Duitse methode verdringt Zweeds Model; Bildt danst niet op de bonden à la Thatcher

STOCKHOLM, 12 SEPT. Het Stadshuset met de karakteristieke toren weerspiegelt een kille schoonheid. Het nabijgelegen Kungliga Slottet, de residentie van Koning Carl Gustav, ligt er in het schrille licht al even mooi en ongenaakbaar bij. Volvo's en Saabs rijden door de serene hoofdstad Stockholm. Zweden beleeft een echte crisis, maar aan de buitenkant valt daar weinig van te merken.

Nooit kende het land een werkloosheid van meer dan een à twee procent. Door de aanhoudende recessie zijn nu bijna driehonderdduizend Zweden zonder baan, dat is ruim zes procent van de beroepsbevolking. Voor Stockholm wordt voor eind dit jaar al rekening gehouden met een werkloosheid van tien procent. In de industrie ligt de werkloosheid al op 11,3 procent. En in de bouwnijverheid is zelfs zeventien procent van de mensen werkloos als gevolg van de instorting van de (door speculatie gegroeide) onroerend-goedsector.

Het haast tot een cliché geworden "Zweedse model', dat tijdens zestig jaar vrijwel ononderbroken sociaal-democratische alleenheerschappij voor volledige werkgelegenheid zorgde, is uit elkaar gevallen. De organisatie voor de arbeidsmarkt AMS stond min of meer symbool voor het succes van de effectieve Zweedse aanpak. Maar onlangs werd de samenwerking tussen vakbeweging, werkgevers en overheid, altijd het wezen van de organisatie, verbroken. De werkgevers trokken zich terug. De tijd van tripartite eensgezindheid is voorbij. “Wij willen niet langer onze handen binden,” aldus vice-voorzitter Jan Herin van de werkgeversorganisatie SAF. In het bestuur van de AMS zitten nog slechts door de regering benoemde personen. Vakbeweging en werkgevers zijn alleen in een vrijblijvende adviesraad vertegenwoordigd.

De taak en de instrumenten van de AMS, die in het hele land regionale vertakkingen heeft, zijn er onveranderd op gericht zoveel mogelijk Zweden aan een baan te helpen. Onwilligen verliezen in het Zweedse systeem hun uitkering. “Maar we kunnen momenteel de groeiende stroom werklozen niet meer absorberen,” zegt stafmedewerker Karl Martin Sjöstrand. Ongeveer 90.000 mannen en vrouwen participeren in onderwijsprogramma's; 50.000 personen hebben werk met een uitkering; 70.000 jongeren hebben praktijkplaatsen. De AMS kan dus niet meer dan circa vier procent van de beroepsbevolking uit de werkloosheidsregistratie houden. Volgens Sjöstrand komt het arbeidsmarktbeleid in de lucht te hangen, omdat in tegenstelling tot vroeger andere stimulerende maatregelen ontbreken.

De vakcentrale LO pleit al enige tijd voor investeringen in de infrastructuur, ook al omdat de werkloosheid in de bouw het grootst is. Hiervoor is volgens "het Zweedse FNV' 40 à 50 miljard kroon (13 tot 15 miljard gulden) nodig. “Van elke uitgegeven kroon vloeit 0,8 kroon weer terug in de schatkist door belastinginkomsten en besparing op werkloosheidsgelden,” is de stelling van chef-econoom P.O. Edin van LO. Maar de werkgevers geloven niet in dit soort "inverdieneffecten'. De centrum-rechtse minderheidsregering van premier Carl Bildt voelt er om dezelfde reden ook niets voor, omdat zij het financieringstekort moet terugdringen. Dat loopt in de huidige recessie door tegenvallende belastingontvangsten en werkloosheidsuitgaven snel op tot ruim 90 miljard kroon dit jaar, lang niet genoeg om aan de toelatingsnorm (drie procent van het BNP) voor de Europese Monetaire Unie EMU) te voldoen.

De regering-Bildt zal er misschien nog spijt van krijgen dat zij de structuur van de AMS heeft gewijzigd, want een maatschappelijk compromis is nu veel minder gemakkelijk bereikbaar. Zeker voor een minderheidsregering is dat een grote handicap.

Over het stringente monetaire beleid van de Riksbank mag in Zweden dan consensus bestaan, bij sociaal-economische vraagstukken is dat veel minder het geval. Juist op het gebied van het sociale zekerheidsstelsel heeft de Zweedse regering omstreden voorstellen voorbereid. Zo wil zij twee karensdagar, ofwel de eerste twee ziektedagen voor rekening van de werknemer; vermindering van het ziekengeld in de eerste week tot 65 procent; verhoging van de bijdragen van de ouders voor kinderopvang; toegezegde belastingverlagingen zouden alweer op de helling zijn gezet.

De vier regeringspartijen zijn het onderling nog niet eens. Zij hebben in elk geval de steun nodig van een van de oppositiepartijen, de (rechts-populistische) "Nieuwe Democraten' of de sociaal-democraten.

De vakcentrale LO bereidt massale acties voor op 6 oktober, wanneer het Zweedse parlement van reces terugkomt. Of LO ook werkelijk acties van de grond krijgt? Bestuurder P.O. Edin geeft onmiddellijk toe dat de vakbondsmacht in Zweden “dramatisch is verminderd”. De tijd dat LO op centraal niveau over lonen kon onderhandelen bij volledige werkgelegenheid is voorbij. De werkgevers willen zulke onderhandelingen niet meer. Bovendien is de eensgezindheid binnen de LO zelf afgenomen. Zo is de ambtenarenbond sceptisch over een eventueel Zweeds EG-lidmaatschap, omdat dit overheidsbezuinigingen en dus banenverlies met zich meebrengt. Andere bonden zien veel meer de voordelen.

Vice-president Jan Herin van de SAF meent toch dat de regering van conservatief Carl Bildt een vorm van compromis wil bereiken, al was het alleen maar omdat zij op een aantal punten de sociaal-democraten nodig kan hebben. Herin: “Bildt zal niet als Thatcher op de vakbonden gaan dansen. Hij hanteert meer het model van Duitsland”. De werkgevers willen volgens Herin ook hun bijdragen blijven leveren. Bijvoorbeeld door de capaciteit van het AMS uit te breiden “om geen generatie werklozen verloren te laten gaan.”

De regering-Bildt gaat in 1994 verkiezingen tegemoet. Het toeval wil dat dan ook het referendum over toetreding tot de EG plaatsvindt. Het hele politieke establishment is vóór. Maar als tegen die tijd de werkloosheid niet de kop is ingedrukt, zou de uitslag wel eens behoorlijk kunnen tegenvallen.