Spelevaren tegen "Maastricht'

PARIJS, 17 SEPT. “Men kan als een geitje op zijn stoel springen en Europa, Europa roepen.” Deze uitspraak is afkomstig van president Charles de Gaulle en is de afgelopen weken in het Franse debat over het voor en tegen van het Verdrag van Maastricht herhaaldelijk geciteerd. De Gaulle, aanvoerder van de "vrije Fransen' tijdens de tweede wereldoorlog en stichter van de Vijfde Republiek, heeft nog meer aantrekkelijke citaten over Europa en vooral het Europa der vaderlanden op zijn naam.

Behalve de tegenstanders bedienen ook de pleitbezorgers van "Maastricht' in Frankrijk bedienen zich naar believen van de wijsheden van de generaal, soms vergezeld van een wat vrije interpretatie. De ware gaullisten die uiteraard tegen de ondergang van de Franse natie in het "Europa van Brussel' zijn, is dat een doorn in het oog.

Pierre Lefranc, president van de "Nationale vereniging voor actie voor trouw aan generaal De Gaulle', keerde zich gisteren in een artikel in Le Monde tegen dit "bedrog'. “De Gaulle, kampioen van de vrijheid van de volkeren, zou nooit de handtekening van Frankrijk onder het verdrag van Maastricht hebben gezet”, zo verzekerde Lefranc.

De oude gaullisten, veelal voormalige medewerkers van De Gaulle en zijn opvolger als president Georges Pompidou, vormen in Frankrijk een Gideonsbende: klein maar dapper. Gisteravond waren ze voor een "receptie' bijeen op een bateau mouche, een van de Seine-rondvaartboten in Parijs die soms inderdaad aan een glinsterende vliegen doen denken.

Roland Nungesser, voorzitter van de "Carrefour du gaullisme', was hun gastheer. De kleine tweehonderd getrouwen die waren gekomen voor een "tocht naar het neen' met "Le Zouave de l'Alma' klapten graag in hun handen toen deze oud-minister van De Gaulle vaststelde dat “niet de gehele Franse intelligentsia” voor 'Maastricht' is, zoals minister Jack Lang van onderwijs en cultuur met zijn “schandalige propaganda in de media” zou suggereren.

Terwijl enkele tientallen gasten zich in een sfeer van vrolijke onverantwoordelijkheid - die De Gaulle zo verafschuwde - te goed deden aan champagne, zoutjes en olijven, hekelde de ene na de andere spreker na Nungesser in gloedvolle woorden “de arrogantie en het dedain” van de voorstanders van ratificatie. En uiteraard het verdrag van Maastricht zelf, dat immers onheil over de Franse natie brengt. Wat te denken, zo riep een ex-ambassadeur van De Gaulle in Washington uit, van een Europese toekomst waarin een “Hollandse of Griekse douanier moet beoordelen of drugs de grenzen mogen overschrijden”.

Een voormalige Concorde-piloot, die nog een record met dit vliegtuig achter zijn naam heeft, wees op twee protocollen die bij het Verdrag van Maastricht horen. Het ene met als strekking dat de bepalingen van de monetaire en politieke unie niet gelden voorzover het zomerhuisjes in Denemarken betreft. Het andere zegt dat Portugal zijn subsidies aan de Azoren en Madeira moet stopppen “omdat die in Afrika liggen”. Na deze onthulling schakelde deze gaullist, een beetje gezet maar nog altijd kaarsrecht, moeiteloos over naar d'Artagnan, de Franse ridder die voor de stadsmuren van Maastricht stierf - applaus verzekerd.

Bernard Tricot, secretaris-generaal van het Elysee toen de generaal daar nog zetelde, en dus inmiddels een krasse zeventiger, betoogde dat “men in het leven wel vaker nee moet zeggen” - zoals De Gaulle dikwijls deed. De toehoorders begrepen hierna, ook zonder alle toespraken die nog volgden, dat het zondag om de "waardigheid van Frankrijk' gaat. Een andere redenaar herinnerde eraan dat memorie van het vaderland verder dient te gaan dan tot de tijden van De Gaulle - op de dag van het referendum is het immers precies 200 jaar geleden dat de Franse Republiek “die de vrijheid aan de wereld gaf”, zegevierde in de slag van Valmy - tegen de Pruisen.