De briljante toepassingen van de premier

Wat doet minister Koos Andriessen van economische zaken in zijn vrije tijd? Hockeyen? Vlinders verzamelen? Niets daarvan.

Als "workaholic' (de minister over zichzelf) schrijft hij boeken. Of beter: hij heeft voor het Nederlandse taalgebied een "klassiek' leerboek economie geschreven en waakt er sedertdien voor dat het klassiek blijft.

De eerste druk rondde Andriessen af in 1964 tijdens zijn eerste ministerschap. “Verder heb ik bijna mijn hele leven de vele herdrukken meegesleept om ze in vliegtuigen te actualiseren, want ik had nooit tijd.” Vanaf de tweede druk is "Economie in theorie en praktijk' bewerkt door professor Arnold Heertje en vanaf de zevende druk werd deze Amsterdamse hoogleraar co-auteur. Inmiddels zijn er 150.000 exemplaren verkocht.

Donderdag overhandigde Andriessen het eerste exemplaar van de achtste druk (prijs 87,50 gulden) aan minister-president Ruud Lubbers, volgens de auteur “eén van de meest briljante toepassers die ik ooit heb gekend”. Lubbers heeft een fijn gevoel voor conjunctuur, aldus Andriessen, een goede neus voor structurele aanpassingen. Op het juiste moment (1982/1983) brak Lubbers, nog steeds volgens Andriessen, met het Keynesiaanse beleid en koos voor de aanbod-economie via no-nonsens beleid, hij kent de ware betekenis van de prijs- en de substitutie-elasticiteit en weet dat de discussies over laatste tienden van procenten vooral politiek is en geen economie.

Hij zegt het altijd zo charmant maar ik bespeur een dubbele bodem, gniffelde Lubbers (drs. economie: “Ik ben in dit vak niet echt afgestudeerd”) terwijl hij door het boek bladerde. Op bladzijde 373/374 had hij een kleine ode, zonder dubbele bodem, aan zijn politieke werk kunnen lezen. Daar staat: “Bij wijze van reactie op de sterke expansie van de publieke sector in de jaren zestig en zeventig hebben de kabinetten-Lubbers veel aandacht besteed aan deregulering en privatisering. Aan de orde is de doelmatigheid van regels en normen. (...) Ook over de effectiviteit van belastingen en subsidies wordt meer nagedacht. (...) In al deze gevallen wordt meer nadruk gelegd op efficiency, doelmatigheid en groei en wat minder op rechtvaardigheid en verdeling dan vroeger het geval was.”

De minister-president kan zeer tevreden zijn over zijn minister. Economie een waardevrije wetenschap? Lubbers: “Het is een dialoog met de werkelijkheid.” (CB)