Politie start onderzoek misdaadgroepen Italië

ROTTERDAM, 17 SEPT. De politie in de Randstad begint binnenkort met opsporingsonderzoeken in Nederland naar “een aantal Italiaanse misdaadgroeperingen” die zich vooral bezig houden met het plegen van bankovervallen en drugshandel.

Dit zegt de Rotterdamse commissaris van politie H.A. Jansen in een reactie op het bekend worden van de justitiële nota over zware misdaad. Jansen noemt het “een uitstekend idee” dat Justitie heeft besloten tot het oprichten van een Projectgroep preventieve bestrijding georganiseerde criminaliteit: een "denktank' waarin deskundigen uit verschillende disciplines samen maatregelen bedenken ter bestrijding van de harde misdaad.

De ideeën voor de projectgroep zijn gebaseerd op een samenwerkingsverband dat sinds een jaar opereert in de Randstad.

In deze groep, die maandelijks bij elkaar komt en waarvan Jansen voorzitter is, werken verscheidene recherche-afdelingen, het Openbaar Ministerie, de Fiod en de douane-recherche samen. Adviseur van de groep is de criminoloog prof. mr. C. Fijnaut.

De groep bekijkt vooral hoe het vergaren, analyseren en uitwisselen van criminele inlichtingen kan worden verbeterd. Ook wordt bestudeerd hoe de kennis en mankracht van alle verschillende opsporingsdiensten - van AID (landbouw) tot ECD (economie) - beter kunnen worden gebundeld.

“Ook willen we bekijken wat we van bestuurders en wetenschappers kunnen leren. Als je fraude in Europa gaat aanpakken, moet je iets weten van Europees recht. Dat zit nu eenmaal niet bij elke agent in het pakket”, zegt Jansen.

Wetenschappers moeten volgens Jansen ook meer betrokken worden bij het analyseren van processen-verbaal.

Pag.3: "Misdadiger ontdekt zwakke plek'

De Rotterdamse commissaris van politie H. Jansen vindt dat de politie dossiers niet alleen moet gebruiken “om te vervolgen maar ook om te kijken of er preventief iets mee te doen is”.

Hoogleraar accountantscontrole en accountant bij Cooper en Lybrand Dijker Van Dien drs. J.A. van Manen zegt blij te zijn dat uit de justitiële nota blijkt dat “justitie nu inziet dat het klimaat voor ondernemingen en de overheid in Nederland bijzonder kwetsbaar is. In Nederland is traditioneel gedacht dat we niet met corruptie te maken zouden krijgen maar dat verandert snel. Ook misdadigers doen aan marktonderzoek en die ontdekken de zwakke plekken in Nederland”.

Van Manen zegt dat bijvoorbeeld bij grote projecten van de overheid nogal eens te vage afspraken worden gemaakt. “Projectafspraken zijn in voorkomende gevallen niet goed uitgewerkt. Dat gaat gepaard met te veel open einden en te weinig beheersingsmogelijkheden. Er nadert een dag dat de misdaad daar fantastisch op gaat inspelen”.

Vooral op het gebied van het geven van vergunningen en bij het inkoopbeleid zijn overheden en bedrijven kwetsbaar, ervaart Van Manen. “Het echt grondig onderzoeken van zakenpartners in Nederland kan beter worden georganiseerd. Meer gemeenten zouden zorgvuldig financiële informatie kunnen inwinnen, jaarrekeningen en lijsten van uitgevoerde opdrachten vragen en de directie en commissarissen van bedrijven goed screenen.”

De financiële en juridische expertise van misdaadorganisaties is vaak beter dan die van de overheid. Justitie spreekt in haar nota van structurele samenwerking van dergelijke experts met criminele groeperingen. “De grote maatschappen van accountants in Nederland besteden veel aandacht aan de acceptatie van opdrachten om te voorkomen dat ze de verkeerde cliënten krijgen. Maar je hebt maar een beperkt aantal accountants nodig die louche criminelen behulpzaam willen zijn en die zijn ongetwijfeld makkelijk te vinden”, zegt de hoogleraar.

Ook Van Manen verwacht veel heil van een breed samengestelde Projectgroep die zich richt op het preventief aanpakken van zware misdaad. “De makers van regelingen zouden vertrouwd moeten worden gemaakt met de door opsporingsambtenaren aan te dragen casuïstiek. We moeten ervaringen bundelen anders wordt het dweilen met de kraan open.”

Van Manen noemt het belangrijk dat de projectgroep snel en met enig gezag aan de slag kan gaan. “Er is een enorm economisch belang mee gemoeid dat Nederland de georganiseerde misdaad buiten de deur weet te houden. We moeten de goede reputatie overeind houden door verschrikkelijk onaantrekkelijk te blijven voor de georganiseerde misdaad.”