Het moeizame functioneren van de medezeggenschapsraad; "Je kunt je afvragen of ouders en leerlingen mee moeten beslissen in kwesties die toch vooral het personeel aangaan'

Deze week heeft de Tweede Kamer een nieuwe wet op de medezeggenschapsraad in het onderwijs goedgekeurd. Maar dat betekent niet dat ouders en leraren nu meer invloed krijgen bij fusies.

In Utrecht hebben vier openbare scholen en een algemeen-bijzondere het Prisma-college gevormd, na een fusieproces van ongeveer twee jaar. Volgens hun reglementen konden de medezeggenschapsraden van de vijf scholen adviseren over het fusiebesluit. Over de gevolgen voor het personeel hadden de personeelsgeledingen van de raden instemmingsrecht.

Het zijn deze rechten die nu in een nieuwe wet op de medezeggenschap zijn vastgelegd. De in Utrecht gebruikte reglementen gingen op enkele punten zelfs verder dan wat de nieuwe wet verplicht stelt. ""We hadden het idee dat we invloed op de gang van zaken konden uitoefenen. We dachten dat we heel wat konden'', zegt nu, sadder and wiser, voorzitter D. Drossaert van de medezeggenschapsraad van de openbare scholengemeenschap H. van der Vlist. Schoorvoetend geeft hij toe dat zijn raad vrijwel geen invloed op het fusieproces heeft gehad. ""Terwijl je zou verwachten dat juist bij een fusie medezeggenschap essentieel is. Dan moet blijken wat de medezeggenschapsraad wel en niet kan.''

Rector H.P. van der Spek van het nieuwe Prisma-college was tijdens het fusieproces voorzitter van de stuurgroep die de fusie moest vormgeven. Met wat hij noemt zijn ""verleden van jaren-zestig-idealen'', wil hij niet cynisch zijn, maar zijn conclusie is weinig vrolijker dan die van Drossaert: ""In een complex proces als een fusie van vijf scholen is een medezeggenschapsraad kansloos. Ook onder de nieuwe wet zal dat zo zijn. Alleen in een stabiele situatie en opererend binnen één school kan een medezeggenschapsraad waardevol zijn. Maar in feite heeft een school die voldoende aandacht besteedt aan wat de schoolbevolking vindt, helemaal geen medezeggenschapraad nodig.''

Echte inspraak zou op zijn minst ""veel te lang hebben geduurd'', vindt Van der Spek. Omdat er anders scholen zouden worden opgeheven, moest de Prisma-fusie er snel komen. ""Ik heb een discussie gehad met een lid van de medezeggenschapsraad dat zei: "Inspraak is toch het belangrijkste wat er is?'. "Ook als dat een paar scholen de kop kost?', vroeg ik. "Ja, ook dan'. Tja, dat vind ik dus niet.''

Geschillenregeling

Een verschil tussen de nieuwe wet en de vorige uit 1982 is dat nu wordt voorgeschreven welke zaken de goedkeuring van de medezeggenschapsraad behoeven en over welke zaken de raad adviesrecht heeft. In de oude wet was alleen geregeld dat scholen een medezeggenschapsraad moesten hebben. De omvang van de bevoegdheden kon door de schoolbesturen zelf worden bepaald. Ook is in de nieuwe wet de geschillenregeling uitgebreid. Volgens Kamer en regering moest de medezeggenschap minder vrijblijvend worden geregeld: de invoering van het formatiebudgetsysteem zal de beleidsvrijheid van scholen aanzienlijk vergroten. Vooral het CDA heeft zich, met een beroep op de vrijheid van onderwijs, lange tijd verzet tegen een nieuwe wettelijke regeling. Ook in de nieuwe wet heeft de medezeggenschapsraad nog lang niet zoveel bevoegdheden als de ondernemingsraad in een bedrijf.

Boze fax

B. Nikkel, net als Drossaert lid van de medezeggenschapsraad van de Van der Vlist-school, vindt het nog het ergste dat de raad nooit serieus is genomen. Nikkel zit al vijf jaar in de medezeggenschapsraad. Hij kan zich de rustige tijden nog herinneren: ""Als er niks aan de hand is gaat alles goed. Maar dan valt er ook weinig van belang te bespreken.''

Als voorbeeld van hoe het tijdens het fusieproces ging, vertelt Nikkel dat de raad nog altijd niets heeft gehoord over het sociale plan. ""Het is al wel gemaakt en volgens de regels moeten we er over worden gehoord. Toen we laatst na veel vergeefse telefoontjes een boze fax naar de gemeente stuurden dat als we binnen 48 uur nog niets hadden gekregen, we alle medewerking aan het fusieproces zouden opschorten, vroegen de ambtenaren verbaasd waar we ons toch zo druk over maakten. Er werd het eerste jaar toch niemand ontslagen?''

De nieuwe school draait inmiddels al weken op grond van een onderwijskundig plan en met een managementstructuur waar de medezeggenschapsraad van de Van der Vlist-school bij gebrek aan voldoende informatie nog altijd niet officieel zijn instemming mee heeft betuigd.

Nikkel en Drossaert noemen de uitgebreide geschillenregeling in de nieuwe wet de belangrijkste verbetering. Drossaert: ""In de oude wet kon alleen het bevoegd gezag de geschillencommissie inschakelen. Onder de nieuwe wet kan de medezeggenschapsraad dat ook doen. Daarmee hebben wij een soort sanctie als we genegeerd worden. Ook wordt een bestuursbesluit na drie maanden vanzelf ongeldig als wij onze instemming weigeren en het bevoegd gezag vervolgens niets onderneemt.''

