Ad van Dijk en Koen van Dijk maakten musical naar Rostands Cyrano de Bergerac; "Nu zou Cyrano naar de plastisch chirurg gaan'

Vanavond gaat Cyrano - De Musical van Joop van den Ende in première. Het idee om het toneelstuk van de Franse schrijver Edmond Rostand te bewerken en op muziek te zetten is van schrijver Koen van Dijk en componist Ad van Dijk.

Op het affiche van Cyrano - De Musical is Van Dijk een in het oog springende naam: zowel de componist, de schrijver als de hoofdrolspeler (Bill van Dijk) hebben dezelfde achternaam. “Het lijkt alsof we een familievoorstelling hebben gemaakt met oom Bill in de hoofdrol”, geeft Ad van Dijk toe. “Maar wie dit denkt vergist zich: we zijn geen familie.”

Ad van Dijk (33) en Koen van Dijk (33) leerden elkaar in 1988 kennen toen Koen van Dijk iemand zocht die de muziek kon schrijven bij zijn solomusical De Band van Möbius. Beiden hadden toen al op verschillende manieren ervaring opgedaan met het maken van musicals. Ad van Dijk kwam na de middelbare school als zangrepetitor terecht bij musicalprodukties van Jos Brink en Frank Sanders en als pianist bij het Vrouwencabaret. Daarnaast componeerde hij muziek voor een aantal korte films en begon hij op de Amsterdamse Toneelschool les te geven in zangpresentatie en koorzang.

Koen van Dijk, die in 1983 aan de Rietveld Academie afstudeerde als grafisch vormgever en sindsdien werkt als free-lance ontwerper, is zeven jaar verbonden geweest aan de musicalwerkgroep Star van Frank Sanders: een opleiding voor jonge amateur-toneelspelers. Zijn grote wens was zelf een musical te schrijven. Hij begon daar vier jaar geleden mee. De bedoeling was dat in de musical, die Pseudoniem moest gaan heten, een "onzichtbare' auteur voorkwam die teksten voor een acteur schreef.

Het plan veranderde toen Van Dijk merkte dat het verhaal veel overeenkomsten vertoonde met Cyrano de Bergerac. In dit uit 1897 daterende toneelstuk van Edmond Rostand gaat het ook om een schrijver die zich niet kenbaar maakt: Cyrano helpt legerofficier Christian met het schrijven van vurige liefdesbrieven aan Roxane en moet toezien hoe zij dank zij die brieven verliefd wordt op Christian.

Koen van Dijk: “Toen de gelijkenis tussen de twee verhalen me opviel, leek het me een goed idee de structuur van Rostands stuk te gebruiken en het onderwerp naar deze tijd over te brengen. Ik wilde min of meer een moderne versie van Cyrano de Bergerac maken. Maar bij herlezing van de oorspronkelijke tekst zag ik daarvan af. Het verhaal is zo prachtig, daar moest ik niet aankomen.”

Ad van Dijk valt zijn compagnon in de rede als hij zich afvraagt wat er gebeurt als het stuk in deze tijd wordt gesitueerd: “Om te beginnen zou Cyrano naar de plastisch chirurg gaan om zijn neus te verkleinen. Verder zouden alle brieven overbodig worden door de telefoon en de fax. Nee, het verhaal is op die manier niet langer geloofwaardig, bovendien zou het snel afgelopen zijn.”

De schrijver en de componist zijn het erover eens: de romantische liefdesgeschiedenis komt het best tot zijn recht als de musical, in navolging van het toneelstuk, zich in de 17de eeuw afspeelt. De emoties van de figuren zijn immers van alle tijden en ook de kwetsbaarheid van Cyrano is nog steeds voor iedereen herkenbaar: het feit dat hij zichzelf lelijk vindt en daarom Roxane zijn liefde niet durft te bekennen.

Koen van Dijk, die het geen bezwaar zegt te vinden een al bestaand verhaal als uitgangspunt voor zijn teksten te nemen (“de plot, de figuren en de beelden van Rostand zijn rijker dan wat ik had bedacht”), vertelt dat in 1973 al eens een poging is gedaan Cyrano de Bergerac als musical uit te brengen. “Het was een door Anthony Burgess geschreven versie die op Broadway is geflopt. Toen ik opnames ervan hoorde begreep ik waarom: ze hadden teveel ontzag voor de oorspronkelijke tekst. Alleen daar waar het geen kwaad kon waren er liedjes aan toegevoegd, maar dat betekende dat ze net zo goed weggelaten konden worden. In een musical moeten juist de cruciale en meest dramatisch momenten in muziek zijn omgezet. De muziek dient niet als versiering.”

Ad van Dijk: “Wij wilden deze musical in zijn geheel gezongen hebben. Dat past beter bij alle grote emoties en zo vermijd je abrupte overgangen tussen gesproken en gezongen tekst.”

Aangezien de theaterverzen van Edmond Rostand volgens Koen van Dijk en Ad van Dijk zich er niet toe lenen op muziek gezet te worden (“de voorstelling zou dan ongeveer acht uur duren”) zijn de zinnen ingekort. Monologen van zo'n 600 woorden zijn teruggebracht tot 120 woorden. De tekst is nu directer en minder wollig, vindt Koen van Dijk en dat moet omdat “een goeie song adem nodig heeft.”

Ook op een ander punt is tegemoet gekomen aan de wensen van het hedendaagse publiek: alles wat dramatisch van belang is moet te zien zijn, menen de makers. “We wilden geen bode die komt vertellen dat er een duel wordt gehouden. Dat moet te zien zijn, daardoor krijgt de voorstelling iets filmisch”, aldus Ad van Dijk.

Met 22 mensen op het toneel en 14 orkestleden is Cyrano - De Musical de grootste produktie waaraan hij ooit heeft gewerkt. “Toen ik als pianist begon was dit wat ik wilde: muziek schrijven voor omvangrijke ensembles. De Band van Möbius die ik met Koen heb gemaakt was een bescheiden aanzet, maar wel een goede oefening. We herkenden in elkaars werkwijze een schematische aanpak en we leerden niet te voorzichtig te zijn met elkaars produkten. We willen nu graag op deze voet verder. Vanaf volgende week hebben we weer tijd om te gaan nadenken over onze volgende musical.”

Ad van Dijk en zijn collega wijzen erop dat ze voorlopig in alle rust aan hun nieuwe project kunnen werken nu ze, dank zij Cyrano, een jaar lang verzekerd zijn van een inkomen. “Dat Joop van den Ende het aandurfde om met twee volstrekt onbekenden in zee te gaan en 8,5 miljoen te stoppen in een produktie waarvan het succes nog niet vaststaat, is ongelooflijk”, zegt Koen van Dijk. “Ons geluk is misschien geweest dat hij een grote voorliefde voor dit stuk heeft en al lang met het plan rondliep het nog eens uit te brengen.”

    • Noor Hellmann