"Dat reizen kost me echt teveel studietijd'

Sjoerd (19) is eerstejaars psychologie in Utrecht en zoekt al vanaf begin augustus een kamer. Hij betaalt 150 gulden per maand voor de kast en kan er tot uiterlijk eind september blijven. "Ik loop de hele dag met m'n hoofd omhoog naar huizen te kijken. Eerst had ik nog wel hoop, maar die is nu helemaal weg.' Z'n creativiteit is verdwenen en zijn fiets is ook nog gejat.

In augustus heeft Sjoerd een week lang van 's morgens elf tot 's middags drie op de stoep van de Stichting Jongeren Huisvesting Utrecht (SJHU) gezeten. Het was mooi weer en ook wel gezellig, maar een kamer heeft het niet opgeleverd. Hij heeft kaartjes opgehangen bij bushaltes en friettenten, advertenties geplaatst en met een bestelbus en een megafoon op straat gestaan om het winkelende publiek te attenderen op zijn kamernood. Aanbellen heeft hij ook gedaan. "In Lombok liet een man van een snackbar me een kamer zien die daarboven leeg stond. Maar toen hij de ijskast open deed sprong er een grote rat uit.'

De SJHU is het enige niet-commerciële kamerbemiddelingsbureau in Utrecht. In deze periode schrijven zich zo'n 400 studenten per maand in. Per dag komen er gemiddeld één à twee kamers binnen. Alle aanbiedingen worden ingesproken op een antwoordapparaat dat kamerzoekers kunnen bellen. Denken ze dat er iets tussenzit dan kunnen ze om vijf uur langskomen voor de loting.

"Dat is eerlijker dan het systeem van wie het eerst komt het eerst maalt', zegt de baliemedewerker van de SJHU. "Studenten hebben nu colleges en kunnen zich niet meer permitteren om hier de hele dag op de stoep te gaan zitten. Er moet vanaf de eerste dag hard gestudeerd worden.'

Als om vijf uur de deur van het SJHU-kantoor opengaat staan er zo'n 25 studenten te wachten. Ze blijken allemaal te komen voor die ene kamer in Ondiep. Vier bij vier meter, 400 gulden per maand. Voor de caravan in Zeist (tot eind oktober, 300 gulden per maand) en de zolder in Wijk bij Duurstede (weekends afwezig, 350 per maand, dertig minuten in de snelbus) blijkt geen belangstelling te zijn. Iedereen krijgt een nummertje uitgereikt en er worden drie gelukkigen uitgeloot. Zij mogen gaan kijken naar de kamer in Ondiep.

Jammer voor Liesbeth (19), net begonnen met medische biologie, maar ze viel niet in de prijzen. Ook al brengt haar OV-jaarkaart haar zonder verdere kosten overal naar toe, elke dag op en neer naar Aalst is "gewoon te ver'. Ze houdt dan geen tijd over om te studeren en ze kan niet meedoen aan de activiteiten van haar studentenvereniging, want die zijn vaak 's avonds. "Ik kan tot eind oktober bij m'n zusje op de kamer', vertelt Liesbeth, maar of het de zusterlijke genegenheid ten goede komt betwijfelt ze. "Er is maar één bureau dus we moeten om de beurt studeren.'

Jack (22), eerstejaars rechten, hoorde helaas ook niet bij de gelukkigen. Hij woont in Oud-Beijerland en rijdt elke dag anderhalf uur heen en anderhalf uur terug. Met de auto, want met het openbaar vervoer is de tocht naar Utrecht vrijwel onuitvoerbaar. Z'n OV-kaart blijft dus ongebruikt. "Ik heb briefjes opgehangen in supermarkten en ben begonnen met een beloning van honderd gulden.' Een bedrag dat wat hem betreft nog wel verder kan oplopen. Tot hoe ver wil hij gaan? Jack peinst even voor zich uit, en zegt dan: "Duizend gulden heb ik er wel voor over, want als je uitrekent wat dit gereis me allemaal aan geld en tijd kost. En als ik achterraak met m'n studie, kost me dat ook geld.'

Francien (18), eerstejaars sociologie, is al zeker zes of zeven keer bij de SJHU geweest, maar heeft tot nu toe geen geluk in de loterij gehad. Ze kwam ook voor de kamer in Ondiep, maar nu zint ze op andere methodes. "Ik hoorde van een jongen die met een spandoek op Hoog Catherijne ging staan en mensen aanschoot. Het is hem gelukt om zo een kamer te vinden.'

Elke dag van Krimpen aan de IJssel naar Utrecht op en neer kost haar te veel studietijd, en het logeeradres bij die "vage kennis' is natuurlijk wel heel vriendelijk aangeboden, maar ook niet iets waar je nu al te vaak gebruik van kunt maken.

De donderdagmiddag erna staat ze met een bord en een beschreven T-shirt bij de roltrappen van Hoog Catherijne. "Help! Kamer gezocht'. Het levert haar van alles op: nieuwsgierige blikken, de woede van de daklozen die even verderop hun vaste stek hebben, een krentebol van een meelevende student, een belofte van een jongen met een hondje die over een uur terug zal komen (maar niet komt), bemoedigende knikjes van oudere dames en opmerkingen van vieze mannen. Maar geen kamer. Francien zoekt nog steeds.