Veiligheidsraad: meer militairen naar Bosnië

ZAGREB, 15 SEPT. De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties stemde de afgelopen nacht in met het voorstel van secretaris-generaal Boutros Ghali om de VN-vredesmacht uit te breiden van 1500 naar 7.500 man.

Waar exact de vijfduizend man extra VN-troepen die ter bescherming van de humanitaire actie in Bosnië-Herzegovina gestationeerd zullen worden, staat nog niet vast, aldus een woordvoerder van het hoofdkwartier van Unprofor, de VN-vredesmacht in Joegoslavië, vanochtend in Zagreb.

China, India en Zimbabwe onthielden zich van stemming. De kosten van de operatie zullen, in afwijking van de gebruikelijke regels door de deelnemende landen worden betaald.

Voor de legering wordt gedacht aan vijf à zes lokaties, waar voorbereidingsteams van de VN inmiddels al naar geschikte onderkomens hebben gespeurd. Behalve Sarajevo zijn er in Bosnië-Herzegovina vier steden die door Servische eenheden omsingeld zijn en niet zonder meer vanuit Kroatisch gebied over land bereikbaar: Bihac (en omgeving), Jajce, Tuzla en Gorazde (en omgeving). Daarnaast bevinden zich op het door de Serviërs gecontroleerde gebied nog een aantal geïsoleerde plaatsen, waar bewapende moslem-eenheden weerstand bieden, zoals in de bergen bij Zvornik. In een aantal door de Serviërs gecontroleerde gebieden, waaronder het door de Serviërs gecontroleerde Westbosnische centrum Banja Luka, hongeren tienduizenden moslims en Kroaten die door een "beroepsverbod' getroffen zijn.

Volgens Unprofor-woordvoerster Shannon Boyd is in de marge van de nieuwe VN-resolutie geen nieuwe instructie voorzien ten aanzien van de omstandigheden waaronder de VN-troepen van hun wapens gebruik kunnen maken, de zogeheten rules of engagement. Dat hoeft ook niet, omdat hoofdstuk zes van het Handvest de troepen van de VN al voorheen de mogelijkheid bood “vuur te beantwoorden in het geval van een dreigende agressie die de missie in gevaar brengt”. Om de onpartijdigheid van de VN-troepen “maximaal op te rekken en het in Bosnië steeds aanwezige gevaar van escalatie te bezweren”, aldus de woordvoerster, heeft commandant Nambiar van de VN deze regels zeer nauw geïnterpreteerd, maar er is ook een ruimere, ten aanzien van agressie meer preventief werkende interpretatie denkbaar.

In kringen van de UNHCR en het Rode Kruis zijn inmiddels zekere reserves beluisterbaar ten aanzien van de zin van inzet van grote aantallen troepen bij humanitaire missies. De thans kennelijk voorgenomen bescherming van landkonvooien vanuit de havenstad Split naar de Bosnische hoofdstad Sarajevo is eigenlijk niet zinvol, aldus een functionaris van de UNHCR, sprekend op basis van anonimiteit. Deze route voert grotendeels door een door de Kroaten gecontroleerd gebied, en er hebben zich daar nog nooit moeilijkheden voorgedaan, aldus de functionaris. De potentiële moeilijkheden beginnen pas op het eind van de route, vlakbij Sarajevo, als het konvooi een aantal frontlijnen tussen Serviërs, moslems en Kroaten passeert.

Medewerkers van de UNHCR en het Internationale Rode Kruis hebben in de praktijk geconstateerd dat juist de aanwezigheid van de VN-militairen vuur aantrekt en tot militaire activiteiten rond de konvooien leidt, aldus deze bron, die de inzet van de VN-militairen “slechts in zeer specifieke gevallen zinvol” noemt.

Het Internationale Rode Kruis heeft Unprofor wel gevraagd om militaire begeleiding van de ongeveer 4.000 personen die een dezer dagen uit twee Servische kampen in Noord-Bosnië, Manjaca en Trnopole, zullen worden overgebracht naar een nog nader te bepalen opvangfaciliteit in Kroatië. Manjaca is gevuld met mannen die door de Serviërs als krijgsgevangenen worden beschouwd, in het geval van Trnopole zou het gaan om burgerbevolking die “uit bescherming” in het kamp zou zijn overgebracht.

Het Internationale Rode Kruis heeft inmiddels nog weet van andere Servische kampen met een totale bevolking van ongeveer 5000 mensen, die ook bezocht zijn. De eventuele evacuatie van deze mensen uit kampen meer naar het zuiden van Bosnië kan echter niet worden uitgevoerd voordat de nieuwe VN-troepen zijn gearriveerd, aldus een medewerker van het Rode Kruis.

Bij andere steden dan Sarajevo is de door de Servische politici in Bosnië toegezegde VN-controle over zware wapens nog niet voltooid, aldus de Unprofor-woordvoerster. Bij Bihac zijn vijf artilleriewaarnemers van de VN al aanwezig, negen zullen volgen, maar de Bosnisch-Servische "president' Radovan Karadzic heeft de desbetreffende overeekomst met de VN nog niet ondertekend. Het twistpunt daarbij is, net als bij Sarajevo, of ook de 82-mm mortieren zullen worden geconcentreerd en onder de VN-controle zullen vallen, of alleen zwaardere wapens.

Om dezelfde reden zijn de veertien geplande VN-waarnemers nog niet naar de omgeving van de stad Jajce vertrokken. Bij de gevechten in Sarajevo bleek gisteren overigens dat ook aan Servische zijde nog talrijke zware wapens in gebruik zijn die nog niet zijn geïnventariseerd, laat staat geconcentreerd en onder VN-inspectie gesteld.