De ouders in de medezeggenschap hadden al snel grote moeite om de vele verwikkelingen in het fusieproces te volgen. Drossaert: ""Het bijpraten van de rest van de medezeggenschapsraad kostte veel tijd en energie. De raad van onze school was een van de weinige die nog volledig bemand waren. Wij hadden zelfs twee leerlingen die het allemaal wel interessant vonden. Maar je kunt je afvragen of ouders en leerlingen mee moeten beslissen in kwesties die toch vooral het personeel aangaan.''

Drossaert, die voorzitter werd van de medezeggenschapsraad toen de fusieplannen bekend werden, zegt met enige bitterheid dat de gemeente, die het bestuur over de scholen voert, de mond vol heeft over human resources management, ""maar als puntje bij paaltje komt niet naar je luistert''. ""Wat ons vooral heeft verrast, is dat bruutweg de gewone fatsoensnormen worden overschreden. Brieven worden niet beantwoord, terwijl van ons wel wordt verwacht dat we gisteren reageren op een brief die pas morgen komt. Als je in zo'n ongelofelijk ingewikkelde operatie de betrokken mensen aan je kant wilt krijgen, zul je het toch anders moeten doen. We waren voortdurend bezig de juiste informatie te verzamelen, maar als we er dan iets over wilden zeggen stuitten we op ongeïnteresseerdheid. En er was nooit tijd.''

Teleurgesteld

Ook rector Van der Spek wil niet ontkennen dat het beeld kon ontstaan dat de gemeente de fusie erdoor wilde drukken. Maar hij zou ook niet weten hoe het anders had gekund. Hij kent geen enkel voorbeeld van een fusie waar de inspraak wel een succes was. Drossaert is door zijn contacten met de gemeenteraad hevig teleurgesteld geraakt in de werking van de politiek. ""We krijgen nu een ander schoolbestuur, waarin ook ouders zitten. Dat gaat misschien beter.''

Een medezeggenschapsraad lijkt alleen maar goed te kunnen functioneren als er weinig aan de hand is. Maar dan is hij eigenlijk niet nodig. Van der Spek was directeur van de Utrechtse P.F. van Overbeeke-middenschool, die nu is opgegaan in het Prisma. Daar was ""simpelweg en met plezier'' afgesproken dat de medezeggenschapsraad slechts op papier zou functioneren. De school was niet groot: 300 leerlingen. De voltallige lerarenstaf van zo'n 25 man kwam iedere week bij elkaar en deze lerarenraad had, ook bij onderlinge afspraak, grote bevoegdheden. Verder was er regelmatig contact met de oudervereniging. Het ontbreken van een medezeggenschapsraad was ""geen enkel probleem'', zegt Van der Spek.

Pas toen de gemeente Utrecht, onder druk van teruglopende leerlingentallen, besloot dat er gefuseerd moest worden, werd op de middenschool de medezeggenschapsraad nieuw leven ingeblazen: voor de gemeente zou officieel alleen de medezeggenschapsraad het aanspreekpunt zijn. Rector Van der Spek werd voorzitter van de stuurgroep, waarin ook de schooleiders van de andere vier te fuseren scholen zaten.

""De gemeente kreeg toen met vijf medezeggenschapsraden te maken. Onze eigen medezeggenschapsraad heeft het initiatief genomen om de vijf raden bij elkaar te brengen, maar daar werd je ook niet vrolijker van. De vijf groepen konden het nooit met elkaar eens worden. De een ging een voorstel niet ver genoeg, voor de ander was het juist te radicaal. Ze waren het er alleen over eens dat het niet goed ging. In de stuurgroep met de vijf schoolleiders kon wel goed worden samengewerkt, want wij gingen veel meer een dubbele loyaliteit beleven. Wij wisten dat die fusie moest doorgaan en moest slagen.''

Tijdens het fusieproces ontstond er een verwijdering tussen Van der Spek en zijn medezeggenschapsraad. ""We hebben als stuurgroep voorgesteld dat er alvast een gemeenschappelijke medezeggenschapsraad zou komen, waar wij direct contact mee konden hebben. Maar dat wilden de raden niet. Sommigen zeiden ook alleen maar met het bevoegd gezag, de gemeente, te maken te hebben en niet met ons. Die waren erg formalistisch. Als je hun informatie toestuurde eisten ze dat het via de gemeente zou gaan, want met ons hadden ze niets van doen. Wij gingen intussen gewoon door met de fusie. Zo konden de raden de fusie accepteren zonder medeplichtig te worden. Medezeggenschapsraden zijn meestal bang om vuile handen te maken. Begrijpelijk, want het is doodeng als je met zoiets ingrijpends als een fusie akkoord gaat en het personeel wil het eigenlijk niet. Ze eten je op in de lerarenkamer.''

In de nieuwe wet is het bevoegd gezag verplicht elk jaar een beleidsverslag over het afgelopen jaar en de beleidsvoornemens voor het volgende jaar aan de medezeggenschapsraad voor te leggen. En onder het nieuwe formatiebudgetsysteem, als de school over veel zaken geen beroep meer kan doen op Zoetermeerse regelgeving, zal de schoolleiding over veel meer zaken met de medezeggenschaprsraad moeten overleggen. Drossaert is optimistisch over de toekomst. ""We kunnen straks achter veel meer zaken van alledag onze vinger krijgen.'' Ook Van der Spek ziet nieuwe mogelijkheden. ""De waarde van een medezeggenschapsraad ligt in de mogelijkheden om mee te denken, niet in procedures. Maar ja, het formatieplan voor dit jaar is niet naar de raad gegaan. Daar was geen tijd meer voor.''