EMS weer op volle spanning

AMSTERDAM, 16 SEPT. "Paradise , paradise regained' zullen de beleidsmakers op het Frederiksplein in Amsterdam momenteel denken! Door de gebeurtenissen afgelopen weekend en maandag (te kleine spilkoersaanpassing lire, renteverlaging door Bundesbank) is de gulden ten opzichte van de Duitse mark aanzienlijk in waarde gestegen. De "gevarenzone', waarin de Nederlandse gulden sedert 17 juli jongstleden verkeerde, is nu verlaten. Op enig moment noteerde de gulden zelfs 1,1259 gulden per Duitse mark, terwijl voor het afgelopen weekeinde nog koersen van bijna 1,1280 gulden te zien waren. Zoals bekend streeft de Nederlandsche Bank ernaar om de wisselkoers van de gulden ten opzichte van de Duitse mark rond de 1,1265 gulden te houden. De verzwakking van de gulden had De Nederlandsche Bank deels aan zichzelf te wijten: de discontoverhoging door de Duitse Bundesbank op 17 juli 1992, met 0,75 procent-punt, werd toen niet gepareerd door aanpassing van de officiële tarieven. Deze in beginsel goedbedoelde beleidskeuze pakte echter verkeerd uit, waaraan voor een belangrijk deel de op de Duitse discontoverhoging volgende ontwikkelingen debet zijn (dollarkoersdaling, oplopende spanningen in het EMS). Het is opmerkelijk dat de gulden zich nu heeft weten te herstellen. Immers, het Duitse disconto is per saldo nog steeds 0,25 procent-punt hoger dan op 16 juli het geval was, terwijl het Nederlandse disconto ten opzichte van genoemde datum met 0,25 procent-punt is gedaald. Uiteraard speelt hierbij de Lombardverlaging met 0,25 procent-punt een rol, doch de inzet van de Nederlandsche Bank is hoog. Gelet op de labiele situatie op de geld- en valutamarkten, kan het tij zich snel weer tegen de gulden keren. Dit kan actueel worden indien het "chantage scenario' optreedt. In het "chantage scenario' zetten de valutamarktpartijen het wisselkoersmechanisme weer sterk onder druk, met in het achterhoofd de idee dat als één centrale bank de verdediging van de eigen zwakke munt opgeeft, dit alleen zal gebeuren onder voorwaarde dat de Duitse centrale bank de officiële tarieven wat verlaagt (als één vinger wordt geboden, waarom dan niet de hele hand nemen). Een dergelijk scenario impliceert immers zeer volatiele wisselkoersen en bij dergelijke koersschommelingen is de valutamarkt nu eenmaal gebaat.

Wellicht dat mede met het oog op dit scenario de Bundesbank de rentedaling heeft beperkt, zodat er nog wat wisselgeld over is en voorts dat de Nederlandsche Bank de looptijd van de beleningen vooralsnog kort houdt, zodat snel kan worden ingespeeld op de zich wijzigende omstandigheden op de valutamarkten. Door variatie in het beleningstarief, dat in reactie op de Duitse renteverlaging gisteren met 0,4 procent-punt werd verlaagd, kan dan de druk op de gulden worden opgevangen.

Niet alleen deze overweging pleitte voor de korte looptijd van de nieuwste speciale belening, die tot 18 september loopt. Ook het zeer grillige patroon van het geldmarkttekort, dat mede door de speciale belening moet worden gedekt, noopt tot korte looptijden. Zo betekent de storting op de staatslening thans een groter geldmarkttekort, maar in de loop van de week zorgen betalingen door de overheid weer voor een significante daling van het tekort.

Bron: Economisch Bureau ING Bank