Raad van State: toch vergunning voor verblijf

DEN HAAG, 14 SEPT. De afdeling rechtspraak van Raad van State heeft vorige week zes afgewezen asielzoekers in het gelijk gesteld die in aanmerking wilden komen voor een verblijfsvergunning op humanitaire gronden.

Het ministerie van justitie had hun een status als gedoogde aangeboden, maar die biedt minder garanties tegen uitzetting dan een reguliere verblijfsvergunning. De uitspraken van de Raad van State ondergraven de aparte gedoogdenregeling die sinds 1 januari dit jaar van kracht is.

In de zes zaken, van twee Iraniërs, twee Afghanen, een Somaliër en een Srilankaan, vond de afdeling rechtspraak telkens de motivatie van Justitie innerlijk tegenstrijdig. De betreffende asielzoekers mogen volgens justitie wel als gedoogde in Nederland verblijven omdat gedwongen uitzetting strijdig is met artikel 3 van het Mensenrechtenverdrag. Dit artikel bepaalt dat niemand mag worden onderworpen aan foltering of onmenselijke en vernederende behandeling. Maar tegelijkertijd vindt Justitie dit onvoldoende grond om deze vreemdelingen een verblijfvergunning te geven “om redenen van klemmende humanitaire aard”.

De afdeling rechtspraak stelt dat Justitie nauwkeurig moet aangeven waarom deze vreemdelingen wel als gedoogden moeten worden toegelaten en waarom ze geen verblijfvergunning mogen krijgen.

Als de Raad van State ook toekomstige, breder gemotiveerde beslissingen van Justitie blijft afwijzen, komt volgens een woordvoerer van dit departement het hele gedoogbeleid op de helling te staan. “Verdwijnt de nieuwe regeling, dan kunnen er twee dingen gebeuren: óf mensen krijgen eerder een verblijfsvergunning, óf er wordt scherper gekeken of iemand tóch niet terugkan naar het land van herkomst”, aldus de woordvoerder.

Justitie hanteert sinds begin dit jaar de gedoogdenregeling voor afgewezen asielzoekers die niet uitgezet kunnen worden vanwege een precaire situatie in het land van herkomst. De gedoogden mogen voorlopig in Nederland blijven totdat ze wel terug kunnen. Lukt dat niet binnen drie jaar, dan krijgen ze automatisch een verblijfsvergunning. De regeling is aan zo'n 5.000 mensen aangeboden, maar nog eens 3.000 afgewezen asielzoekers die al langer in ons land zijn komen er voor in aanmerking.

De Vereniging VluchtelingenWerk had kritiek op de gedoogdenregeling en vond dat Justitie net zo goed meteen een verblijfsvergunning kon afgeven. Dat ziet het departement anders: iemand met een verblijfsvergunning is niet meer uit te zetten. En het gaat tenslotte om afgewezen asielzoekers. Zo is jarenlang niet uitgezet naar Ethiopië maar is daar sinds kort weer mee begonnen omdat de situatie dat toelaat. “De gedoogdenregeling is voor ons wezenlijk anders dan een verblijfsvergunning”, aldus de woordvoerder.