Een college monetaire economie in de trein

ST. PETERSBURG/MOSKOU, 12 SEPT. De wisselkoersen die de Izvestia publiceert, kunnen Valerij Petrovitsj gestolen worden. Want wat de Russische staatsbank voor Westerse valuta geeft, heeft met zijn werkelijkheid niets te maken. Uit het oogpunt van monetaire ordening is dat uiteraard slecht. Valerij Petrovitsj kan dan ook makkelijk enige uren doorklagen over het gebrek aan “commerciële structuren” in Rusland. Maar ondertussen doet hij er dezer dagen wel onbeschroomd zijn voordeel mee.

De kwestie is deze: in welke munteenheid reken je als Russisch biznisman, in de sacrosante Amerikaanse dollar of in andere valuta? De meesten doen het eerste. Valerij Petrovitsj daarentegen doet het tweede. Hij heeft de dollar opgegeven en zoekt het nu in de Zwitserse frank. “De stabielste munteenheid ter wereld”, weet Valerij, ooit athletiek- en karatetrainer en nu jeugdig zakenman.

Helemaal mee eens, zeg ik, terwijl we per Rode Pijl op weg zijn van St. Petersburg naar Moskou, dat wil zeggen, van het "hoofd' naar het "hart' van Rusland. De roebel is immers de enige munt die nog harder keldert dan de dollar.

Een beetje zekerheid kan geen kwaad als je in de handel zit. En dat ziet Valerij Petrovitsj. Hoewel woonachtig in Chabarovsk, helemaal aan de andere kant van het Russische Rijk, verzorgt hij ook hier de levering van Westerse importgoederen. Zoals al die blikjes Belgian Premium Pils, een waterig in Griekenland gebrouwen drankje, dat de naam pils weliswaar niet verdient maar desondanks aftrek vindt bij de duizenden commerciële straatkiosken die nu her en der in het land massaal worden opgetrokken.

Maar ik blijk het helemaal verkeerd begrepen te hebben. Een kort college Russische markteconomie is onontkoombaar. Valerij Petrovitsj denkt helemaal niet alleen in Zwitserse franken terwille van het gemak.

Want wat is het geval? Dat er in een dollar nog maar 210 roebels gaan, is bekend. Dat heeft zijn positie als importeur er niet eenvoudiger op gemaakt. Je zou denken dat deze er nog treuriger uit zou zien als Valerij Petrovitsj in Duitse marken, guldens of Zwitserse franken zou moeten betalen. Die zijn er de laatste maand ten opzichte van de dollar immers tien procent op vooruit gegaan.

Dat nu is echter een typische Westerse gedachtengang. En daarmee komen we hier in Rusland uiteraard niet verder. Weliswaar publiceert de Izvestia trouwhartig de koersen van de Staatsbank die keurig gelijke tred houden met de mondiale valutamarkten. Als een dollar tegen de 210 roebel opbrengt dan is een Duitse mark conform New York, Frankfurt en Zurich inderdaad ruim 150 roebel waard en een Zwitserse frank bijna 169. Maar in eigen land liggen de verhoudingen heel anders. Valerij Petrovitsj kan op de voormalige "zwarte markt' in St. Petersburg namelijk Zwitserse franken krijgen voor maar liefst 125 tot 130 roebel, ongeveer 23 procent onder de prijs die de Westerse gek er bij een officiële bank voor zou geven en meer dan dertig procent onder de koersen op de Petersburgse zwarte markt, waar tijdens zijn recente zakenreis 235 tot 245 roebel voor een dollar moest worden betaald. Zelfs het vakblad Kommersant heeft het nog niet door. Daar denkt men nog “sluw” te zijn met een artikeltje over de aantrekkelijkheid van Duitse marken die, met uitzondering van Jekaterinaburg, ook bijna overal een paar procenten onder de mondiale prijs worden verkocht.

Waarom is die Zwitserse frank zo lucratief? Omdat er weinig aanbod is in Zwitserse franken, legt Valerij Petrovitsj uit. “Dat is toch logisch.” Helemaal niet. Gelet op de wet van vraag & aanbod van Heertje en welke econoom niet al, zou je precies het omgekeerde verwachten. “Ha, ha. Natuurlijk niet! Er is ook geen vraag naar. Wie wil er hier nu Zwitserse franken hebben? Ze kennen de munt niet eens. Je denkt toch niet dat we in een normale markteconomie leven, we leven gewoon in chaos. Alleen met een sterke arm kunnen er commerciële structuren worden geschapen.”

Valerij Petrovitsj is een witte raaf. Niet omdat hij een krijtstreep en zwarte brogues draagt en 's nachts zelfs in een zwart trainingspak slaapt. Nee, hij is het omdat hij als een der weinige Russen weet dat echt geld niet persé "groen' hoeft te zijn maar dat blauw of elke andere kleur dan. Terwijl de dollarmanie om hem heen zich naar brede lagen van de bevolking aan het uitbreiden is, beseft Valerij Petrovitsj, notabene uit een godverlaten oord als Chabarovsk, dat Greenspan en de FED niet heilig zijn. Het moment dat hij de gulden als een nog interessanter speculatiesubject ziet, is niet meer ver weg. Hij heeft de tip in de Rode Pijl in ieder geval in beschaafde dank aanvaard.