Vrees voor verlies motivatie van mariniers in Cambodja

PHNOM PENH, 14 SEPT. Al voor zijn vertrek hadden militaire medewerkers hem voorzichtig laten weten dat het Nederlandse bataljon in Cambodja volledig aan haar eigenlijke taak toe moest komen, omdat er anders problemen zouden kunnen ontstaan. De mannen hadden het nu nog druk genoeg. Maar als de kampen waren ingericht en een deel van zone 1, waar zij hun werk moeten doen, afgesloten zou blijven, dan zouden mariniers wel eens minder gemotiveerd kunnen raken.

Maar afgelopen week in de wervelwind van zijn bezoek hield minister Ter Beek zijn eigen mening overeind. Er was bijna geen plek op de wereld waar het Nederlandse leger zo zijn mannetje stond als hier in het oerwoud van Cambodja. Na het succes in de Golf zou en moest de operatie ook hier slagen en ondanks de tegenwerking van de Rode Khmer en de onmogelijkheid hun gebied binnen te kunnen rijden, zal Nederland hier op volledige sterkte blijven. Nu het aantal mariniers verminderen zou verkeerd kunnen worden begrepen.

Straks in december gaat er dus opnieuw een bataljon naar Sisophon en van daar naar posten in de buurt van de grens met Thailand. Bij de uitzending betrokken officieren begrijpen de politieke stellingname van de minister wel, maar zij willen hem waarschuwen voor de gevolgen. “Wij kunnen niet, nu de kampen voor de vier compagnies goed zijn ingericht en we een aantal hulpprojecten zoals bruggen bouwen, wegen begaanbaar maken en medische verzorging uitvoeren, nog eens een half jaar "doorjutteren'. Wij kwamen hier om soldaten uit te schakelen en de vrede een kans te geven. Als dat maar half kan doen we ook ons werk maar half en dat wekt irritaties op zeker bij mariniers, die altijd voor de meest moeilijke opdrachten klaar staan”, zegt een van hen.

Binnen de staf wordt nu gedacht om rotatieschema's op te stellen. Pelotons van rond de veertig man gaan rouleren tussen de kampen waar actief patrouilles worden uitgevoerd en wapens ingenomen en posten waar de mariniers niet aan hun eigenlijke werk toe komen. Op die manier krijgen zij ook andere plekken in Cambodja te zien en worden spanning en gevaar en een minder verhoogde paraatheid wat afgewisseld.

Naast de mogelijkheid om na drie maanden veertien dagen verlof te nemen, het gros gaat naar Nederland, zouden de mariniers misschien ook nog enkele dagen de gelegenheid moeten krijgen om iets van de cultuur en historie van het land te zien zoals de tempels van Angkor Wat of de pagodes en het oorlogsmuseum in Phnom Penh. Misschien, zo menen stafofficieren, kan een aantal goed geïnstrueerde mariniers ook worden ingezet om leiding te geven aan de Cambodjaanse mijnendiensten die nu worden geformeerd of al actief zijn. Het is heel moeilijk daarvoor kader te vinden. Minister Pronk heeft daarnaast nog een half miljoen gulden ter beschikking gesteld om kleine ontwikkelingsprojecten bij de vier kampen te beginnen.

Maar het belangrijkste zal zijn om het bataljon dat straks komt voor te bereiden op het feit dat een groot aantal van hen ook in december mogelijk niet aan een deel van het eigenlijk werk toe komt. Noch prins Shihanouk, noch brigadegeneraal Roos, commandant van de VN-politie, zijn van mening dat de leiding van de Rode Khmer snel zal toegeven. Dan blijft het land opgezadeld met een militair macht die twintig jaar lang moord en doodslag heeft veroorzaakt op ongekende schaal. In totaal kwamen in de burgeroorlog drie miljoen mensen om, vaak op de meest gruwelijke wijze.

Roos is van mening dat UNTAC, (het VN-gezag), te laat tot ontplooiing is gekomen en nu geconfronteerd wordt met de vraag of permanente vrede mogelijk zal zijn als in mei '93 verkiezingen worden gehouden terwijl de Rode Khmer niet meedoet en haar militaire macht behoudt. Het Nederlandse bataljon heeft volgens generaal John Sanderson, de Australische commandant van het VN-leger, een van de allermoeilijkste opdrachten gekregen wat betreft terrein en vijand. De bataljons mogen alleen vrede handhaven en niet opleggen. Dat karwei is vrij uitzichtloos, waar geen vrede is.