Couturiers van eigen bodem

Programma "Amsterdam Fashion Excession' in het Okura. Le Salon/Carla V., 18 sept 20u15. Leeser/Konig, 19 sept 20u30. Thierry Mugler, 20 sept 12u30; daarna veiling Max Heymans. Kaartverkoop Nieuwe Muziekhandel, Leidsestraat 50, Amsterdam. Inl 023-292185.

“Ik vind het lekker om te janken, eindeloos janken,” zei modeontwerper Frank Govers eens in deze krant. Bij boeken, films, muziek of gewoon op straat kan Nederlands bekendste couturier in tranen uitbarsten. Ook bij het défilé van zijn show afgelopen zaterdag in het Amsterdamse Okura hotel werden de emoties Govers weer eens te machtig. Het in grote getale toegestroomde publiek liet zich hier graag door ontroeren en bejubelde de in fuchsia gestoken modekoning.

Govers opende met de presentatie van zijn couture-collectie herfst/winter 1992/1993 officieel de "Amsterdam Fashion Excession', een manifestatie die een week lang aandacht besteedt aan Nederlandse couturiers. Onder het motto "Kees van Dongen - Le Rouge' bracht Govers kleding om van te watertanden: kosten noch moeite waren gespaard om wol, zijde, bont en suède op Govers overdadige manier te verwerken tot stijlvolle, soms uitbundig versierde ontwerpen. Russische émigrés , Spaanse flamenco-zangeressen, Josephine Baker-achtige muzikantes en Oosterse prinsessen wiegden op de catwalk voorbij. Govers bleef in zijn nieuwe collectie zijn naam trouw en liet zich niet verleiden tot modieuze fratsen. “Back tot basics? Ik geloof er geen moer van, en al was dat zo, dan nog weiger ik daaraan mee te doen,” meldde hij na afloop van zijn show trots.

Govers' grote concurrrent Frans Molenaar had een dag eerder in het Amstelhotel met een klassieke, op geometrische vormen gebaseerde collectie acte de presence gegeven. Zondag was de beurt aan Edgar Vos en woensdag werd de jongste loot aan de Nederlandse couturier-stam gelanceerd, Armin van Zutphen.

"Amsterdam Fashion Excession' is een goed initiatief, want zo'n vruchtbaar ontwerpklimaat heerst er in Nederland niet, ook niet voor bekende couturiers. In restaurant "Le Garage', een van de show-locaties, zei eigenaar Joop Braakhekke: “Amsterdam is geen Parijs of Londen. Wij hebben geen grote industrieën die ontwerpers steunen.” Dus richtte Braakhekke samen met Joetta Honnebier en Patricia Mulder een stichting op die de belangen van de Nederlandse Haute Couture behartigt, met name die van Max Heymans - de grote, wegens geldzorgen, afwezige tijdens de modeweek.

Armin van Zutphen (1962), plukt als eerste de vruchten van de stichting. Na tien jaar in de ateliers van Govers, Molenaar en Heymans te hebben geknipt en genaaid, kon hij nu zijn eerste collectie tonen. De schatplicht aan zijn leermeesters was duidelijk. Van Zutphen maakt klassiek ogende kleding: Prince de Galle-mantelpakjes met bontmanchetten en rood of turquoise contrasterende biezen als in het oog springende details; veel dubbele rokken en A-lijn jassen.

Voor Max Heymans organiseert de stichting aanstaande zondag een veiling, waar Heymans' modetekeningen verkocht zullen worden. Wie weet, als de stichting zich erg inspant, is Heymans volgend jaar weer van de partij.