Het einde van Kohl

OVER RUIM TWEE weken, op 1 oktober, is Helmut Kohl tien jaar kanselier van de Bondsrepubliek Duitsland. Of eigenlijk, hij heeft dan acht jaar kanselierschap in West-Duitsland en nog eens twee jaar in het verenigde Duitsland achter de rug. Bovendien is hij intussen 19 jaar voorzitter van de CDU, de partij waarin hij als oppositieleider, voor '82 alle concurrenten aftroefde, en nadien vele partij-interne vernieuwers en andere dissidenten een kopje kleiner maakte.

Grote volkspartijen hebben het moeilijk, dat is ook in Duitsland zo. Ja, dat was in Duitsland duidelijk al zo voor de omwentelingen van 1989/'90 die van de aangeslagen CDU-chef Kohl ineens de eenheidskanselier, de in Oost-Duitsland verafgode “zwarte reus”, maakten. Want voordat de Duitse eenwording Kohl een onverwacht belangrijk hoofdstuk bezorgde in de nationale en internationale geschiedenis, stonden hij en zijn partij er bij de kiezers al slecht voor.

DAT WAS OP zichzelf vreemd voor zover het om het gevoerde beleid ging. Kohl is niet alleen de man die als opvolger van de SPD'er Helmut Schmidt ondanks een bijna-burgeroorlog de plaatsing van nucleaire middellange-afstandswapens in Duitsland doorzette, en dat dat juist was en de gewenste gevolgen in Moskou had wordt zelfs dáár al sinds jaren niet meer bestreden. Nee, Kohl is ook de man die in Europa een zeer stevige bijdrage heeft geleverd aan zowel het ontstaan van de komende vrije binnenmarkt als het integratieproces dat eind '91 in Maastricht zijn voorlopige bekroning vond in de EPU- en EMU-verdragen.

Meer dan dat: de kabinetten-Kohl zorgden sinds 1982 voor sanering van de Westduitse economie, ruimden de tekorten en de staatsschuld op die Schmidt had nagelaten en stonden aan het roer terwijl het land een fantastische periode van zeven jaar onafgebroken hoogconjuctuur meemaakte en de VS en Japan als wereldkampioen export achter zich liet. De staatsschuld die Schmidt naliet was, wel te verstaan, verhoudingsgewijs groter dan de huidige, die alles te maken heeft met de even unieke als geldverslindende taak om een andere Duitse erfenis op te knappen, namelijk die van de DDR. Kohls hoofdstuk inzake de Duitse eenwording en de voorafgaande geschiedenis geven Schmidts grote verwijten van vandaag (“de dilettanten regeren in Bonn”) een typische smaak.

MAAR, ZOVEEL is zeker, van het renommée van de eenheidskanselier is twee jaar later weinig meer over, in Oost- noch West-Duitsland. Hij is met zijn partij weer terug in 1989 en wiebelt even boven 30 procent in de opiniepeilingen. De economie stagneert in het westen en de beloofde “bloeiende landschappen” in het oosten lijken nog eindeloos ver weg. En alsof dat nog niet genoeg is gaat er ook nog een ellendige golf van rechtsradicale aanslagen op buitenlanders door het land dat eerder met succes vijf miljoen buitenlanders integreerde.

Deze week heeft Kohl in de Bondsdag op een voor hem ongewone manier fouten en misrekeningen toegegeven in de beoordeling van de kosten en de duur van de opbouw van Oost-Duitsland. Hij staat met zijn veel te optimistisch gebleken taxaties niet alleen, maar hij is wel de eerstverantwoordelijke. Nog steeds is de kanselier in zijn partij te sterk om opzij gezet te worden, maar niet sterk genoeg om zijn coalitie de nodige vaart te geven. In de SPD, die andere grote volkspartij, heeft partijvoorzitter Björn Engholm juist een koerszwenking ingezet. Die moet wat hem betreft beslissend zijn voor de vraag of de SPD in de Bondsdagverkiezingen van 1994 niet als “Gesinnungspartei” even boven 30 procent uitkomt maar als “Verantwortungspartei” in de buurt van 40 procent. Het nu in zijn partij woedende debat maakt niet optimistisch over de afloop.

UIT EEN RATJETOE van uiteenlopende opties en suggesties, en bij een inmiddels alweer aanmerkelijk verslechterde wederzijdse stemming, wil Kohl nu met de deelstaten, de sociale partners en de SPD een nationaal “solidariteitspact” smeden. Het is de eerste keer in tien jaar dat de kanselier eigener beweging zo'n grote “a-politieke” doelstelling lanceert. Het heeft er ook daarom veel van dat het aftellen voor Helmut Kohl nu is begonnen. Zijn nederlaag in 1994 lijkt vast te staan als er voordien geen economisch wonder in Oost-Duitsland geschiedt. Als Engholm de kous op de kop krijgt in de SPD staat de rest van het verhaal goeddeels vast: doormodderen tot de kiezers in '94 niet een duidelijke meerderheid aanwijzen maar de aangeslagen volkspartijen CDU en SPD tot een grote coalitie verplichten. Dan komt ook het einde van Helmut Kohl.