een kwestie van geduld, van automatismen die moeten groeien, beweert de Duitser, die zich wat betreft informatie over de competitie-tegenstanders nog moet verlaten op de kennis van assistent Jongbloed. Niettemin is Van den Brom met twee doelpunten al weer topscorer van Vitesse en bracht hij zijn totaal op 67 treffers in 200 competitiewedstrijden. “Schrijf maar dat ik vorige week tegen RKC mijn 200ste speelde en daar niet eens voor gehuldigd ben.”. Een score van 1:3, en dat voor een voetballer die niet als aanvaller, laat staan als spits te boek staat.

Van den Brom, als Amersfoorter een van de weinigen in de Vitesse-selectie die niet binnen een straal van twintig kilometer van Arnhem is geboren, wil niet te veel waarde hechten aan zijn voortrekkersrol tegen de jongens uit Londonderry. “Dit elftal was zo slecht, daar kon je alles tegen uitproberen.” Niettemin werd misschien daarom duidelijk dat hij de "kaatsende spits' Hans van Arum zodanig inspireert dat deze ook weer eens scoort (in de laatste minuut 3-0) en zijn voetbalrelatie met Theo Bos hecht en zelfs vrij intiem is. Deze kreeg als vrije verdediger van Neumann de opdracht zich op het middenveld te manifesteren. Dat kon natuurlijk gemakkelijk. Eenvoudig, zuiver en degelijk, noemde Neumann het spel van Bos, een "tikkertje' dat het - als op de training - goed bleek te kunnen vinden met Van den Brom.

Wanneer Van den Brom zijn neiging tot flegma kan onderdrukken, zonder zijn prestatie tegen Derry City te overwaarderen, behoort hij tot de beperkte kring voetballers die de snel aftakelende Oranje-clan moet opvolgen. Het heeft er alle schijn van dat hij onder Neumann en in zijn nieuwe rol verbeten genoeg is geworden om tot de nu discutabele selectie van bondscoach Advocaat toegelaten te worden. Een extra probleem bij zijn herverkiezing is natuurlijk dat hij niet bij Ajax, Feyenoord of PSV speelt.

Of een voetballer als Van den Brom bij de Grote Drie of zelfs in het Nederlands elftal tot zijn recht komt, is nog maar de vraag. Met de bescheidenheid en gedienstigheid die hem regelmatig overkomt, reik je in het harde, weliswaar Nederlandse topvoetbal, niet ver. Daarnaast lijkt hij voor een mogelijke transfer naar een Nederlandse of liever buitenlandse topclub een muur te hebben opgetrokken door het contract van zestien jaar dat hij twee jaar geleden bij Vitesse tekende. Van den Brom zegt dat een overgang voor hemzelf noch voor een club een hinderpaal kan betekenen. “Ik kan ieder moment weg. Voor een Nederlandse club drie miljoen, voor een buitenlandse club zes miljoen.” Maar de afgelopen zomer meldde zich niemand in Arnhem voor de talentvolle middenvelder, geeft hij toe.

Nog geen 6.000 mensen op Monnikenhuize. Pakweg honderd onschuldige (Noord-)Ieren op de terrassen van de Arnhemse Korenmarkt, die zingen: "We are the reds.'' Dronken, maar vrolijk. Voorbijgangers halen hun schouders op. Kortom: een avondje Europa Cup in Arnhem. Soms kunnen wedstrijdjes tussen Vitesse en Derry City om de UEFA Cup belangrijker voor een scorende voetballer, een succesvolle trainer of hunkerende voorzitter zijn dan voor een zingende Ier uit Londonderry. Juist voor hen is voetbal alleen maar een vlucht uit een bedreigd bestaan.